Column In het spoor van de jonge Rembrandt

Dat Rembrandt zichzelf als vaandeldrager afbeeldt is vreemd, die zijn namelijk veel te heldhaftig

Rembrandt - De Vaandeldrager, wie is de vaandeldrager op dit schilderij?

Wie was de vaandeldrager die Rembrandt in 1636 schilderde en over wie het gerucht gaat dat het Rijksmuseum hem wel zou willen kopen voor 165 miljoen euro, ware het niet dat de Franse staat van schrik een exportverbod heeft uitgevaardigd?

Rembrandt is vanaf zijn vroegste jeugd in Leiden omringd geweest door schutters en soldaten. Vlakbij zijn geboortehuis bevond zich het terrein van de Doelen, waar de schutters hun schietoefeningen deden en regimenten soldaten werden ondergebracht.

Zijn vader diende ook in de schutterij, totdat een ongeluk met een musket daar een einde aan maakte. Harmen van Rijn kon zijn hand niet goed meer gebruiken en liet na een paar jaar zijn dienstplicht vervullen door Rembrandts oudere broer Adriaen.

Welgestelde families waren verplicht een bijdrage te leveren aan de veiligheid van hun stad, en de meeste families waren daar trots op. Niet voor niets lieten schutters zich tegen forse betaling vereeuwigen op schilderijen, zodat zichtbaar was dat zij pal stonden voor de weerbaarheid van de stad en de vrijheid van de Republiek.

Zonder zelf ooit een schot te lossen heeft Rembrandt zichzelf opmerkelijk vaak geschilderd en geëtst in militaire kostuums. Er is wel geopperd dat hij in 1636 – toen hij al vijf jaar de hipste, meest succesvolle portrettist van Amsterdam was – zelf voor De vaandeldrager in de spiegel heeft geposeerd.

Toen koning George IV van Engeland op 8 mei 1840 dit schilderij naar de veiling bracht, werd het beschreven als: ‘Le Porte Drapeau: Rembrandt in the Character of a Standerd-Bearer’. Het werd toen voor 840 pond verkocht aan baron James de Rothschild, de voorvader van de puissant rijke familie die het schilderij nu te koop heeft gezet.

De vaandeldrager heeft trekken van Rembrandt: de frons in het voorhoofd, de bolle knop van de neus, het krullende haar. Toch lijkt hij niet als twee druppels water op zijn evenbeeld. Waarschijnlijk was dat ook niet de bedoeling. Als Rembrandt zichzelf al als model heeft genomen, dan gaf hij de vaandeldrager zijn ‘tronie’. Dat woord werd in de schilderkunst gebruikt om een karakterkop of een bepaald type aan te duiden: een gerimpelde grijsaard of een bekoorlijke jongedame. Een Oosterling of een schutter.

In 1654 zou Rembrandt een andere vaandeldrager portretteren, Floris Soop van de Amsterdamse schutterscompagnie van Wijk 15. Soop ziet er soberder uit en draagt onder een kleurige bandelier zijn gebruikelijke kledij: zwarte mantel en witte kraag. Maar deze vaandeldrager draagt een zestiende-eeuws kostuum van glinsterend goudsatijn met pofmouwen. Hij heeft een baret met veer op zijn hoofd en een Javaanse kris op zijn heup.

Vaandeldragers werden al door Rembrandts bewonderde voorgangers als Lucas van Leyden en Hendrik Goltzius verbeeld. Onder een ets van Goltzius staat een Latijns bijschrift dat in vertaling luidt: ‘Ik, de vaandrig, verschaf geweldige moed en durf: zolang ik blijf staan, houdt de linie stand, maar zodra vlucht ik, of zij slaat op de vlucht.’

Vaandeldragers liepen het grootste risico te sneuvelen in de strijd en waren daarom meestal ongetrouwd. Ze vertegenwoordigden de heldhaftigheid van de compagnie. Deze exotische vaandeldrager, de hand fier in de zij en de blik vorsend op ons gericht, was Rembrandt niet.

Hij was de onverzettelijkheid zelf.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.