De Amerikaanse overheid is ontworpen om inefficiënt te zijn

Alom worden vragen gesteld over de gezondheid van de politieke instituties van Amerika en de toekomst van zijn mondiale positie. Maar is de situatie echt zo slecht? Volgens politicologe Sarah Binder is de ideologische kloof tussen de politieke partijen niet zo groot geweest sinds het einde van de 19de eeuw. Maar ondanks de huidige patstelling heeft het 111de Congres het klaargespeeld om er een grote fiscale stimulus, hervorming van de gezondheidszorg, financiële regulering, een wapenwet en een herziening van het legerbeleid over homoseksualiteit doorheen te krijgen.

Hoewel de ideologische polarisatie verscherpt is de laatste twintig jaar, is dit allerminst een nieuw probleem voor de VS, waar de grondwet is gebaseerd op het liberale 18de-eeuwse idee dat macht het best wordt gecontroleerd door fragmentatie en het in stand houden van checks and balances, waarbij de president en het Congres gedwongen worden te wedijveren over de controle op terreinen zoals het buitenlands beleid. Kortom, de Amerikaanse overheid is ontworpen om inefficiënt te zijn om te garanderen dat ze niet makkelijk de vrijheid van haar burgers kan bedreigen.

Deze ineffectiviteit heeft waarschijnlijk bijgedragen aan de achteruitgang in het vertrouwen in Amerikaanse instituties. Vandaag de dag vertrouwt minder dan eenvijfde van het publiek dat de federale overheid het over het algemeen goed doet, vergeleken met driekwart in 1964.

De federale overheid is trouwens geen uitzondering. Het publieke vertrouwen in veel invloedrijke instituties is in elkaar gezakt. Van 1964 tot 1997 daalde het deel van de Amerikanen dat de universiteiten vertrouwde van 61 tot 30 procent, terwijl het vertrouwen in grote bedrijven van 55 tot 21 procent daalde. Het vertrouwen in medische instituten daalde van 73 tot 29 procent en het vertrouwen in de journalistiek van 29 tot 14 procent.

Joseph NyeBeeld anp

Maar deze ogenschijnlijk alarmerende getallen kunnen misleidend zijn. In feite beschouwt 82 procent van de Amerikanen de VS nog steeds als de beste plek op aarde en vindt 90 procent het democratische bestuurssysteem goed. De Amerikanen mogen dan niet geheel tevreden zijn over hun leiders, maar het land staat bepaald niet op de rand van een revolutie.

Feit is dat in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw de ontsnapping uit de Depressie en de overwinning in de Tweede Wereldoorlog een ongewoon hoog vertrouwen in de Amerikaanse instituties aanwakkerden. De scherpste achteruitgang van het publieke vertrouwen in de overheid vond al in de late jaren zestig en begin jaren zeventig plaats.

Bovendien zijn er met het dalende vertrouwen in de overheid geen belangrijke veranderingen in het gedrag van de burger gekomen. De belastingdienst geniet weinig vertrouwen bij de burger, maar toch is er geen golf aan belastingontduiking. Op het gebied van inperking van de corruptie scoort de VS nog steeds boven de 90 procent. En de opkomstcijfers bij presidentiële verkiezingen zijn, na een eerdere daling, gestabiliseerd en in 2012 gestegen tot 58 procent.

Het vertrouwensverlies van de burger kan ook geworteld zijn in een dieperliggende verschuiving richting individualisme, wat minder eerbied voor de autoriteiten met zich heeft meegebracht. Dat zie je ook in andere postmoderne maatschappijen.

Deze verschuiving zal de effectiviteit van de instituties niet zo beïnvloeden als men misschien zou denken, gegeven het gedecentraliseerde federale systeem van Amerika. De patstelling in Washington wordt vaak vergezeld van politieke samenwerking en innovatie op staats- en gemeenteniveau, wat er toe leidt dat burgers de lokale overheid positiever zien. Een studie uit 2002 liet zien dat driekwart van de Amerikanen zich verbonden voelde met zijn gemeenschap en dat ze hun kwaliteit van leven uitmuntend of goed vonden.

Dit is goed nieuws voor de VS. Het betekent niet dat de leiders van Amerika door kunnen gaan met het negeren van de tekortkomingen van het politieke systeem of dat er geen reden is te twijfelen aan het Amerikaanse vermogen zijn 'hypermacht-status' te behouden. Maar zoals de conservatieve auteur David Frum opmerkt, heeft Amerika de afgelopen twintig jaar een grote daling gezien in misdaad, verkeersdoden, alcohol- en tabaksconsumptie en uitstoot van zwaveldioxide en stikstof, terwijl het al die tijd de internetrevolutie heeft geleid. Grimmige vergelijkingen met de val van Rome zijn dus simpelweg ongerechtvaardigd.

© Project Syndicate, vertaling Melle Trap

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden