Opinie Op de zeepkist

‘Als nabestaanden van donoren geen dankbrieven meer krijgen, zal dat gevolgen hebben voor het aantal mensen dat zich als donor aanmeldt’

Tim Hoogenbosch (61). Beeld Katja Poelwijk

Wie

Tim Hoogenbosch (61), leraar Nederlands en echtgenoot van Yvonne, die een donorhart kreeg.

Probleem

Driekwart van de ontvangers van een donororgaan schrijft geen bedankbrief aan de nabestaanden.

Oplossing

Zoek hulp bij het schrijven (mail desnoods naar mij via bedankbrieftransplantatie@gmail.com).

‘Toen ik onlangs het verhaal in de Volkskrant las over de ouders van Mette, die zo verlangden naar een bedankbrief van de mensen die een orgaan hadden ontvangen van hun overleden dochter, brak mijn hart. Mijn vrouw heeft nog niet zo lang geleden een donorhart gekregen. Ik ervaar dat als een wedergeboorte en heb om het te vieren vorig jaar een groot renaissancediner gegeven. Toen ze haar donorhart kreeg, voelde ik dezelfde sensatie als toen ik mijn zoon vlak na zijn geboorte voor het eerst in mijn armen kreeg gedrukt: nieuw leven! En nog dagelijks zijn we tot in onze vezels dankbaar voor dit cadeau. Mijn vrouw heeft haar kinderen volwassen zien worden, ze werkt weer als basisschoolleraar en we kunnen weer samen op reis. Het is belangrijk voor nabestaanden zoiets te horen, die snakken naar een teken van leven.

Tegelijkertijd snap ik ook waarom het zo moeilijk is te schrijven. Ik ben leraar Nederlands in het voortgezet onderwijs en zie hoeveel moeite leerlingen tegenwoordig hebben met schrijven. We leven in een beeldcultuur en zijn niet meer geoefend om onze gedachten en gevoelens op een weloverwogen manier op papier te zetten. Ja, we gooien er iets uit op Facebook of WhatsApp, maar dat is niet te vergelijken met het schrijven van een brief.

Na een transplantatie zit je in een emotionele rollercoaster. Je bent ook niet meteen gezond en 22 procent van de ontvangers van een donorhart overlijdt binnen vijf jaar. Veel stellen gaan na een transplantatie uit elkaar. Bij mijzelf kwamen ook toen pas alle emoties los, die ik de jaren daarvoor niet had toegelaten, omdat ik de boel draaiende moest houden. Ik kreeg uitvalverschijnselen en ben behandeld voor PTSS.

Zeven keer had ik in de jaren daarvoor afscheid genomen van mijn vrouw. Niet ‘bij wijze van spreken’, maar écht: ik had de begrafenis geregeld en was de speeches aan het schrijven, dat gaat je niet in de koude kleren zitten. Sinds haar hart er midden in de jungle van Thailand mee ophield, had ze een steunhart – een metalen pomp met een slangetje naar een accu op haar buik. Eigenlijk is dat niet meer dan een noodoplossing. Eén keer heeft-ie een slagader kapot getrild, waardoor haar long volliep met bloed. Ze heeft tia’s gehad waardoor ze haar spraak verloor en halfzijdig verlamd raakte.

Vijf maanden na de transplantatie hebben we huilend een dankbrief aan de nabestaanden geschreven. We zijn zo dankbaar, maar zelfs voor ons was het moeilijk. 

Na de zomervakantie ga ik met deeltijdpensioen. Dus ik dacht: misschien ligt hier een taak voor mij. Ik zou donorontvangers willen adviseren hulp te zoeken bij het schrijven. Er is altijd wel iemand in de buurt die van schrijven houdt. En als dat niet het geval is, kunnen ze bij mij terecht. Ik heb er speciaal een e-mailadres voor aangemaakt.

Want als nabestaanden geen dankbrieven meer krijgen, zal dat uiteindelijk gevolgen hebben voor het aantal mensen dat zich als donor aanmeldt. Terwijl het zo’n bijzonder en noodzakelijk gift is.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden