ColumnEva Hoeke

Bloei van mijn leven, last van schroom noch zuunigheid, maar toch: ik heb nooit ergens zin in

Beeld Aisha Zeijpveld

Een vreemd verschijnsel: ik heb nooit ergens zin in.

Bloei van mijn leven, last van schroom noch zuunigheid en honderd-en-één nummers in mijn telefoon, maar toch, kijkt u in mijn diepste diep dan zeg ik: nee hoor, gaan jullie maar, ik zit hier prima.

Misschien herkent u het.

Je staat op en denkt: o ja, vanavond een eetafspraak, eentje die je nota bene zelf hebt gemaakt, een maand geleden, toen je daar nog zin in had, waarschijnlijk omdat het nog zo ver weg was. Je dacht: leuk, samen naar dat nieuwe tentje, lekker het leven doornemen, borrel drinken, misschien nog wel naar de kroeg, neem ik wel een taxi terug, kan mij het schelen, kan ik die lellebelhakken ook weer eens aan, hatsekiedee.

Maar nu ben je een maand verder en is je eerste gedachte: ik hoop dat ze afbellen.

Het gelúk dat je voelt wanneer dat ook echt gebeurt! Alsof je ineens een avond vrij hebt. En dan heel royaal doen aan de telefoon: ‘Goh, wat jammer zeg, had me erop verheugd, maar goed, niks aan te doen, laten we meteen een nieuwe afspraak plannen’, en daar dan weer oprecht zin in hebben, het directe effect van pure opluchting. 

En dit heb ik dus met alles.

Met borrels, met feestjes, met concerten, met theatervoorstellingen, met vakanties, mijn bloedeigen verjaardag, in werkelijk niets heb ik zin.

Vanavond een boekenborrel? Pfff.

Morgen een huwelijk?

Hakken in het zand, bek op half zeven. Móét ik weer.

De Man denkt dat ik uiteindelijk dezelfde levensvisie heb als hij, één waarbij je altijd van het negatieve uitgaat, zodat het alleen nog maar kan meevallen, een kwestie van pantsering. Eerlijk gezegd kan ik me dat niet voorstellen, want zo somber zit ik niet in elkaar. Ik weet wel dat het zonde is, want de helft van de pret is het verhéúgen op die pret, en zo beschouwd leef ik dus eigenlijk 50 procent minder gelukkig dan de rest van de bevolking, iets waar je maar niet te veel bij moet stilstaan, op je 40ste.

Nou meid, dan spreek je toch lekker níét af, hoor ik u onderhand een tikkie korzelig denken, het moet niet hoor, maar zo eenvoudig is het natuurlijk niet, je kunt je niet eeuwig in je eigen hol blijven verschansen. Bovendien, en nu komt het rare, maak ik een draai van 180 graden zodra ik ter plaatse ben. Ben ik eenmaal door mijn eigen weerzin heen geworsteld – van tevoren douchen helpt, een letterlijke opwarmer – ben ik je grootste vriend. Handjeklap de zaal door, praatjes voor tien, als laatste het licht uit. Zo fijn, om al die mensen weer te zien! Of juist alleen die ene, die je al veel te lang niet had gesproken. Wat kunnen jullie toch goed praten en wat is het toch waardevol, iemand te hebben die al je hele leven met je meeloopt, of die juist net is komen aanwaaien en met wie het toch al zo vertrouwd is. Wat zat ik nou te miezemauzen! Was je nu maar met de trein gekomen, want wat is dit gezellig, nooit meer naar huis.

Tot je weer thuis bent.

Herkent u dit? Mooi, want ik zoek medestanders met wie ik een appgroep kan beginnen. Het idee is dat we elke maand met elkaar afspreken. Het kan me niet gek genoeg, met z’n allen in een bus, dresscode, bowlen, tien uur lang, daarna nog naar de disco, het maakt me niet uit, als de code maar is dat we op de dag zelf allemaal mogen afzeggen, zonder schroom of scheve gezichten.

Nu al zin in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden