COLUMNBert Wagendorp

Asscher zag hoe de macht zich tegen mensen kan keren; hij wás de macht die zich tegen mensen keerde

Het is inmiddels drieënhalve week geleden dat het vernietigende rapport Ongekend Onrecht verscheen, over het kinderopvangtoeslag-schandaal. Een van de verantwoordelijken daarvoor was Lodewijk Asscher, tussen 2012 en 2017 minister van Sociale Zaken namens de PvdA in het kabinet Rutte II.

Rutte III heeft inmiddels drie keer overleg gevoerd over het rapport. Deze week nog één keer en als de ministers er eindelijk uit zijn, komt Rutte vrijdag met een kabinetsstandpunt over de akelige kwestie. Daarop volgt dan een debat in de Tweede Kamer. Bij Buitenhof zei Jesse Klaver (GL) zondag dat er wat hem betreft maar één acceptabele reactie is: inpakken en wegwezen. Zo niet, dan komt hij met een motie van wantrouwen.

De Kinderopvangtoeslag-affaire is niet zomaar politiek schandaal nummer 54a, maar het absolute naoorlogse dieptepunt in de verhouding tussen staat en burger. De burger werd door de overheid genadeloos gekielhaald en als media (Trouw en RTL) en de Kamerleden Omtzigt en Leijten zich er niet in hadden vastgebeten, zouden de diepe onrechtvaardigheid en schofterigheid van de affaire nooit boven water zijn gekomen.

Omtzigt is van het CDA en Leijten van de SP. En dus niet van de PvdA. Hoewel je dat wel had mogen verwachten, aangezien de raison d’être van de sociaal-democraten toch de bescherming van de zwakkeren in de samenleving is. Wie in handen viel van de Belastingdienst, behoorde daarna automatisch tot de zwakkeren.

De passieve houding van de PvdA-Kamerleden had mogelijk te maken met de positie van Asscher – vicepremier, minister van SoZa en een van de vier leden van de Ministeriële Commissie Aanpak Fraude die de genadeloze jacht initieerde. Tegenover de commissie-Van Dam kon Asscher niet uitleggen waarom hij als minister meerdere malen signalen dat het finaal fout ging, had gemist of genegeerd.

Geen wonder dat de positie van Asscher als leider van de PvdA de afgelopen weken ter discussie stond. Maar volgende week komt tijdens het partijcongres een motie in stemming waarin juist steun voor hem wordt uitgesproken. Ondertekend door honderden PvdA-leden, onder wie alle negen leden van de Kamerfractie, ex-bewindslieden en diverse burgemeesters, onder wie natuurlijk Sharon Dijksma, sinds kort burgemeester van Utrecht en sinds mensenheugenis de loyale groupie van iedere PvdA-leider.

Asschers ‘feilbaar en oprecht leiderschap waarderen we boven Tefalpolitici die wegduiken en dralen,’ schrijft de initiatiefnemer. En hij komt met deze mirakelzin: ‘Vanwege de manier waarop hij omgaat met zijn rol als voormalig bestuurder in het aangedane onrecht verdient Lodewijk Asscher waardering.’ Verantwoordelijkheid is voor de indiener een woord uit een dode taal.

De positie van Asscher is door zijn rol in de toeslagenaffaire niet verzwakt maar versterkt. Zelf wil hij, zei hij onlangs in Trouw, ‘het vertrouwen in de overheid herstellen.’ Hij acht zich daarvoor zeer geschikt, hij heeft namelijk gezien ‘hoe de macht zich tegen mensen kan keren.’ Zeker. Sterker nog: Lodewijk Asscher zat er met de neus bovenop. Hij wás de macht die zich tegen mensen keerde.

Steunt Asscher straks de motie van wantrouwen van Klaver? Of is dat tevens steun voor een motie van wantrouwen tegen hemzelf?

Ik vrees dat de steunmotie vooral is ingegeven door het feit dat nergens een andere PvdA-leider is te bekennen – althans eentje die er zin in heeft.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden