ColumnFrank Kalshoven

Consument draagt wel erg veel bij aan de elektrificatie van Nederland

De stroomwereld bruist van de activiteit en de krant van vrijdag ­getuigde hiervan. Een consortium van ­partijen wil in de Eems­haven de grootste ­waterstoffabriek van Europa bouwen. Spoorbeheerder ProRail heeft laten uitrekenen dat Europa 10 procent op de CO2-uitstoot van vliegreizen kan besparen door vaker de trein te pakken. De investeringen van stroombedrijven in het elektriciteitsnetwerk verdubbelen de komende jaren.

Wie gaat dat allemaal betalen? U en ik natuurlijk, want als puntje bij het paaltje komt, is de rekening voor de elektrificatie van Nederland voor de burger, als belastingbetaler of als consument. Maar wat dichter bij het hier en nu (als puntje nog niet bij het paaltje is) is er toch iets geks aan de hand. En wel met de nota’s die we als stroomconsumenten krijgen van de net­beheerders. Die rekeningen zijn gek hoog.

Hoe werkt de economie van stroomnetbeheerders? De stroomproducenten in Nederland zijn allemaal ­geprivatiseerd en verkocht. Het stroomnetwerk, de ­infrastructuur, bleef in publieke handen. De aandelen van regionale netwerkbedrijven als Enexis, Stedin en Alliander zijn bezit van gemeenten en provincies. ­Omdat deze bedrijven monopolist zijn in het gebied waar ze een netwerk bezitten, worden de prijzen ­gereguleerd door de Autoriteit Consument en Markt (ACM). Prima geregeld allemaal, in theorie.

Maar wat lazen we in de Volkskrant vrijdag? Terwijl die regionale netwerkbedrijven fors moeten investeren in uitbreiding, keren ze vrolijk dividend uit aan hun aandeelhouders, gemeenten en provincies dus. En niet zo zuinig ook.

Ik pakte er, als voorbeeld, het jaarverslag van Alliander even bij. De baas aldaar heet Ingrid Thijssen en ze volgt Hans de Boer binnenkort op als voorzitter van werkgeversclub VNO-NCW, werd deze week bekend. Omzet in 2019: 2 miljard euro. Resultaat voor winst­belasting: 328 miljoen euro. Nettowinst: 253 miljoen euro. Dividend voor de aandeelhouders: 113,6 miljoen euro.

Aan deze getallen zijn twee zaken opmerkelijk. De hoogte van de winst, én de hoogte van de dividenduitkering.

De winstmarge van Alliander in 2019 (bruto 16 procent, netto 13 procent) is aanmerkelijk hoger dan in veel andere bedrijfstakken waar wel de tucht van de markt geldt. In de retail, bij supermarkten, in het transport om een paar voorbeelden te noemen, zouden ze bij zulke marges een gat in de lucht springen. Als daar 5 procent marge wordt geboekt, gaat de vlag al uit.

Terwijl de stroomconsument dus een hoge rekening betaalt, doet toezichthouder ACM blijkbaar een dutje.

Maar wacht eens. Het zou toch kunnen zijn dat een bedrijf als Alliander vet op de botten moet kweken om de hoge investeringen in netwerken te kunnen doen die nodig zijn voor de elektrificatie van Nederland?

Dat zou kunnen, maar dat doet Alliander dus niet. Want als er eigen vermogen moest worden opgebouwd zou het bedrijf de hele nettowinst uit 2019 ­toevoegen aan het eigen vermogen. Op basis van dat toegenomen eigen vermogen kon dan extra geld worden geleend. En met dat extra geld konden de investeringen worden gedaan voor een verduurzaming van de Nederlandse energiesector. In plaats hiervan keert Alliander dus bijna de helft van de nettowinst uit aan de aandeelhouders.

Consumenten betalen bij Alliander dus niet extra om een bijdrage te leveren aan de vergroening van ­Nederland; nee, ze betalen teveel om de provincie- en gemeentekassen te spekken.

Kan iemand bij de toezichthouder ACM een wekker laten afgaan?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden