Column Sylvia Witteman

De anonieme roem van 404

Het boekje Anti-fame, voor iedereen die overweegt beroemd te worden of het juist niet meer wil zijn kocht ik voornamelijk uit nieuwsgierigheid naar de anonieme auteur. Hij of zij zegt ‘schrijfster (m/v)’ te zijn (ik denk dat het een man is) en noemt zich ‘auteur 404’ naar de beruchte http-foutmelding ‘404: page not found’. Wie zou dat zijn?

‘Ik was ooit beroemd’, aldus 404, om vervolgens een reeks slagen om de arm te houden: ‘Een aantal jaar achter elkaar ben ik steeds bekender geworden, tot ik binnen relatief grote kring een bepaalde cultstatus had bereikt met de potentie om in de loop der jaren uit te groeien tot een volwaardige BN’ner.’ Tsja, dat kan ­zowat iedereen zijn.

‘Ik werd een paar keer per week herkend op straat, er waren geregeld verzoeken van bedrijven om hun kledingmerk te dragen en Arie Boomsma vroeg me hoe het ging als we elkaar tegenkwamen. Arie Boomsma kennende doet hij dat waarschijnlijk bij iedereen, dus dat zegt verder niks.’ Dat klopt! Toen ík Arie eens tegenkwam, knikte hij me vriendelijk ­lachend toe, terwijl we elkaar nog nooit ontmoet hadden.

Leuk, maar intussen wist ik nog steeds niet wie 404 was. Een beetje slordig is hij sowieso. Hij noemt zijn boek een ‘zelfhulpboek; een soort All Quiet From The Western Front van Erich Maria Remarque, maar dan met minder mosterdgas’. Ten eerste: waarom zou je een Duits boek (Im Westen nichts Neues) in het Engels aanhalen, en dan ook nog verkeerd (het is niet ‘from’ maar ‘on’ the western front) en ten tweede: Im Westen nichts Neues, een zelfhulpboek?!

Anti-fame wordt in diverse media aangeprezen als ‘humoristisch’, en inderdaad bedient de schrijver zich van lollig bedoelde metaforen als ‘Griekse goden hebben het verstand van een amfetamine snuivende peuter in een snoepwinkel’, ‘Beroemdheden zijn de overrijpe ­banaan in een wereld waarin fruitvliegjes aandacht zijn’ of ‘De muziek van zowel Gerard Joling als Gordon wekt bij mij dezelfde levensvreugde op als het idee te moeten duiken in een zwembad vol roestige koksmessen ingesmeerd met het ebolavirus.’

Dit soort metaforen geven mij het gevoel dat iemand krijgt die een documentaire over de holocaust moet kijken met een lachband eronder gemonteerd. Of zo iets. En ook hoofdstuktitels als ‘Roem en internet: Moderne redenen waarom het 100 procent lamatestikels zuigt om ­beroemd te zijn in de tijd van likes en retweets’ deden me bijna besluiten het boek weg te leggen.

Ik deed het niet. Want eerlijk is eerlijk: afgezien van dit alles is Anti-fame nog helemaal niet zo’n onaardig boekje. Het handelt over interessante vragen; wat roem precies is, wat roem met je doet, verschillende oorzaken van roem (‘symptoomroem’, ‘faambitie’) de verschillende niveaus van roem (‘loflevel 0: de mensen die door niemand worden gekend. Dit is geen leuk niveau. Niet voor jou, maar ook niet voor de wijkagent die zes weken na je overlijden je huis komt binnenlopen’) een uitleg van Dunbars number (de neurologische grens aan het aantal vriendschappen dat je als individu kunt onderhouden is 150), een lange lijst met nadelen van roem (stalkers, haters, ophef, en ja: beroemd ben je 24 uur per dag) gevolgd door tips om roem te voorkómen of, mocht dat mislukt zijn, er comfortabel mee te leven: nuchter blijven, niet met parasieten omgaan, selectief in de media verschijnen, ga naar het buitenland als je ongestoord de dingen wilt doen die je leuk vindt, en zet in eigen land op straat een capuchon op.

Prima tips. Maar ik weet intussen nog steeds niet wie 404 is, en daar kan ik niet tegen. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden