Opinie

Bied bij levenslang direct resocialisatieactiviteiten

Levenslang moet op enig moment onder rechterlijke controle objectief worden herbeoordeeld.

Beeld anp

Deze maand besloot de Haagse kortgedingrechter dat de staat de tot levenslang veroordeelde Edwin S. moet laten deelnemen aan resocialisatieactiviteiten. Edwin S., in 1994 veroordeeld wegens een gewelddadige overval waarbij een dode en een zwaargewonde vielen, wilde vooruitlopend op de nieuwe wetgeving aangaande de invulling van de levenslange gevangenisstraf zo snel mogelijk beginnen met activiteiten die gericht zijn op een eventuele terugkeer in de samenleving. De rechter geeft hem nu, met het oog op die nieuwe wetgeving, daar de mogelijkheid toe.

Deze nieuwe wetgeving is hard nodig, omdat het huidige Nederlandse beleid met betrekking tot de levenslange gevangenisstraf in strijd is met het verbod op foltering. Veelal zijn de sociale banden met de buitenwereld doorgesneden. Levenslang gestraften krijgen maar weinig dagbestedingsactiviteiten aangeboden, omdat de meeste activiteiten gericht zijn op re-integratie in de maatschappij. De veroordeelde wordt als het ware afgeschreven en moet tot zijn dood in de gevangenis blijven. Uiteraard moet er ook oog zijn voor de nabestaanden van de slachtoffers, maar de overheid draagt een zorgplicht voor al haar onderdanen en daar vallen ook gedetineerden onder. 'No prisoner deserves to be treated like forgotten human waste', oordeelde het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in een recente zaak tegen Nederland.

Perspectief op vrijlating

In theorie kan de koning bij koninklijk besluit gratie verlenen, maar in de praktijk gebeurt dit nooit. Er zijn dan ook rechters die geen levenslange gevangenisstraf meer willen opleggen. De rechtbank in Assen legde vorig jaar bewust geen levenslang op in een moordzaak tegen twee broers, omdat de straf niet humaan zou zijn. Afgelopen maand oordeelde ook de hoogste Nederlandse rechter, de Hoge Raad, dat de Nederlandse uitvoering van de levenslange gevangenisstraf in strijd is met Europese mensenrechten. Levenslang gestraften hoeven niet per se vrij te komen, maar er moet wel enig perspectief op vrijlating zijn. Er moet dus een reële mogelijkheid zijn tot herbeoordeling, waarbij de Hoge Raad net als het Europees Hof verschillende voorwaarden stelt.

Om te voorkomen dat 'de levenslange straf een museumstuk wordt dat nooit meer wordt gebruikt', gaf staatssecretaris van Veiligheid en Justitie Klaas Dijkhoff op 2 juni alvast een voorzet voor de nieuwe wetgeving. Hij stelt voor een nieuw adviescollege in te stellen dat de staatssecretaris gaat adviseren of een levenslang gestrafte na de eerste 25 jaar celstraf in aanmerking kan komen voor resocialisatieactiviteiten.

Deze aanpassing voldoet echter nog steeds niet aan de mensenrechtelijke toets, integendeel. Het Europees Hof stelt namelijk dat er bij een levenslange gevangenisstraf een toetsmoment moet zijn waarop de straf opnieuw wordt beoordeeld. Vanwege deze herbeoordelingsmogelijkheid moet de tenuitvoerlegging zo worden ingericht dat de levenslang gestrafte zich kan voorbereiden op zijn mogelijke vrijlating. De toets die de staatssecretaris beoogt, gaat over de vraag óf een levenslang gestrafte een begin mag maken met resocialisatieactiviteiten. Dat is een wezenlijk verschil. Bovendien moeten resocialisatieactiviteiten volgens het Europees Hof vanaf het begin van de straf plaatsvinden en niet, zoals de staatssecretaris beoogt, pas na 25 jaar. Daarnaast moet de tussentoets plaatsvinden op basis van objectieve criteria en onder rechterlijke controle staan. Daar is in de plannen van de staatssecretaris geen sprake van.

De voorgestelde beleidswijzigingen van de staatssecretaris lijken hun doel, het handhaven van de levenslange gevangenisstraf, te missen, omdat het nog steeds in strijd is met het folterverbod. Rechters zullen zich blijven verzetten tegen de levenslange gevangenisstraf. Ik pleit niet voor afschaffing van deze straf, maar voor een meer humane straf waarbij de gedetineerde niet wordt behandeld als 'human waste'.

Wanneer de levenslange gevangenisstraf levensvatbaar wil zijn, dient het systeem gedetineerden al tijdens de eerste 25 strafjaren activiteiten gericht op resocialisatie te bieden. Daarnaast zal de tussentijdse beoordeling onder rechterlijke controle moeten komen te staan. Bij een miskenning hiervan is de levenslange gevangenisstraf ten dode opgeschreven.

Anique van den Bosch, mede-voorzitter werkgroep Strafrecht van het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden