Opinie Zaak-Khashoggi

Beschermen Erdogan en Trump journalisten?

Natuurlijk was de moord op de Saoedische journalist een wrede misdaad, maar er zijn ongemakkelijke vragen te stellen, schrijft Keyvan Shahbazi.

De Turkse president Erdogan en de Amerikaanse president Trump in het Witte Huis, 16 mei 2017. Beeld EPA

De Saoedische journalist en voormalige insider van het regime, Jamal Khashoggi, liep het consulaat van zijn land in Istanbul binnen en kwam er niet meer uit, althans niet ­levend. Waarschijnlijk door een uit de hand gelopen poging tot ontvoering. Vervolgens gebeurde er iets opmerkelijks. De Turkse president Erdogan eiste opheldering. Hij zal anders zelf deze week alle details bekendmaken. De Amerikaanse president Trump stelde zware strafmaatregelen in het vooruitzicht, ‘te meer omdat het hier om een journalist gaat’. Geschrokken van zijn eigen woorden voegde hij er nog aan toe; ‘misschien wel een beetje vreemd om dat uit mijn mond te horen’.

Zijn Trump en Erdogan de ­beschermheren van journalisten en de verdedigers van de mensenrechten, of is er meer aan de hand? Alles wat we tot nu toe weten van de moord op Khashoggi is wat zijn persoonlijke vriend Erdogan steeds naar de Turkse media heeft laten lekken. Een sluwe tactiek van de oude vos om niet zelf direct tegenover de Saoediërs te ­komen staan, maar ze steeds verder in het nauw te drijven om wellicht toezeggingen te krijgen.

Oude truc

De regering-Trump is nu gedwongen voor de Saoediërs een pragmatische uitgang te creëren. Erkennen dat Khashoggi is omgekomen, maar de schade beperken door de link met het koninklijk huis af te snijden. Deze oude truc zal in ieder geval bij de westerse media en de publieke opinie niet slagen.

Mensen hebben sterk de neiging om in dichotome beelden en categorieën te denken: goed tegen kwaad, modern tegen conservatief, vrijheidsstrijder tegen despoot. De werkelijkheid is helaas vaak complexer en wellicht cynischer.

Neem het beeld dat over deze zaak in de publieke opinie heerst. Een onafhankelijke, vrijzinnige journalist is vermoord door de geheime dienst van een kwaadaardige fundamentalistische dictatuur. De geschonden rechtsorde zal de zaak tot de bodem uitzoeken. De internationale ­gemeenschap zal onder leiding van ‘the land of the free and the home of the brave’ de nodige maatregelen nemen zodat het recht zegeviert. Dit is helaas een te simplistisch beeld.

Natuurlijk was de dood van de in ongenade gevallen Khashoggi een wrede misdaad, en natuurlijk hoort hij tot de bodem te worden uitgezocht, en natuurlijk is Saoedi-Arabië geen Zwitserland (‘Davos in the Desert’ als conferentienaam is humor). Maar wie durft nu de ongemakkelijke vraag te stellen: past het beeld van de vrijheidsstrijder werkelijk bij Kha­shoggi, of had hij zelf ook twijfelachtige denkbeelden? Of de bijtende vraag of de berichtgeving over de ­inspanningen van de Turkse opsporingsdiensten ook kan worden ­gevolgd door de honderden Turkse journalisten vanuit hun gevangeniscel? Of de ontregelende vraag of de moord op een buitenlandse journalist gepleegd in het buitenland voldoende aanleiding is voor een Amerikaanse president om sancties op te leggen?

Drie andere vermoorde journalisten

Mag ik u hier nog drie onschuldige, vermoorde journalisten voorstellen? Namen die voor u onuitspreekbaar zijn en u hoogstwaarschijnlijk niets zeggen: Amir-Reza Mir-sayyafi (28), Hoda Saber (47), Satar Beheshti (35). Amir-Reza bezweek in 2009 onder marteling in de gevangenis, Hoda overleed in 2012 als gevolg van hongerstaking in de gevangenis, Satar stierf in 2012 in de gevangenis als ­gevolg van martelingen.

Zij waren geen Saoedische, maar Iraanse journalisten. U kent die ­namen niet, omdat ze werden vermoord in de periode waarin de Amerikaanse president Barack Obama drukdoende was zijn welbekende ­nucleaire akkoord met de Iraanse ayatollahs tot stand te brengen. Tijdens de gesprekken en briefwisselingen zijn de mensenrechtenschendingen in het algemeen en het lot van deze journalisten in het bijzonder wel ter sprake gekomen, maar als drukmiddel bij onderhandelingen, om vervolgens andere, ‘belangrijkere’, concessies af te dwingen.

Wisselgeld

Mensenrechten zijn wisselgeld in de internationale verhoudingen. Ze komen onder druk van de westerse publieke opinie op de agenda en spelen pas serieus een rol als ze een ‘belangrijker’ doel kunnen dienen.

De vraag in de zaak-Khashoggi is niet of uiteindelijk het recht zal zegevieren. De vraag is welke prijs het ­Saoedische koninklijk huis in deze zaak zal betalen, aan Turkije, aan Amerika en aan het zakenimperium van de familie Trump.

Keyvan Shahbazi is publicist en als cultureel psycholoog verbonden aan de Politieacademie. Voor meer artikelen zie: www.shahbazi.cc. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.