Verslaggeverscolumn Margriet Oostveen

De braafste trouwjurken van Nederland zijn opeens te wuft

Een crèmekleurige Mini ­cabrio vol uitgelaten vrouwen zwiert de parkeerplaats op van The New Bride in christelijk Barneveld: klaar voor een uren durende pasafspraak tussen de nieuwste trouwjurken.

Binnen is het een soort suikertaart van ruisend tule, kant en fondantzoete verkleinwoordjes: satijnen schoentjes, corseletjes, kousenbandjes van Poirier.

Ze zijn hier dus niet ‘de Amish, of zo’, zegt eigenares Marlies ten Hoedt. Marlies heeft een eigen atelier en tien verkoopsters en coupeuses: ‘En die zijn van alle gezindten.’

Atelier The New Bride. Vooraan een refo-jurk.

Refo-bruiden vormen wél de helft van haar cliëntèle. En het is daarom niet de bedoeling meteen maar op te schrijven wie precies wat gelooft – daar zijn refo-klanten heel gevoelig voor. Zeker sinds de synode van de Gereformeerde ­Gemeenten in Nederland twee ­weken geleden in Barneveld ­besloot de kerkenraden andermaal op te roepen zich strenger aan de kledingvoorschriften te houden: een trouwjurk moet ‘eenvoudig, eerbaar en stemmig’ zijn.

Ook in 2019 waren de gereformeerde bruidsjurken al keurig hooggesloten. En hebben ze brave mouwen, liefst driekwart of lang. Het probleem voor de ouderlingen zit hem in de kleur.

De strengst bevindelijke bruiden van Nederland moeten ‘gekleurd’ trouwen, in een gedekte, liefst donkere jurk. En daar gaan deze vaak moderne, werkende refo-bruiden al jaren best sportief mee om. Ze ­bedachten er gaandeweg gewoon hun eigen trends bij. Zoals nu de pasteltinten.

‘Eenvoudige’ jurken tussen de 1.500 en 3.500 euro: The New Bride past in het eigen atelier iedere ­moderne jurk aan refo-wensen aan. Kleurstalen vol kleuren hebben ze in huis: taupe, violet, licht oker, ­babyblauw, mintgroen, licht roze met de naam ‘blush’. En twee spe­ciale paskamers van enorme afmetingen: alle moeders en vriendinnen passen erin, mét koffie en lekkers, zodat de kleur van de jurk niet uitlekt, want dat is nu de sport ­geworden.

Kleurstalen voor trouwjurken.

Bij The New Bride komen klanten tot uit Zeeland en Groningen. In het atelier naait een stagiair met de hand tientallen witte bloemetjes van kant op een prachtige zandkleurige jurk (‘Zo wordt de jurk wat lichter en toch niet wit’). Mooi vakwerk, vrolijke sfeer.

En nu vinden de in donkere ­pakken geklede ouderlingen op hun synode dat, anno 2019, trouwjurken in zachte tinten te veel op wit lijken.

Waarom is kleur zo belangrijk? Dat dankt de refo-bruid aan de kerkscheuring uit 1953 binnen de Gereformeerde Gemeenten. Tot die tijd trouwden alle behoudende ­gereformeerden in het zwart; na de scheuring schakelden veel refo’s vrolijk over op wit, net als de lichtere kerken. De strenge Gereformeerde Gemeenten in Nederland verafschuwden dat: met wit kwam ‘de wereld in de kerk’. Sindsdien werd gangbaar dat een trouwjurk hier een ‘gedekte’ kleur moet hebben. Geen wit.

Ouderlingen die de kleur van de bruidsjurk nu weer donkerder willen zien, willen dus vooral bewijzen dat ze nog steeds strenger in de leer zijn dan die aan de overkant van de rivieren. En zoals in meer ­religies, zijn ook deze fundi’s vooral manhaftig ten koste van dat beetje vrije dat vrouwen in de tussentijd verwierven. Een ingezondenbriefschrijver in het Nederlands Dagblad noemt het laatste bruidsjurkenstandpunt al ‘volstrekt nodeloos wetticisme’.

Kant om het eerbaar te maken.

Nederland telt zes bruidswinkels met dit type refo-jurken. Wat er meestal op neerkomt dat ze ­eigen coupeuses hebben, omdat de kledingcode dankzij alle creatieve vindingrijkheid van de refo-bruiden al van kerk tot kerk verschilt. Het ligt er nu vaak maar aan welke dominee je hebt. Hoe tolerant die is.

Ik bel met de eigenaar van nog een andere bruidsmodewinkel, die uitsluitend geloofsgenoten van de Gereformeerde Gemeenten in ­Nederland bedient. Deze eigenaar wil na enig nadenken zonder zijn naam in de krant (bekend ter ­redactie). Hij is bang om klanten te verliezen als bekend wordt dat hij zo vriendelijk en openhartig met de wereldlijke media telefoneert. Maar hij wil het wel zéggen: ‘Er is nu zoveel verschil dat mensen het zelf ook niet meer weten. De situatie is nu zo dat een ivoorkleurige jurk in Elspeet bij wijze van spreken wel mag, en in Nunspeet niet. Binnen dezelfde kerk.’

Hij vindt dat eenvoud en eerbaarheid nu eenmaal bij zijn kerk horen (‘dat wéét je dan gewoon’). Aan de andere kant: hij heeft zeven dochters. ‘En die zeggen nu al: ik wil toch wel heel graag een trouwjurk in ivoor.’

En? Mag het?

Met een lach en een zucht: ‘Ja, dat mag. Maar niet uitgesneden. En met een mouwtje.’

Ook dat is dus vooruitgang.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden