Column Sylvia Witteman

‘Daar moeten wij niet aan dénken, aan woeste feesten’, bromden mijn zoons verdacht eensgezind

Toen mijn kinderen klein waren vormden de schoolvakanties nogal een uitdaging, met akelige steekwoorden als ‘Efteling’ en ‘zwemparadijs’, maar die tijden zijn voorbij; nu vermaken ze zichzélf. ‘Willen jullie echt niet mee op ons heerlijke, zonnige weekendje weg?’ vroeg ik mijn zoons van 17 en 15 ongelovig. ‘Nee’, bromden ze. Ook het laatste lieve kinderstemmetje in huis is onlangs veranderd in de basso profundo van hun vader.

‘Jullie gedragen je, hè?’, sprak ik. ‘Geen woeste feesten hier.’ Dat klinkt truttig, maar ik kén die feesten. Ik gaf ze zelf, als tiener, die enkele keer dat mijn moeder eens een nachtje uit logeren ging. Ik herinner me nog goed hoe de peuken werden uitgedrukt op het Hindelooper-dienblad, hoe de gordijnen naar beneden kwamen mét een deel van het schrootjesplafond, en hoe ik de volgende middag naakt wakker werd onder het sisaltapijt naast een berg glasscherven, terwijl mijn moeders sleutel in het voordeurslot knarste.

‘Daar moeten wij niet aan dénken, aan woeste feesten’, bromden mijn zoons verdacht eensgezind. ‘Mooi zo, want misschien komen we tóch vanavond al thuis’, zei ik, maar die truc had ik al een keer eerder gebruikt, dus daar zouden ze vast niet meer intrappen. Ik kan ze altijd rond middernacht nog bellen om te horen hoe de vlag erbij hangt, bedacht ik, maar dat vergat ik, want het was inderdaad een heerlijk weekend, en u weet hoe dat gaat met kinderen: uit het oog, uit het hart.

De volgende avond keerden we huiswaarts, rozig van lang, pastoraal lunchen in de zon. De jongens waren nergens te bekennen, maar het huis stond er nog. Het was er nogal vies, maar er waren geen meubels in brand gestoken of zo, en de katten maakten geen getraumatiseerde indruk. Wel lag er een tampon in de gootsteen. ‘Waarom ligt er een tampon in de gootsteen?’, appte ik. ‘We wilden eens kijken wat er gebeurt als je hem onder de kraan houdt’, kreeg ik retour. Ach gos, wat schattig!

De fles schuimwijn die ik koud had gezet bleek verdwenen. ‘Waar is mijn schuimwijn?’, appte ik. ‘Die hebben we de zusjes S. te drinken gegeven’, appte mijn oudste zoon. Ach gos, die brave zusjes S., die ken ik al sinds hun geboorte, hoewel dat natuurlijk niets zegt, want mijn zoons bijvoorbeeld, ken ik óók al sinds hun geboorte. Nou ja, twee meisjes, één fles: het had een stuk schunniger gekund, dus ik ging ook niet moeilijk doen over die mayonaise op de trap, die ingewikkelde waterpijp in de dakgoot, of die mij onbekende damesonderbroek op de overloop. Leven en laten leven.

Alleen: hoe kwamen die zilveren glittertjes in mijn bed? Een raadsel. Maar ach, het heeft ook wel iets feestelijks. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.