Opinie

Conservatieve regering in Polen verdient een kans

De huidige regering in Polen is gekozen door mensen die een einde willen aan de corruptie van de vorige regering.

Foto anp

Inmiddels heeft iedereen het nieuws vast al gehoord: in Polen is een fascistische dictatuur aan de macht. Ongeveer als in Hongarije, maar dan erger. Ogenschijnlijk hebben er democratische verkiezingen plaatsgevonden die hebben geleid tot een regering met een absolute meerderheid (de huidige president, ook van de Partij voor Recht en Rechtvaardigheid (PiS) zat er al langer). De PiS heeft de meerderheid in zowel de senaat als het parlement. Volgens de oppositie en de wereldpers is dat slechts een rookgordijn. Er is een coup gepleegd. De nieuwe regering is in feite een dictatuur.

De wereldpers meldt wat de correspondenten doorgeven en die krijgen op hun beurt het nieuws weer van de mensen die nu hun macht kwijt zijn - want daar gaat alle ophef over. Dat zijn de linkse elites - de Poolse kletsende klasse - die zich verbonden hebben aan de partij Burgerplatform (PO) en die 'fascisme!' roepen zodra iemand iets zegt wat afwijkt van hun mening en bij alles wat afwijkt van wat politiek correct is, maar vooral als iets hun monopolie of wat door moet gaan voor een verlichte mening bedreigt.

Agnieszka Kolakowska is journalist en vertaler en woont in Parijs. Foto -

Bevrijd van een politieke wurggreep

Voor hen betekent 'conservatief' of 'rechts' automatisch 'extreem-rechts' en ze hebben zich het recht aangematigd om uit te maken wat voor land Polen moet zijn (niet dat de PO economisch links is, evenmin als de PiS economisch rechts is; dat zijn ietwat misleidende etiketten). Misschien dachten ze dat hun alleenheerschappij eeuwig zou duren; in elk geval hebben ze zich nooit iets aangetrokken van de wensen van gewone kiezers, voor wie ze alleen minachting hebben, omdat ze achterlijk en onwetend zouden zijn.

Nu zijn ze echter de politieke wurggreep kwijt die ze de afgelopen acht jaar op de media en de openbare instellingen hebben gehad en huilen ze van woede. Het is veelzeggend dat ze dat gehuil al onmiddellijk aanhieven - zodra ze de verkiezingen hadden verloren. Daaruit blijkt dat hun geklaag niets van doen heeft met wat er in feite gebeurt: ze hadden altijd wel een reden gevonden. Daarom hebben we bloedstollende berichten gehoord over een fascistische regering en het einde van de democratie, en oproepen tot opstand in de straten om de fascisten te verdrijven. Democratie, burgerlijke vrijheden, de vrijheid van de pers, de onafhankelijkheid van de rechtspraak - alles zou in gevaar zijn. De Europese commissie is overgehaald de situatie volgende week te evalueren.

Je verzint het niet. Als ergens een conservatieve regering aan de macht komt - bijvoorbeeld in Groot-Brittannië - roept de linkse kletsende klasse misschien af en toe 'fascisme!', zoals toen Margaret Thatcher premier was, maar ze gaan niet de straat op om de verkiezingen af te schilderen als een staatsgreep en ze gebruiken ook hun invloed in het buitenland niet om daar een campagne in de media te voeren. Ook proberen ze niet de regering met buitenlandse hulp omver te werpen, en als ze dat zouden doen, zou niemand ze serieus nemen. Buitenlandse regeringen zouden geen zorgen uiten en de Europese commissie zou er niet bij betrokken raken.

Ik schrijf dit niet omdat ik een aanhanger ben van de huidige regering. Ik ben het met veel van het beleid niet eens, maar de regering moet wel de kans krijgen - net als democratisch gekozen regeringen in andere landen - om de geplande hervormingen door te voeren. Ze proberen met een schone lei te beginnen en het evenwicht te herstellen en, of je het nu eens bent met de manier waarop ze dat doen of niet, ze doen niets meer dan wat de vorige regering heeft gedaan toen die acht jaar geleden aan de macht kwam, veel minder zelfs.

Spectaculaire corruptie

Die regering stond vooral bekend om de spectaculaire corruptie. De afgelopen acht jaar hebben ze de media, de rechterlijke macht en de kunsten in hun greep gehad. Toen ze aan de macht kwamen, werden aanhangers van de oppositie in de media ontslagen en vervangen door mensen die zich aan de partijlijn hielden. Hetzelfde gebeurde met het Constitutioneel Hof, waar tegen alle regels in vijf rechters werden benoemd: de PO besefte dat ze de verkiezingen ging verliezen en wilde nog gauw een paar eigen mensen aanstellen. En dat probeert de huidige regering nu aan te pakken. Noch de buitenlandse pers noch de Europese commissie maakte zich er destijds druk over.

Dat er, zonder ook maar een blik te werpen op de feiten, geloof wordt gehecht aan de propaganda van de woedende Poolse elites en aan absurde beschuldigingen van fascisme, nazisme enzovoort, is ten diepste ontmoedigend en choquerend. De mensen die met hun stem de huidige regering hebben gekozen - en dat is de overweldigende meerderheid van de bevolking - willen dat er een eind komt aan vriendjespolitiek en corruptie.

Ze willen transparantie, waarheid en de verzekering dat hun land soeverein blijft. Het enige wat er is gebeurd, is dat het tij eindelijk is gekeerd.

Agnieszka Kolakowska is journalist en vertaler en woont in Parijs.

Vertaling: Leo Reijnen

Meer over