Commentaar Publieke sector

Bedrijven mogen best meer bijdragen om de verzorgingsstaat te redden

Burgemeester Femke Halsema van Amsterdam en korpschef Frank Paauw staan de pers te woord over de maatregelen om het capaciteitstekort bij de politie aan te pakken en de werkdruk te verminderen. Beeld ANP

In Amsterdam gaan politie­bureaus en scholen dicht van­wege personeelstekorten, zo werd deze week bekend. Een week kon in de Volkskrant al ­worden geconstateerd dat voor kwetsbare ouderen met ingewikkelde problematiek geen plaats is in het Nederlandse zorgsysteem. Elders in de zorg zorgen maandenlange wachttijden ervoor dat pubers met anorexia of peuters met gewelddadige of verslaafde ouders van hulp verstoken blijven.

Kortom, de publieke sector ligt er na jaren van ­bezuinigen, doorgeslagen decentralisatie en een heilig geloof in de vrije markt en zelfredzaamheid ernstig verwaarloosd bij. In een rijk land als Nederland is dat moeilijk uit te leggen aan burgers. Van een econo­mische crisis is al lang geen sprake meer. Voor dit jaar valt een begrotingsoverschot te verwachten van ruim 10 miljard, de staatsschuld is met 50 procent historisch laag en ver onder de Europese eis van 60 procent.

Onder deze omstandigheden zou het toch passen om leraren of politieagenten een fatsoenlijk salaris te bieden of te voorkomen dat zorginstellingen patiënten weigeren omdat het geld op is? Gemeenten die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de hoofdmoot van diensten aan de burger beklagen zich met recht dat zij te veel taken moeten uitvoeren met te ­weinig geld.

Geld is zeker niet de enige oplossing voor de ­problemen in de publieke sector. Het personeelstekort had voorkomen kunnen worden wanneer tijdig ­rekening was gehouden met de uitstroom door ­vergrijzing. In de zorg en het onderwijs wordt te veel parttime gewerkt, hetgeen ook te maken heeft met perverse fiscale prikkels om het anderhalfverdienersmodel in stand te houden. In de grote steden drijven bovendien de hoge woonlasten agenten, onderwijzers en zorgverleners de stad uit.

De verschraling van de publieke sector is ook te ­wijten aan doorgeslagen marktdenken. Het priva­tiseren van zorg ging gepaard met ingewikkelde ­aanbestedingsprocedures die hebben geleid tot ­bureaucratie en versnippering. Goed functionerende jeugdinstellingen moesten nu met tientallen gemeenten onderhandelen over budget en aanbod met als ­gevolg dat zij zijn overgeleverd aan de grillen van talloze – hier niet voor opgeleide – gemeenteambtenaren. Ze konden daardoor niet langer de constante zorg ­bieden die ze gewend waren.

Ook in de ouderenzorg heeft gemeentelijke aanbesteding dramatische gevolgen gehad voor de kwaliteit van zorg. Decentralisatie, met het idee van zorg dichtbij de burger, is gepaard gegaan met enorme bezuinigingen. De cynische uitkomst is nu dat wanneer gemeenten de taak goed oppakken en aan de ­keukentafel zorgbehoeften vaststellen er onvoldoende geld is bij de instellingen die ze contracteren om die zorg te leveren.

Veel burgers waarvan bovendien door de achtereenvolgende kabinetten-Rutte meer zelfredzaamheid werd verwacht, vallen zo tussen wal en schip. Ouderen die nog te goed zijn voor het verpleeghuis vereen­zamen thuis, kanslozen op de arbeidsmarkt verliezen hun ondersteuning en jongeren die in afwachting zijn van psychische hulp, belanden op straat.

Complexe en basale zorg hoort voor iedereen toegankelijk te zijn, net als onderwijs en het recht op een veilige en leefbare omgeving. Decentralisatie en liberalisering is in veel gevallen niet het juiste antwoord gebleken. Bovendien zijn de budgetten in de publieke sector onvoldoende meegegroeid met de vraag.

Terwijl het dienstenaanbod verschraalt zien burgers hun lasten alleen maar stijgen. Grote bedrijven daarentegen dragen steeds minder bij aan de staatskas. In tien jaar liberaal beleid is de belastingdruk voor bedrijven met liefst een kwart afgenomen. Hier ligt dus nog ruimte om de groeiende kloof tussen ontevreden burgers en overheid te dichten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden