Rondvraag

'Als twee mannen zoenen, verdampt de acceptatie'

Nederlanders staan steeds positiever tegenover lesbiennes, homo's, biseksuelen en transgenders, maar als het concreet wordt, dan is die tolerantie ver te zoeken. Een derde van de Nederlanders neemt aanstoot aan zoenende mannen in het openbaar (tegenover 12 procent bij hetero's), blijkt uit een nieuw rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Waar komt deze dubbele moraal vandaan?

Beeld anp

Laurens Buijs, socioloog aan de UvA:

'Je kunt het onderzoek ook positief benaderen. In Nederland worden de cijfers voor homoacceptatie al decennialang beter. Aan de andere kant: als mensen het voor hun ogen zien gebeuren, dan verdampt die acceptatie opeens. Vraag in algemene termen hoe ze denken over homo's en het homohuwelijk en je krijgt een heel ander beeld dan dat je concreet vraagt hoe ze het vinden als homo's voor hun neus gaan zoenen. Dat is de dubbele moraal. Je kunt het positief voorwaardelijke acceptatie noemen, maar ook schijntolerantie.

'Nederlanders zien zichzelf graag als tolerant, vrijzinnig en progressief. Dat heeft zijn oorsprong in de jaren zestig. Er is toen een generatie opgestaan die zich is gaan afzetten tegen het depressieve naoorlogse Nederland met zijn verzuiling. Dat werd gezien als conservatief. Vooral in de steden. Tolerantie is onderdeel van onze nationale identiteit geworden. Je ziet ook dat partijen en politici als Geert Wilders daarop inspelen door de progressieve Nederlander lijnrecht tegenover de moslims te zetten die niet zo zijn. Terwijl dat nergens op gebaseerd is. Het zegt veel over hoe Nederlanders voor een groot deel wíllen zijn.

'In werkelijkheid kent Nederland een enorm traditioneel-christelijke traditie. Kinderen zijn opgevoed met sprookjes en bepaalde verwachtingen over mannen en vrouwen. Dat is nu wel wat aan het verschuiven, maar voordat het echt binnenkomt, zijn we jaren verder.

'Nee, we moeten niet wachten tot die acceptatie vanzelf komt. Het is goed om er aandacht aan te besteden, bijvoorbeeld op basisscholen en middelbare scholen. Er is een wet die voorlichting over homoseksualiteit verplicht maakt, maar over de inhoud is niet goed nagedacht. Dat moet wel gebeuren. Het is belangrijk om tegen jongeren te zeggen dat het niet slecht is wat ze voelen. Homo's die net uit de kast zijn gekomen en in de gay scene terechtkomen, moeten er in eerste instantie ook aan wennen dat mannen met elkaar zoenen. Dat ervaren ze als heftig. Op een gegeven moment wennen ze er aan. We moeten niet vergeten dat hetero's dat proces nooit doormaken.

'Over het onderzoek van het SCP is nu veel verontwaardiging, onder meer vanuit de COC, maar laten we ervoor waken om mensen niet te veroordelen. Schouders eronder. Het is een proces van de lange adem.'

Laurens Buijs. Beeld .

Anton van Hooff, oud-hoofddocent klassieke geschiedenis aan de Universiteit Nijmegen:

'Er wordt soms gezegd dat homoseksualiteit in de Griekse Oudheid werd toegestaan en zelfs bejubeld. Gerard Reve heeft het over 'de Griekse beginselen'. Er werd omstreeks 1900 ook gesproken van de Griekse liefde, l'amour grec. Maar het is niet waar dat een homoseksuele relatie tussen twee volwassen mannen in de Oudheid werd geaccepteerd. Het ging in die tijd in seksualiteit om machtsverhoudingen. Bij een man en een vrouw wist je wie de baas is. Bij een oudere man en een jongere man was het ook duidelijk maar bij twee volwassen mannen was het bedenkelijk. Wie is dan het vrouwtje? Centraal bij de Grieken stond de asymmetrische verhouding terwijl we in onze tijd streven naar gelijkwaardige relaties.

Bij knapenliefde, ook wel pederastie genoemd, was het duidelijk wie de baas was. De oudere man nam het initiatief en de jongere man moest het ondergaan. Ik heb wel eens een Egyptisch huwelijkscontract van rond het begin van de jaartelling gezien waarin de man zich verplicht de vrouw te onderhouden en belooft in huis geen relaties met een andere vrouw of knaap aan te gaan. De minnares en knaap stonden dus op gelijke hoogte.

Bij de Romeinen was de mannenliefde minder geaccepteerd. Het enige voorbeeld dat me te binnenschiet is dat van keizer Hadrianus. Hij was Grieks georiënteerd en had ook een knaap, Antinoos, waar hij dol op was. Toen die knaap stierf was Hadrianus zo verdrietig dat hij in het hele rijk beelden van Antinoos liet neerzetten. Dat werd stilzwijgend geaccepteerd maar later werd daarover gegniffeld en zijn de beelden weer naar beneden gehaald.

Dat men in de Griekse Oudheid minder homofoob was dan nu is een van de vele mythes. Maar in wezen was de houding niet minder tweeslachtig dan nu.'

Anton van Hooff. Beeld AvH
Antinoös, Adrianus' knaap. Beeld Avh
Keizer Hadrianus. Beeld AvH

Ahmed Marcouch, Tweede Kamerlid voor de PvdA:

'In Marrakech (Marokko) heb je wijken waar homoseksualiteit in bepaalde zin is geaccepteerd, als het maar niet zichtbaar is. Uit het SCP-onderzoek blijkt dat in Nederland die zichtbaarheid ook een probleem is.

'De kern van acceptatie is dat mensen zich niet hoeven te verstoppen. Dat is het ergste wat je een mens kunt aandoen. Elke dag weer die angst om te worden ontdekt. Homo's moeten zich innerlijk zo veilig voelen dat ze helemaal zichzelf kunnen zijn. In de wijk, in een portiek, op school. Dat is nog lang niet het geval. Een homo vertelde me eens dat hij tien keer door het spionnetje keek voordat hij naar buiten ging, om er zeker van te zijn dat die lelijk buurjongen van 16 er niet was. Die achtervolgde en bespuugde hem.

'In moslimkringen zie je vaak dat mensen bang zijn voor het onbekende. Ze associëren homo's met seks, terwijl ze de mens moeten zien. Bij hetero's zie ik ook niet meteen het beeld van wat zij in hun slaapkamers doen. Vanuit religieuze overtuiging zou je de schepper moeten accepteren die de schepping heeft gemaakt.

'Veel moslims worden nooit met homoseksuelen geconfronteerd. Ik heb veel gesprekken met hen gevoerd, onder meer in Slotervaart. In het begin zijn ze boos, maar als je het gesprek doorzet en de confrontatie opzoekt, dan zijn ze binnen een uur te kraken. Ik vraag dan: hoe zou het zijn als je zoon of dochter homoseksueel is?

'Te vaak wordt het beeld geschetst van de homo als blanke man. Daar tegenover zouden de allochtonen staan die het niet accepteren. Dit doet geen recht aan de werkelijkheid. De homo is niet altijd die witte man, maar kan ook je zoon zijn of de zoon van je vriend.

'De bestrijding van intolerantie begint in de wieg. Daarom is voorlichting aan ouders ook zo belangrijk. Die ouders komen nu te weinig aan bod.'

Ahmed Marcouch. Beeld ANP

Tanja Ineke, voorzitter van COC:

'Verontwaardigd ben ik niet door dit onderzoek, maar de feiten liggen er. Het maakt me wel strijdbaar. Ik schrik er toch van als ik zie dat ruim eenderde van de Nederlanders er aanstoot aan neemt als mannen op straat zoenen. Bij hetero's is dat 12 procent. Dat vind ik een significant verschil.

'Ik vind het ingewikkeld om dit te verklaren. In wettelijk opzicht gaat het juist goed. De gelijke rechten nemen toe. Je zou denken dat het makkelijker wordt om je in het openbaar te uiten. Om niet alleen maar homo te zijn, maar het ook te doen, om het zo maar te zeggen. Ik hoop dat het steeds normaler wordt naarmate het meer zichtbaar wordt, maar er is nog een lange weg te gaan.

'Of ik zelf hand in hand loop op straat? Wat denk je? Veiligheid staat voorop en dat zegt eigenlijk al genoeg. Iedereen in de LGBT-gemeenschap heeft een radar voor wat veilig is of niet. Ik kan wel een voorbeeld geven: ik fiets ergens in Noord-Holland met mijn vrouw over een dijk. We fietsen naast elkaar, maar raken elkaar niet aan. Er moet iets aan onze houding zijn. In ieder geval roept iemand: vieze potten! Als ik hand in hand loop, dan kijken mensen soms drie keer om. Lopen ze echt hand in hand? Ik wil niet leven in een wereld waarin ik over dit soort dingen na moet denken.'

Tanja Ineke. Beeld ANP

Arthur Japin, schrijver:

'Nederland is tolerant en is daar trots op. Maar tolerantie is iets anders dan acceptatie, eerder het tegenovergestelde. Iemand tolereren is zeggen: 'jij bent anders, maar ik duld jou.'

Dat dulden kent een grens. Iedereen die tot een minderheid behoort is zich die grens dag in dag uit bewust.

Nederland is geen slecht land voor homo's. Het is hier al heel lang mogelijk om als man een andere man te kussen of samen hand in hand te lopen. Dit kan je doen, maar het voelt NOOIT vanzelfsprekend. Je moet er een pantser voor opzetten, want je wéét dat je wordt bekeken en beoordeeld. Altijd en overal.

Tussen alle goedwillenden die je passeert zijn er altijd mensen die je vies vinden. Geen wandeling van twee mannen of vrouwen hand in hand wordt gemaakt zonder dat er commentaar op komt. Elkaar kussen in het openbaar gaat een stap verder en de reacties ook. Je kunt het doen, maar je moet tegelijk klaar zijn om van je af te slaan. Dit is dus een hele andere openbare kus dan tussen hetero's die dit alles nooit hoeven te vrezen en nooit hebben ervaren. Je kunt het doen, maar je stelt, zonder dat je dit wilt, tegelijk een daad. Er is bravoure voor nodig.

Ik geloof niet dat dit erger is geworden, nee. Het verschil is dat veel Nederlanders denken dat die gelijkheid voor LGBT nu zo onderhand wel is bereikt. Hierdoor verrast een uitkomst als deze hetero's misschien. Mij lijkt die eerder erg optimistisch. Het is namelijk in een enquête (en ook tegenover jezelf) makkelijk gesteld: 'ik neem geen aanstoot aan twee kussende mannen'.

Maar meet de reacties, gezichtsuitdrukkingen, turf de spottende opmerkingen op het moment dat mensen het voor zich zien gebeuren, ik denk dat je dan een hele andere uitslag krijgt.

Hier is weinig aan te doen. De meerderheid maakt de dienst uit. Dit is het hart van onze samenleving en zelfs van de democratie, de meeste stemmen gelden, de smaak van de meeste heerst. Dit is voor degene die tot een minderheid behoort, welke minderheid dan ook, een gegeven.

(Al mijn romans gaan hier in feite over: hoe houdt een buitenstaander zich tussen de anderen staande. Mensen zijn zo vindingrijk, vaak is het buitenstaanderschap een schitterend gebrek, een strijd die mensen uiteindelijk tot nieuwe hoogten brengt.)

Wat het werkelijk betekent is voor hetero's misschien lastig na te voelen. Jaren geleden hadden we in Amsterdam de Gays Games. Ik vond dat aanvankelijk nogal onzinnig totdat het zover was. De stad werd overspoeld met homo's en voor het eerst van mijn leven voelde ik me deel van een meerderheid. Ik kon mezelf zijn zonder bang te zijn voor andermans oordeel. Dit was een onbeschrijfelijke ervaring: Och, dacht ik, zó voelen hetero's zich dus elke dag!
Ik heb dit gevoel daarna nooit weer ervaren.

Toen ik in 2000 een vriend kreeg in New York nam hij op straat mijn hand. Tot mijn verbijstering keek niemand op of om. Dit wil vast niet zeggen dat iedereen het goedkeurde, maar die stad staat of valt al sinds zijn stichting bij volledige integratie. Daarvoor moet je datgene waarin een ander anders is accepteren, of je wilt of niet. Dit is in Nederland, vandaag de dag zeker maar ook van oudsher, bepaald anders.

Hier loop ik niet hand-in-hand, maar commentaar krijg je op straat ook zo wel. Het is ook wel voorgekomen dat er voor ons op de grond gespuugd werd.

Misschien maakt deze enquête weer wat hetero's ervan bewust dat de homo-emancipatie nog lang niet is voltooid, zoals veel mensen denken, en zover zal het ook nooit komen. En sta dan vooral erbij stil dat het in veel landen veel en veel slechter is gesteld.'

Arthur Japin. Beeld anp

Karin Blankenstein, Voorzitter John Blankenstein Foundation

'Mijn broer John Blankenstein was scheidsrechter en homoseksueel in het profvoetbal. Hij heeft daar zelden problemen mee gehad. Hij werd op zijn beslissingen veroordeeld en beoordeeld, zo hoort het ook. Mijn broer is nu overleden maar wij zetten zijn werk via de John Blankenstein Foundation voort, we proberen de sociale acceptatie van homo's, in vooral de amateursport te verbeteren. Je moet reëel zijn, het is een lang proces. Toen donkere voetballers op het veld verschenen, werden er bananenschillen op het veld gegooid. Als je dat nu doet is het een schande. Terecht. Maar het laat zien dat het tijd nodig heeft. Omdat ik een broer had die homoseksueel was, ben ik al op jonge leeftijd met homoseksualiteit in aanraking gekomen. Dat geldt niet voor iedereen.

Het is geen onwil maar men weet niet hoe hiermee om te gaan. Moet je een roze elftal beginnen? Nee, dat hoeft niet, zeggen wij maar benoem wel dat iedereen welkom is. Welk geloof, etnische achtergrond en seksuele geaardheid je ook hebt. Dat de acceptatie zolang duurt, verbaast me wel. Houd op met het woord homo te schelden. Het is het meest gebruikte scheldwoord op scholen. Ouders denk na.'

Karin Blankenstein. Beeld KB
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden