column Max Pam

Comité van Waakzaamheid

Op deze plek heb ik eens verteld dat mijn vader aan het eind van de jaren twintig korte tijd correspondent in Berlijn is geweest voor het socialistische dagblad Het Volk. Bij terugkeer hield hij voor de ­Nederlandse Journalisten Kring een praatje waarin hij waarschuwde voor de opkomst van Adolf Hitler, die het antisemitisme tot de kern van zijn denken – en ­later ook van zijn handelen – had gemaakt. Tijdens zijn praatje stond plotseling Philip Mechanicus op, een oudere collega die op de administratie van Het Volk was begonnen en zich had opgewerkt tot journalist bij het Algemeen Handelsblad. Hij zei dat mijn vader aan ondergangsdenken deed en dat hij het slachtoffer was van ‘Jiddische overdrijving’.

Philip Mechanicus werd in 1944 in Auschwitz-Birkenau doodgeschoten.

Ik heb aan mijn vader een keer gevraagd waarom hij, als hij zo ­zeker wist wat hem te wachten stond, niet naar Amerika was gevlucht. ‘Geen geld’, zei hij, ‘en bovendien zou jij er dan niet zijn geweest.’ Dat vond ik voor iemand die zelden zijn emoties toonde een liefdevol antwoord.

Er wordt de laatste tijd weer veel gewaarschuwd tegen het opkomend fascisme. Via bladen als The Guardian en NRC Handelsblad – de voorganger van dat laatste blad, de Nieuwe Rotterdamse Courant, was overigens helemaal niet zo goed in de Tweede Wereldoorlog – hebben dertig ‘top­intellectuelen’ (The Guardianin een pamflet de noodklok geluid. Het populisme rammelt aan de poort, wij moeten pal staan voor Europa, of anders gaan wij te gronde. Er vallen grote namen, ­zoals die van Goethe, Dante, ­Comenius en Erasmus, waarbij zij opgemerkt (door mij) dat zelfs de grote Nederlandse humanist ­enkele hatelijkheden aan het adres van Joden heeft geuit.

Zo’n gezamenlijk schrijven doet denken aan het Comité van Waakzaamheid dat in 1936 werd opgericht, en waarvan onder meer Ter Braak en Du Perron, Titus Brandsma, Jan Greshoff, Henriette Roland Holst, Annie Romein-­Verschoor, Jan Tinbergen en ­Simon Vestdijk lid waren. Het ­Comité waarschuwde tegen het nationaal-socialisme en probeerde het lot te verbeteren van Joodse asielzoekers die bij Zevenaar de grens over wilden steken.

Zou mijn vader ook lid van het Comité zijn geweest? Ik vermoed van niet. Afgezien van de vraag of mijn vader wel intellectueel genoeg was om erbij te mogen horen, was het voortdurend gerommel bij het Comité. Mijn vader zat meer op de lijn van Jacques de Kadt, die van mening was dat het Comité door communisten werd overgenomen. Ik citeer L.R. Wiersma: ‘Het doel van Waakzaamheid was volgens De Kadt niet het samenbrengen van intellectuelen tegen het fascisme, maar het vergiftigen van antifascistische intellectuelen met Moskous venijn.’ Eind 1939 spatte de boel al uit elkaar, hoewel er nog een rompcomité bleef bestaan, dat overigens ook geen lang leven was beschoren.

Zoiets blijft hangen als je de lijst bekijkt van dertig intellectuelen die zich nu in NRC Handelsblad hebben opgeworpen als de hoeders van Europa. De enige Nederlandse intellectueel die tussen ‘de internationale schrijvers’ staat, is Rob Riemen van het Nexus Instituut. Hij studeerde ooit theologie aan de Katholieke Universiteit van Tilburg, tegenwoordig vanwege de onoorbare afkorting de Universiteit van Brabant of Tilburg ­University geheten. Het oeuvre van Riemen is klein maar fijn, zullen we maar zeggen. Volgens de ­satirische website De Speld heeft Riemen als antikraakwacht enige tijd de ivoren toren van Tilburg ­bewoond. Toen hij daar een paar keer van afdaalde om in Buitenhof op te treden, hoorde je een muddle-headed betoog waarin het spook van het fascisme overal rondwaarde.

Milan Kundera staat er ook op. NRC Handelsblad zette Praag achter zijn naam, maar ik dacht dat hij als Fransman in Parijs woont en als 89-jarige nooit meer buitenkomt. Ik denk niet dat hij ooit met een geel hesje heeft gesproken. Een ­andere initiatiefnemer, de filosoof en wonderboy Bernard-Henri Lévy, heeft vele gevraagde en ongevraagde adviezen aan politici gegeven, die, zodra zij werden opgevolgd, bijna allemaal tot nog grotere chaos hebben geleid. Pamuk en McEwan zijn geweldige schrijvers, maar Rushdie heeft volgens mij een andere agenda. En Simon Schama is op zijn best als hij ­gewoon moppen vertelt en het ­Jodendom schildert in een wijder perspectief.

Wat beweegt zulke topintellectuelen om op zo’n lijst te gaan staan? Denken ze dat Europese ­politici nu van hun stoel vallen en geschrokken roepen: ‘Heb je het al gehoord? Mario Vargas Llosa en Rob Riemen luiden de noodklok! We moeten iets doen voor het te laat is!’

Wat niet wegneemt dat ook ik waakzaam wil zijn. Alleen, en dat is helemaal mijn probleem: hoe graag ik ook voor de ondergang van het Avondland wil waarschuwen, nog steeds zie ik geen tweede Adolf Hitler aan de horizon. Ze overdrijven, maar misschien ben ik net zo naïef als Philip Mechanicus.

Verbetering: In een eerdere versie van deze column schreef Max Pam over NRC Handelsblad in de oorlogsjaren. Die krant bestond toen nog niet, bedoeld werd de Nieuwe Rotterdamse Courant (NRC).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden