ingezonden brieven

Bereid u alvast voor op uw luidruchtige en ruziezoekende collega’s

De ingezonden lezersbrieven van vrijdag 11 juni.

Leerlingen van het Teylingen College Leeuwenhorst tijdens de pauze. Beeld ANP
Leerlingen van het Teylingen College Leeuwenhorst tijdens de pauze.Beeld ANP

Brief van de dag

Leraren van basisscholen geven aan dat diverse kinderen gedragsproblemen vertonen sinds de terugkeer naar school. Onrustiger, brutaler, slechtere concentratie en vooral meer ruzie, aldus de leraren. Wat hier wellicht ook meespeelt, is dat diezelfde leraren ook weer moeten wennen aan de dynamiek van een klas met dertig kinderen.

Het zette mij aan het denken dat dit ook alvast een waarschuwing is voor de terugkeer van werknemers naar kantoor. Naar verwachting zullen werknemers tijdens en na de zomervakantie hun weg richting kantoor in groteren getale weer weten te vinden. Hierbij zou het naïef zijn te veronderstellen dat de gedragsproblemen die kinderen laten zien, niet van toepassing zouden zijn op volwassenen. Wees dus voorbereid op onrustige, luidruchtige en ruziezoekende collega’s. We zijn gewaarschuwd.

Wilhelm van Zuyden, Leiden

Over de grens

Een zeer terechte aanklacht van Yra van Dijk en Marie-José Klaver tegen pulp. Het probleem begint al eerder: basisschoolleerlingen die alleen de hypes kennen, pabo-studenten die zeggen niet van lezen te houden, de Kinderjury als populariteitspoll. Dat was niet altijd zo. En in Vlaanderen is het nog steeds niet zo.

Daar lezen de kinderen die in groten getale jureren de boeken uit zorgvuldig opgebouwde gevarieerde lijsten en spreken ze er samen inhoudelijk over. Ook zitten er veel kinderen van allerlei afkomst op woordafdelingen van academies en zijn daar jarenlang in hun vrije tijd op een speelse manier met teksten bezig.

In vele opzichten (ook het sluiten van bibliotheken en boekwinkels vanwege corona, terwijl deze in de omringende landen als essentiële voorzieningen werden beschouwd) wordt het tijd dat er eens over de grens wordt gekeken om te zien hoe het beter kan.

Joke van Leeuwen, Antwerpen

Gelijke kansen

Waarom er in Nederland nooit naar het Belgisch onderwijssysteem wordt gekeken, is mij een raadsel. Daar gaan de kinderen als ze 2,5 jaar oud zijn vijf dagen per week naar school, een geweldige manier om ieder kind gelijke kansen te geven.

Ook zou het een flink deel van de ellende met kinderopvangtoeslagen kunnen voorkomen, want het onderwijs is gratis en vanzelfsprekend. En nog leuk ook, mijn kleindochter geniet al jaren van het bijzonder goede kleuteronderwijs daar.

Mariëtte Raeven-Wellens, Deurne

Academische docent

Diepgaande vakkennis en een academische denkwijze voegen niks toe aan de dagelijkse praktijk in de klas, zo betoogt Alette van Doggenaar. Het opleuken van het onderwijs, de biologieleraar ‘die leerlingen door de gang laat rennen’, is echter evenmin waar het onderwijs volgens Van Doggenaar behoefte aan heeft. Hoe deze twee beweringen samengaan is mij een raadsel.

Ieder kind verdient de mogelijkheid in aanraking te komen met de onderzoekende, kritische en academische houding van de universitair opgeleide docent. Deze houding en een vakinhoudelijke basis, die veel verder gaat dan ‘wat in het boek staat’, vormen het fundament van motiverend en uitdagend onderwijs.

Zeker nu feit en fictie verder verweven raken, is de academische docent onmisbaar om die houding te doen ontluiken. Door leuk en leerzaam te verenigen, ontstaat de basis van het aanwakkeren van de intrinsiek gemotiveerde en onderzoekende houding van leerlingen.

Gijs van den Brekel, Tilburg

Academische docent (2)

Als docent wiskunde ben ik verbonden aan het Etty Hillesum Lyceum te Deventer. Uit onderzoek blijkt dat een hoogopgeleide docent en zijn vakkennis één van de pijlers is van succesvol onderwijs.

Het is belangrijk dat je één of twee stappen verder kunt kijken dan de wiskunde waarmee leerlingen in de klas bezig zijn. Dat je een totaalbeeld hebt van je vakgebied. Dat je de verbondenheid van de domeinen differentiaalrekening en integraalrekening doorziet en het logische vervolg dat na de combinatoriek, de kansrekening en het hypothesetoetsen volgen.

Natuurlijk speelt klassenmanagement elke docent parten tijdens zijn eerste jaren voor de klas en houd je je bezig met groepsdynamiek. Maar mijn ervaring is dat als je je richt op de vakinhoud, als de specialist van je vakgebied, dat je leerlingen dan als vanzelf meeneemt in die wereld.

Ze leren dat een logaritme een bewerking is om uit te rekenen tot welke macht je iets moet verheffen om een bepaalde uitkomst te verkrijgen en dat daar rekenregels aan ten grondslag liggen die je prachtig kunt afleiden. De toepassing komt dan later als vanzelf binnen de wiskunde of daarbuiten in de natuurkunde of scheikunde.

Door een academisch geschoold wiskundeteam op mijn school kunnen we een heel scala aan keuzeonderwerpen aanbieden aan de leerlingen, zoals voortgezette integraalrekening, wiskunde achter de blockchain, cryptografie, aandelen en opties en getallenstelsels. Zo leid je leerlingen niet alleen op voor het eindexamen, maar leid je ze breder op. In mijn ogen is een hoogopgeleide docent daarbij essentieel.

Michiel Snuverink, Deventer

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden