LAAT HET STOPPENJulien Althuisius

De amateurwielrenner is een cocktail van overdreven ernst, een gebrek aan zelfspot en misplaatst superioriteitsgevoel

Niet alle moderne verschijnselen hoeven we goed te keuren. Er zijn zaken waar we ons tegen kunnen, nee móéten verzetten. Deze week keert Julien Althuisius zich tegen de amateurwielrenner.

Goed. Ik ga hier geen vrienden mee maken. Maar als ik vrienden wil maken, ga ik wel bij een wielrenclubje. Alleen wielren ik niet. Ik loop hard. (Het is niet echt hard lopen, eerder een soepel struikelen) Een gebrek aan fantasie en ingesleten routine maken dat ik elke keer dezelfde route loop. De woonwijk uit, de autoweg over, het station voorbij en dan over het fietspad richting het natuurgebied. Dat fietspad ligt langs een kanaaltje. En bij dat kanaaltje woont een familie eenden. Ik zag ze, eerst als paartjes en later als ouders van een dozijn donzige kuikens. Vaak als ik langsrende, drentelden die kuikens wat over het fietspad, hun moeders langs de kanten van de weg, woest kwakend tegen voorbijgangers die te dichtbij kwamen.

Op een zekere dag liep ik weer langs de eenden. De kuikens waren flink gegroeid sinds ik ze vorige keer zag. Enkelhoog waren ze nu, maar nog net zo donzig en aandoenlijk als eerder. De hele familie stond midden op het fietspad, hun geasfalteerde achtertuin. Met een grote boog ging ik om ze heen. Terwijl ik langs ze liep, draaiden de moedereenden met hun halzen en keken ze me na. Oprotten, makker. Een tiental meters verder rende ik weer het fietspad op en vervolgde ik mijn lijdensweg. Toen ik bij de splitsing aankwam, waar het fietspad haaks eindigt op een groter fietspad, werd ik bijna omver gereden door een groepje amateurwielrenners, die verschrikkelijk hard de bocht om kwamen zetten.

Ik mompelde de gebruikelijke verwensingen en vervolgde mijn rondje. Even later, op mijn weg terug, was ik de wielrenners alweer vergeten. Totdat ik langs de eendengezin kwam. Ze stonden weer met zijn allen op het fietspad, maar dit keer was het anders. De kuikens drentelden rond, als gewoonlijk. En de moeders kwaakten. Ze stonden niet langs de kant. Ze cirkelden om een van de kuikens heen, die levenloos en met geknakt nekje op het fietspad lag. Er was niemand in de buurt, maar de moedereenden kwaakten en kwaakten.

Amateurwielrenners wanen zichzelf om onverklaarbare redenen de koningen van de openbare ruimte. Samen met de hangjongeren waren ze de eersten die lak hadden aan de lockdownmaatregelen. Alsof hun belachelijke pakjes ze immuun maakten voor besmetting en wetgeving, bleven ze doodleuk schouder aan schouder in groepjes over de fietspaden racen, terwijl de rest van het land netjes binnenbleef. Het was ook wel enigszins te verwachten: de amateurwielrenner is een beetje een lul. Overdreven hard rijden, schreeuwen dat ze erlangs moeten, rakelings inhalen en daarna op een terras speciaalbier drinken. Met helm nog op en de benen wijd, zodat iedereen kan meegenieten van hun balzakken.

De amateurwielrenner is een cocktail van overdreven ernst, een gebrek aan zelfspot en misplaatst superioriteitsgevoel, opgediend in een te strak synthetisch tenue. Meestal zijn het beschaafde mannen, die waarschijnlijk hun afval scheiden en weinig vlees eten. Maar op het moment dat ze een paddestoel op hun hoofd zetten en het pakje van hun favoriete wielerploeg aantrekken veranderen ze in BMW-rijders. Zoals kinderen die op een pleintje voetballen doen alsof ze Memphis of Ziyech zijn, zo waant de amateurwielrenner zich in een ploegentijdrit in de Tour de France. (Hoe werkt dat? ‘Ik ben Cavendish!’ ‘Nee, ik!’ En dan heel hard wegfietsen?)

Er zijn ook lieve, goedbedoelende, normale amateurwielrenners. Mannen en vrouwen die gewoon van een lekker stukje fietsen houden, hun snelheid aanpassen als de omstandigheden daar om vragen en vriendelijk ‘dank je wel!’ roepen als je voor ze opzij gaat. Maar helaas geldt hier dat een grote groep het verpest voor een kleine minderheid. Het is spijtig. Ik heb goede vrienden en vriendinnen die amateurwielrenner zijn, gewaardeerde collega’s – leidinggevenden ook. En leidinggevenden van leidinggevenden. Deze column zal dus misschien niet zonder gevolgen blijven. Maar dat is dan maar zo.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden