Column Thomas van Luyn

Als ze iets zegt, ga ik heel hard sssst tegen haar doen en indringend op het bordje stiltecoupé wijzen

Beeld Valentina Vos

Als er in de stiltecoupé een passief agressieve droplul om z’n stoeltje heen buigt om je een boze blik te geven omdat je met je chipszakje kraakt, dan is er een goede kans dat ik dat ben. Best wel een beetje een nazi, ik. Maar het kan altijd erger. In Duitsland, bijvoorbeeld. Daar zit nu een mevrouw de hele tijd steunend en zuchtend om te kijken in de stiltecoupé, omdat er een kindje pruttelgeluidjes maakt tegen zijn iPad. 

Ik ben op weg terug naar Nederland, en ben eerlijk gezegd een beetje moe van die Duitsers. Of beter gezegd: van het opzitten en pootjes geven de hele tijd. Begrijp me goed, het is een fijn land. Geweldig eten, heerlijk bier, uitstekende wijn en nette kleding. De mensen zijn enorm correct, zowel politiek als anderszins. Maar wél van de regeltjes. Ik maak me de hele tijd zorgen of ik wel op de goede stoel zit, op tijd in het restaurant ben, op tijd weer vertrek, niemand in de weg loop en mijn paspoort wel bij me heb.

Deze trein, daar moest ik inspringen omdat de fluit ging, maar in de deur waar ik met mijn koffer in wou, stond een conductrice, en die ging dus niet opzij. Gewoon níét. Zonder me aan te kijken bleef ze daar staan, zo van: je zoekt maar een andere deur. En alleen in Duitsland denk ik dan dat het míjn fout is. In Nederland zeg je tegen zo’n vrouw: ‘Wat is jouw probleem?’ Hier loop ik dan een coupeetje om. En ja, bij het kaartje controleren wou ze mijn paspoort erbij zien. 

Duitsland is toch het land waar, als je door rood oversteekt, tien mensen ineens ‘also also also’ tegen je roepen. Gek genoeg zijn ze met fietsen ineens weer heel anarchistisch. Fietspaden en stoepen gebruikten ze verkeerd om, opdat ze ook boze blikken kunnen geven als ik me wél aan de regels houd. O en die fetisj met contant geld: steeds als ik na zo’n heerlijke schnitzel met halve liter Bittburger mijn pinpas tevoorschijn haal, wordt er gefronst. ‘Sie möchten mit Karte zahlen?’ Nee, met levende kippen, nou goed. Het apparaat wordt gezocht, er wordt verbinding gelegd, er worden codes ingetypt. Als ik geluk heb, hè? In de kleinere plaatsjes zeggen ze nee, sorry, daar kunnen we niet aan beginnen, aan die 21ste eeuw van jullie. 

Om nog maar te zwijgen over mobiel betalen, dat is echt hekserij in hun ogen. Maar goed, dat wijf in de trein: vroeger ergerde ik me ook als er een baby in het vliegtuig begon te huilen, maar nu ik ze zelf heb is mijn instinct eerder om tegen de ouders zeggen: geef maar hier, kunnen jullie even dutten. Ik vind dat alleen mensen met kinderen stemrecht zouden mogen hebben, de rest is te egoïstisch om voor anderen te beslissen. Dus wanneer zo’n Duitse kinderhatende droge schoot zichzelf belangrijk gaat zitten vinden, dan wil ik die pesten. Meer dan extra hard op mijn laptoptoetsen rammen kan ik even niet, dus dat ben ik nu aan het doen, als er spelfouten in staan is dat de oorzaak. Maar ik hoor haar al zuchten. Straks, als ze haar mond opendoet om erover te klagen, ga ik heel hard sssst tegen haar doen, en indringend op het bordje stiltecoupé wijzen. Dat heet hier Ruhebereich. Klinkt véél enger.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden