ColumnMax Pam

Biden is geen Obama, hij is een matig spreker en zijn ‘Yes, we can!’ heeft geen uitstraling

Eddy Merckx heeft de ­manier waarop het team Jumbo-Visma de zege in de Tour de France verspeelde ‘naïef’ en zelfs ‘dom’ genoemd. En Merckx kan het weten. Hij was de superkampioen van het wielrennen, die alles won. In 1969 deed hij, wiens bijnaam ‘de kannibaal’ luidde, het nog net iets beter dan Pogacar dit jaar. Merckx arriveerde in Parijs met zowel de gele, de groene als de bolletjestrui om de schouders. ‘Cadeautjes geven’, zei hij, ‘doe je met Kerstmis, maar niet in het wielrennen.’

Volgens Merckx zag iedereen het aankomen, behalve Jumbo-Dombo zelf. Daar bleven ze hardnekkig op kop rijden om als een kudde buffels indruk te maken. Met als gevolg dat zij slechts zichzelf hebben uitgeput. De concurrentie hoefde vervolgens alleen nog maar op het juiste moment toe te slaan.

Ik vroeg me af of het iets met Hollandse arrogantie te maken kan hebben. Iedereen zag het misschien aankomen, maar in al de uren die Studio Sport er voortkabbelend aan wijdde, werd nimmer gezinspeeld op een mogelijk debacle voor de Nederlandse ploeg. Pogacar heeft het slim gespeeld. Hij heeft de krachtpatsers uitgeschakeld. Kennelijk beheerst hij op zijn 21ste al de psychologie van het winnen.

Een van de aantrekkelijkheden van sport is de onverwachte uitslag. Plotseling gaat de gedoodverfde favoriet ten onder. Hij (of zij) heeft zich onoverwinnelijk gewaand, of zoals bij Jumbo-Visma niets aan het toeval over­gelaten, maar toch stort ineens het kaartenhuis in elkaar. Het is de balans tussen overschatting en onderschatting, die strijd tussen mensen fascinerend maakt. Die speelt op, zodra ergens sprake is van competitie. Ook in de politiek. Dat Trump vier jaar geleden de verkiezingen won, was duidelijk een geval van onderschatting. Dat gevoel was zo sterk, dat Trump aanvankelijk zelf ook niet in de gaten had dat hij ging winnen. Hij hoopt nu op eenzelfde effect als in 2016.

Een nederlaag door onderschatting is niet zo maar een nederlaag, het is een traumatische gebeurtenis. Sporters weten het allang en het is inmiddels door de wetenschap bevestigd dat de blijdschap van een overwinning psychisch niet opweegt tegen het verdriet van een nederlaag. Voor een topsporter is een overwinning bijna de normaliteit. Een nederlaag daarentegen hakt erin. Sommigen herstellen nooit. Ik ben benieuwd hoe lang Roglic nodig heeft om zijn teleurstelling te verwerken.

Soortgelijke mechanismen ­treden ook op bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen. De ­Republikeinen lijken zich alles te kunnen permitteren, terwijl de Democraten hun als smadelijk ervaren nederlaag tegen Trump nog nauwelijks te boven zijn. Hillary zit te mokken en de Democraten hebben eigenlijk niets anders ­geprobeerd dan, met andere ­middelen, het succes van Obama te herhalen.

In die herhaling zit iets ­freudiaans, maar Biden is geen Obama. Biden wordt binnenkort 78 jaar, hij is een matig spreker en zijn ‘Yes, we can!’ heeft geen uitstraling. Het is geen toeval dat de Democraten er niet in zijn geslaagd een aantrekkelijke tegenkandidaat naar voren te brengen. Als zij de verkiezingen verliezen, is dat geheel hun eigen schuld.

Er zou eens onderzocht moeten worden welk effect winnen en verliezen heeft op de psychische gesteldheid van politici. Verkiezingen zijn onlosmakelijk met de democratie verbonden, maar wie regelmatig wordt geconfronteerd met een gebeurtenis die zijn verdere carrière – zijn verdere leven – kan bepalen, moet daarvan wel gevolgen ondervinden. De ene is in dat vak harder dan de andere.

Mark Rutte lijkt moeiteloos de komende verkiezingen weer te zullen winnen. Diederik Samsom, nog niet zo lang geleden zijn grote tegenstrever – ‘het eerlijke verhaal’ – is van het toneel verdwenen en lijkt te zijn ­gevlucht in een tamelijk vaste, overigens goedbetaalde baan. Hij was even freelance-columnist en parttimemedewerker bij een afval- en energiebedrijf, maar erg lang heeft hij dat niet volgehouden.

Verkiezingen zijn emotionele gebeurtenissen met een vaak ­irrationele uitslag. Dat de kiezer altijd gelijk heeft, is een uitspraak die al het kiezersbedrog in zich draagt dat onherroepelijk volgen zal. Niettemin komt de politicus er niet onderuit dat hij (zij, enz.) zich ook moet plooien naar zijn electoraat. Als hij wint, heeft hij in dit opzicht wat meer armslag dan als hij verliest.

‘Een politicus denkt aan de volgende verkiezing, een staatsman aan de toekomst’, zei ­Churchill. Bij de eerste de beste verkiezingen na de Tweede ­Wereldoorlog leed Churchill een nederlaag tegen Attlee, die nog verrassender en nog zwaarder was dan die van Roglic tegen ­Pogacar. Dat was een gevoelige les in nederigheid.

Voor velen is het onverdraaglijk dat politici regelmatig irrationele beslissingen nemen, terwijl zij diep in hun hart vaak beter ­weten. Dat is de prijs die voor een democratie moet worden betaald. Maar er is altijd een troost: volgend jaar is weer een Tour de France.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden