Columnistenjacht

Columnistenjacht: ‘In ons dorp is een pyromaan actief’

Elke week publiceert én becommentarieert de jury van de Columnistenjacht een column van een lezer. Wordt de column in zijn geheel geplaatst, dan is de pot voor de inzender. Grijpt de jury in, dan komt er 25 euro in de pot bij. Deze week: Pyromaan, van Margo van Vlierden.

Twee jonge katholieken lopen langs een bus in brand gezet door de IRA, in Derry Noord-Ierland, op 12 augustus 1986. Beeld Getty Images

In ons dorp is een pyromaan actief. Al drie ochtenden op rij is het raak. Gillende brandweersirenes door de straat. De doelwitten zijn houtstapels en boerenschuren.

Op straat spreekt een dorpsbewoner mij aan. Het is een oude man, ver in de 80. Kortademig en slecht ter been. Het is zijn houtstapel die de eerste nacht in vlammen is opgegaan. Hij kan er niet over uit. Wie doet zoiets?

Hij heeft die nacht niet geslapen. Eventjes een dutje gedaan op de bank en daarna, tegen middernacht, op zijn scootmobiel het veld in. De wacht houden tot die vandalen zich weer laten zien. ‘Maar je kan in je eentje toch niks tegen ze doen',  zeg ik. Daar denkt hij anders over. Hij tilt zijn jas op die in het mandje van de scootmobiel ligt. Eronder een witte spuitfles. ‘Nee, geen pepperspray’, zegt hij geheimzinnig. ‘Eigen brouwsel, dat spuit ik in hun gezicht. En met mijn stok verkoop ik ze een mep.’ Ondanks zijn strijdlustige woorden kijkt hij vermoeid.

STOP

Vijf jaar na de laatste columnistenjacht kunnen we maar beter goed beginnen. Met een zin als een startschot. En zo doet Margo van Vlierden dat: ‘In ons dorp is een pyromaan actief.’ ‘Pyromaan’ is natuurlijk een prachtig woord dat in deze zin als een soort zwaailicht werkt, en dan helpt het enorm als het ‘ons dorp’ betreft. En die twee elementen worden mooi aan elkaar gesmeed door het gebruik van de tegenwoordige tijd.

Als je zoals de jury ruim driehonderd ingezonden columns hebt gelezen, over afgeluisterde gesprekken in de supermarkt, over het verglijden van de tijd, over Baudet, over staand plassen, over het lege nest, over huisdieren (en wat houdt u van ze!) en over het schrijven van columns, dan helpt zo’n eerste zin enorm.

En dan volgt het fraaie, empathische middendeel met de tachtiger op zijn scootmobiel. Empathie, prima natuurlijk, maar hier viel de jury vooral voor het mooie detail van het ‘eigen brouwsel’ ; hoe dorps wil je het hebben?

Maar goed, een column tot een goed einde brengen is minstens zo lastig als een column beginnen en we vinden dat het wel wegloopt in het laatste deel. Net iets te veel herhaling. En wat impliciet was – de vermoeidheid na de doorwaakte nacht, de dreiging van een mogelijke confrontatie met de pyromaan – wordt hier expliciet gemaakt. En al echoot de laatste zin de opmerking van de oude man, het is ook een zin waarmee je ongeveer elke column kan afsluiten:

Hij ziet wit, scherpe lijnen in het gezicht. De doorwaakte nacht wreekt zich. Hij verzucht: ‘Ik snap deze wereld niet meer.’

Ik wens ‘m sterkte. Verbeten stuurt hij zijn scootmobiel de veldweg in om maar weer eens poolshoogte te nemen.

Ik hoop van harte dat hij de pyromanen niet tegenkomt. Niet overdag en zeker niet ’s nachts. Mocht hij ze betrappen, wat zullen ze ‘m uitlachen. Of erger misschien. Ik heb met ‘m te doen. De wereld is soms ook niet te snappen.

De eerste 25 euro gaan in de pot. Kunt u het beter, zo’n column? Stuur uw 250 woorden uiterlijk a.s. vrijdag 12 uur naar didu@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden