column nico dijkshoorn

De analyse van het lichaam van Giel gaat eigenlijk over Nico Dijkshoorn zelf

Ik droom van Giel Beelen. Gillend, zegt Tanja. Dat komt door Giel zijn huidige sportschoollichaam. Als ik moet uitleggen hoe Giel er nu uitziet dan zou ik zeggen: hoofd als een speldenknop boven op een met touw ingebonden varkenshaaslichaam. Ik moet huilen nu ik het opschrijf.

Giel zag er juist altijd zo fijn uit als de te vondeling gelegde zoon van Mao. Als een man die na 16 jaar radiomaken heel voorzichtig weer aan het daglicht moest wennen. Zo beleefde ik Giel, als iemand die ongezond leven definitief op de kaart zette. Die Giel heeft nu een middenrif dat lijkt op zes vacuüm verpakte ossenworsten.

Prachtig en heel knap, maar waar ik steeds zo van schrik is zijn hoofdje. Het lijkt gekrompen. In Melanesië hadden ze ooit Giel zijn hoofd aan hun riem hangen. Ik denk dat Giel heeft getraind in een sportschool met communicerende vaten. Hoe harder je maag wordt des kleiner wordt je hoofd. Ik kijk nu – tijdens het schrijven – naar een foto van Giel in een minuscuul zwart zwembroekje en hij lijkt op een superheld.

Shrinkhead. Hij die opkomt voor mensen met heel weinig hoofd en heel veel ideeën. Ooit in een ketel vol anabolen gevallen en gewoon door blijven lullen. Als Giel kwaad wordt, bijvoorbeeld omdat zijn rijbewijs voor de 19de keer is ingevorderd, dan verandert hij in… Shrinkhead!

Overigens, en vraagt u mij niet waarom ik dat deed, zoomde ik extreem in op het sportbroekje van Giel en ik weet bijna zeker dat er een piepklein stukje voorhuid tussen het elastiek en zijn lies zit. Misschien dat ze daar zijn nekje iets dikker mee kunnen maken. Het is maar een idee.

Maar dat dromen en het gillen, dat komt ergens anders vandaan. Het gaat weer eens over mijzelf. Jaren geleden besloot ik ook iets met gewichten te gaan doen. Ik wilde geen personal trainer, want die moet je dan vragen hoe het met hem of haar gaat en daarna gaan ze je de film A Star is Born uitleggen of ze hebben net problemen met hun oudste broer.

Ik werkte helemaal alleen aan mijn armen. Ik weet niet waarom. Niemand ziet mijn armen. Nooit. Het leek me het eenvoudigst. Ik zag de machine waar je je in moest vouwen als je aan de beenspieren wilde werken en dat leek me meer een werktuig waarmee in Game of Thrones eenogige dwergen uit elkaar worden getrokken.

Ik heb drie kwartier op een bankje gezeten en gewichten naar mijn borstkas toe bewogen. Ik voelde mij goed. Dat riep ik naar Tanja, toen ik weer thuiskwam. ‘Heerlijk, had ik veel eerder moeten doen.’

De volgende ochtend moest ik met mijn tanden een handdoek van het hangertje trekken. Mijn armen waren dood. Overleden. Ik probeerde mijn handen naar het hoofd toe te bewegen. Ik kwam tot mijn navel. Mijn armen waren veranderd in twee zakken steenkool. Au, zei ik. Want het deed au. Mijn armen voelden erg kapot.

Ik heb die ochtend met mijn neus koffie gezet en daarna liggend, met mijn laptop ter hoogte van mijn knieën, een column getikt. Drie dagen lang voelde ik hoe het is om zonder armen te moeten leven. Het enige voordeel dat ik kan bedenken: als ik het had gewild, zou ik niet met een Nederlandse vlag hebben kunnen zwaaien. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.