Column

Competentieleren krijgt definitieve doodsteek

Even leek het alsof er per ongeluk een persbericht van tien jaar geleden was verstuurd: 'De jongens doen het minder goed in competentiegericht onderwijs dan de meisjes', stond er boven een samenvatting van een groot onderzoek door de Universiteit Maastricht, de Vrije Universiteit en de Universiteit Twente, in opdracht van het ministerie van OCW. Ja, hé. Dat wisten we toch allang? Van regen word je nat.

Leerling laat hersenen kraken voor proefwerk Beeld anp

Het project 'Red de jongen!' is al jaren bezig. Want we konden het met eigen ogen zien. Dat al die vaardigheden die vooral in het mbo en hbo van adolescenten worden geëist - zelfstandig werken aan je werkstukjes, samenwerken in groepjes, een planning maken, 'reflectie' op je leerhouding - precies die dingen zijn waaraan jongens een bloedhekel hebben. Meisjes past dit onderwijs vaak als een handschoen. Ze halen hogere cijfers, studeren sneller af en bereiken een hoger niveau.

Jongens leren liever hard voor een tentamen en krijgen graag meteen een cijfer voor een opdracht. Niet lullen maar doen. Scoren, een beetje opscheppen en dan weer lol maken. Een doodzonde in onze tijd, waarin eigenschappen als goed kunnen samenwerken, begrip tonen en je communicatie op orde hebben onderscheidend zijn.

Het competentieleren bleek ook al niet de verschillen tussen leerlingen te verkleinen en de kansen van kinderen met achterstanden te vergroten. Integendeel. Met name de jongens in de lagere regionen van ons onderwijs zijn het haasje. Die blijven hopeloos achter.

Nu pas krijgt het competentieleren dus de definitieve doodsteek van de wetenschap. Dat is niet zo vreemd, want het duurt gewoon even voordat je kunt aantonen dat observaties feiten zijn. Dit onderzoek brengt veel eerder opgedane kennis samen en vergelijkt de situatie bij ons met die in andere landen. Neuropsycholoog Jelle Jolles, ook betrokken bij dit onderzoek, waarschuwt al jaren voor de gevolgen van het werkstukjesonderwijs voor jongens.

Het is een interessant onderzoek. De term 'competentiegericht' is alleen wat onhandig. Die term is allang taboe, wegens de matige resultaten van dit onderwijs en de geringe aantrekkingskracht op studenten. Tegenwoordig draait alles om de 21st century skills, vaardigheden als - inderdaad - empathie, samenwerken en communiceren, en zelfstandig werken aan opdrachten. Precies hetzelfde, maar dan met een iPad.

Interessant in dit onderzoek is bijvoorbeeld dat meisjes op objectieve toetsen niet beter presteren dan jongens, maar toch succesvoller zijn op school. Hun voorsprong ligt dus op niet-cognitief gebied. Meisjes zijn taliger dan jongens en daarom kunnen ze in het gedigitaliseerde leven beter uit de voeten. Ook is er verschil tussen jongens en meisjes in de ontwikkeling van neuropsychologische vaardigheden en rijping van de hersenen.

En dan is er volgens de onderzoekers nog de invloed van de omgeving. Ze schrijven het niet, maar dat denk ik er dan maar bij: goed zijn op school maakt jongens niet per se cool bij hun vrienden. Dat jongens in toenemende mate alleen maar les krijgen van vrouwen zal ook niet helpen zich te identificeren met schoolsucces: school wordt iets sufs en braafs, echt iets voor nerds en meisjes. Zo worden meisjes vanzelf de gewone, prettige leerlingen en jongens de stoorzenders.

Toch doet ons onderwijs ook voor meisjes iets verkeerd. Want die mogen dan massaal de diploma's binnenslepen, wat doen ze ermee? Hun schoolsucces heeft niet geleid tot een stormachtige verovering van de macht. In topfuncties in het bedrijfsleven en de wetenschap zijn vrouwen nog steeds bedroevend slecht vertegenwoordigd. Kennelijk leren meisjes niet dat ze competitief en ambitieus mogen zijn.

Het rapport geeft nuttige aanbevelingen, zoals bewustwording van de verschillen bij docenten en de overheid. Jongens moeten meer hulp krijgen bij het plannen van hun werk en het reflecteren erover.

Mij gaan die aanbevelingen niet ver genoeg. Kennelijk is het een dogma dat soft skills heilzaam zijn. Waarom is er niet wat meer te kiezen? Nu hebben vrijwel alle mbo- en hbo-scholen dezelfde 21ste-eeuwse smaak.

Graag wat meer variatie. Scholen voor eenzelvige eenlingen, voor types die graag stampen voor tentamens, praktijkscholen, scholen met aandacht voor sport, muziek, creativiteit of filosofie. Dat laatste, het bevorderen van het creatieve, probleemoplossende denken, zou weleens bij beide seksen tot grote verrassingen kunnen leiden. Uiteindelijk kunnen jongens én meisjes vaak zo veel meer dan ijverig kleuren binnen de lijntjes.

Aleid Truijens is schrijfster, literatuurrecensente en biografe. Reageren? opinie@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden