Column Nico Dijkshoorn

Ben je eindelijk gehecht aan de Hollandse teek, doet de Duitse teek zijn intrede

De superteek is in Nederland. Hij is vanuit Duitsland ons land binnengevallen, dus dat gaat minimaal vijf jaar duren. Voor mij persoonlijk komt deze nieuwe teek op een heel ongelegen moment, omdat ik net een wat persoonlijker band met de normale teek opbouwde.

Ik herken veel in de normale teek. Als mannen of vrouwen zich vastzuigen in je nek, dan is dat meteen een kinky gespreksonderwerp in een BNN-programma naar keuze, maar als een Hollandse teek, gezellig achter je oorschelp, een paar weken met je meewiebelt, dan is de wereld te klein.

Wat ik ook erg herken in de Hollandse teek, is dat hij zich in godsnaam dan maar in de enkel van een bejaarde vrouw vastzuigt die, met haar rug tegen een boom, snel even in het bos pist. Hollandse teken zijn tevreden met weinig. Ze wachten op iemand die toevallig langskomt, klampen zich vast en wachten geduldig tot ze uit het lichaam worden getrokken. Dat herken ik allemaal.

Andere dieren zijn veel kieskeuriger. Die willen dan toch weer het mannetje met het mooiste paarse gezwel op zijn rug. Hollandse teken maakt het niets uit. Die wachten aan een grashalm op het toeval. Teken hebben geen verborgen agenda. Iedereen is goed genoeg. De Hollandse teek ziet een schoen, een sok, een stukje enkel, en spingt dan op het vlees, ongeveer zoals mijn moeder aan mijn vader is gekomen.

Die harmonie wordt nu verstoord door de Duitse teek. Deze is viermaal groter dan de gewone teek. Het zal dus wel weer een of ander lulverhaal over lebensraum zijn. Maar nu komt het. De Duitse teek wacht niet op een gastheer, nee, hij gaat actief op zoek. In een bericht lees ik dat ‘de terrorteek enorme snelheden kan ontwikkelen’. Sommige Duitse teken achtervolgen hun prooi tot wel honderd meter.

Dat vind ik dus helemaal niet spannend bij een eerste ontmoeting. Het is wel typisch Duits gedrag. Probeer maar eens lekker rustig door het Zwarte Woud te lopen. Dat lukt je niet. Meteen heb je dertig man in een korte leren broek achter je aan. Ze willen je hun overhemd laten zien. ‘Kijk, bij jullie ligt dit in bistro’s op tafel, maar wij gebruiken het als kledingstuk’. Ze laten je ook een klep in hun broek zien.

Wij, Nederlanders, organiseren het doelloos rondhollen veel beter. Wij lopen gezellig met z’n allen vier dagen door Nijmegen, we nemen een bos bloemen in ontvangst, zeggen dat we deze tocht eigenlijk hebben gelopen voor de melaatsen in Patagonië en daarna gaan we weer een jaar zitten.

Ik denk dat je de Duitse teek maar op één manier kunt bestrijden: naast hem gaan hollen. Dat werkt altijd. Ik doe het weleens bij marathonlopers. Vijf kilometer met ze meerennen en ondertussen een peertje schillen of een kruiswoordraadsel oplossen.

Want laten we eerlijk zijn, dat zou dan opeens heel bijzonder zijn, dat een teek heel hard kan hollen. Waar hebben we het over? Als een Duitse teek de boekdrukkunst voor insecten uitvindt, dan praten we weer eens verder, maar tot die tijd: naast ze gaan hollen.

Denk als een teek. Ga langs een landweg staan, wacht tot er een Duitse teek voorbijkomt en dan accelereren. Samen in een bocht van de weg hangen en dan even een tikje op zijn kont. ‘Auf wiedersehen!’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden