Column Sylvia Witteman

Dat ze twee jaar eerder met een ander een love lock aan de brug had gehangen, leek hem niet te deren

De Stadhouderskade was opeens wel heel leeg zonder de klimaatactivisten, hun knusse tentjes, de wat minder knusse politiebusjes en de verbijsterende hoeveelheid agenten die aan dat akkefietje te pas waren gekomen. Met zo’n ontzagwekkende politiemacht moet je toch ook in een wip en een scheet de complete hoofdstedelijke drugsmaffia kunnen oprollen, zou je zeggen, maar dat zal wel weer naïef van me zijn.

Op de brug over de Boerenwetering stond een jong stel innig verstrengeld, zoals dat heet, naar de leuning te kijken. Die leuning zat vol met love locks, van die kleine hangslotjes die geliefden in alle wereldsteden aan bruggen bevestigen. Daarna gooien ze het sleuteltje in het water, met goede hoop dat zowel dat slotje als hun liefde de eeuwigheid zal trotseren.

Ook dat is naïef. Die slotjes worden door de gemeente losgeknipt en vernietigd, en ook wat eeuwige liefde betreft is er weinig reden tot optimisme. Maar ze zagen er schattig uit, die twee, met hun donkere haar en knappe, bleke Balkansnuitjes.

De brug heet de Judith Leysterbrug, zag ik. Judith Leyster was schilderes in de 17de eeuw, een tijdsgewricht waarin schilderen voor vrouwen geen voor de hand liggend beroep was. Toen ze ging trouwen, hield ze er dan ook mee op. Jammer, want ze maakte fijne schilderijen.

Het jonge stel probeerde intussen zichzelf met de brugleuning op de foto te zetten, maar omdat ze geen selfiestick hadden (wat voor ze pleitte), schoot het niet op. ‘Zal ik even?’, vroeg ik en mimede het internationale gebaar voor ‘foto maken’. ‘Nou graag’, antwoordde het meisje in gorgelend Engels. Ze overhandigde me haar telefoon, greep de jongen stevig vast en tuitte haar lippen tot het beruchte eendenbekje. Klik!

Ze hadden nét een slotje opgehangen, wezen ze. Zoran en Marina uit Sarajevo, 26 en 24 jaar. Waarom waren ze naar Amsterdam gekomen? Omdat Amsterdam very nice was. Altijd leuk om te horen, vooral als je daar zelf zo langzamerhand aan begint te twijfelen. Marina was hier al eerder geweest, twee jaar geleden, vertelde ze, en ook toen was het very nice geweest. Ze lachte en maakte met twee vingers voor haar mond het ook al zo internationale gebaar voor ‘roken’. Aan haar oorlel hing een zilveren hennepblaadje.

‘Ik heb hier toen ook een slotje opgehangen’, zei ze. ‘Maar ik kan het niet meer vinden. Geeft ook niet, want met die jongen is het allang uit.’ Teder keek ze op naar Zoran, die al even teder haar hals streelde. Het leek hem niet te deren dat zij hier 2 jaar geleden net zo verliefd met zijn voorganger had gestaan. Nu was ze toch voorgoed van hém?

Heel verstandig van hem.

Maar ook een beetje...naïef.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden