OpinieKinderboeken

Breken met racisme begint in kinderboek

Kinderboeken met hoofdrolspelers van kleur zijn een goed medicijn tegen geracialiseerde vooroordelen, meent Reza Kartosen-Wong.

Kinderboek Mylo Freeman: Jouw kleur mijn kleur

Dankzij de Black Lives Matters-protesten is er nu meer aandacht voor de vraag hoe we institutioneel en alledaags racisme effectief kunnen bestrijden. Vorige week schreef Anna van den Breemer in de Volkskrant over anti-racistisch opvoeden. Daar, bij de start van een mensenleven, begint het voorkomen en tegengaan van geracialiseerde vooroordelen. Cultureel diverse en inclusieve kinderboeken zijn daarbij onmisbaar.

In Nederland groeien kinderen op met media en cultuur die vooral worden bevolkt door witte hoofdpersonages en helden. Niet-witte personages komen zo nu en dan voor in de marge, niet zelden gestereotypeerd als de ‘rare’ ander. Dat geldt ook voor kinderboeken. Kinderen leren zo al vroeg witte mensen te associëren met positieve kwalificaties en niet-witte mensen met negatieve, en bouwen onbewuste vooroordelen op. Ook niet-witte kinderen internaliseren die vooroordelen.

Van jongs af aan

Om het vormen van die geracialiseerde vooroordelen tegen te gaan, is het belangrijk dat kinderen van jongs af aan ook cultureel diverse en inclusieve verhalen tot zich nemen. Kinderboeken fungeren in die zin als vensters en spiegels voor kinderen – en voor hun ouders of verzorgers. Als vensters bieden zij kinderen een blik op de buitenwereld; cultureel diverse en inclusieve kinderboeken tonen onze multiculturele werkelijkheid voorbij het gebruikelijke witte perspectief. Dat helpt kinderen om niet-witte mensen te zien en accepteren als ‘gewone’ mensen en uiteindelijk als mensen met wie zij samen een gemeenschap-in-verscheidenheid vormen die niet meer wordt begrensd door huidskleur.

'Waar is mijn noedelsoep?!?', kinderboek van Reza en Chee-Han Kartosen-Wong.

Als spiegel zorgen cultureel diverse en inclusieve kinderboeken ervoor dat niet-witte kinderen ook eindelijk helden en andere positieve rolmodellen hebben waarin ze zichzelf kunnen herkennen. Ze zien dat mensen op wie zij lijken waardevol zijn voor de wereld en niet raar, slecht of minderwaardig. Daardoor ontwikkelen niet-witte kinderen een positieve zelfidentiteit en accepteren ze hun lichaam en afkomst. Het voorkomt ook gevoelens van uitsluiting, zorgt ervoor dat niet-witte kinderen het gevoel hebben dat ze erbij horen.

Mylo Freeman

Anti-racistisch opvoeden levert zo een duurzame bijdrage aan de bestrijding van institutioneel en alledaags racisme. Cultureel diverse en inclusieve kinderboeken zijn daarbij onmisbaar. Maar met uitzondering van het oeuvre van Mylo Freeman, die dit jaar het prentenboek van de Kinderboekenweek maakt, en Zilveren Penseelwinnaar Tori van kunstenaar Brian Elstak is er weinig aandacht voor Nederlandse kinderboeken die cultureel divers en inclusief zijn zoals Mootje van Hakima Elouarti, Help, ik heb de babyblues! van Tewatha Muller en Anggita Soeryanto en Idje wil niet naar de kapper van Michael Middelkoop. Hoog tijd dat Nederlandse uitgevers, schrijvers, boekhandels, bibliotheken, scholen, kinderopvangorganisaties en ouders ervoor zorgen dat meer van deze boeken worden gemaakt en zoveel mogelijk kinderen bereiken.

Reza Kartosen-Wong is publicist en co-auteur van het kinderboek Waar is mijn noedelsoep?!?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden