Column Stephan Sanders

Als er in de beleving van de Duindorpers één ding wordt gestapeld, is het verlies

Vreugdevuren zijn fantastisch, zeker als je jong bent en al helemaal wanneer de hele buurt aan de brandstapel heeft meegewerkt. U was op zoek naar sociale cohesie? Tegen zo’n vreugdevuur kan geen Opzoomer-actie op. Een wezenlijk onderdeel van zo’n vuur is het gevaar dat altijd op de loer ligt. Geen bijkomstigheid. Zonder gevaar niet het bijna bezwerende plezier daarna.

Dagen, weken wordt er gewerkt, gestapeld, geschikt en herschikt; zo ontstaat de krankzinnig hoge piramide van het wankele evenwicht. Precisiewerk. En na al die precisie gaat de hele boel in een keer in de fik. Wat een verrukkelijke verspilling, wat een zinloze overvloed. Zoals de inheemse stammen van Noord-Amerika de ‘potlach’ kenden, het grandioze feest waarbij voedsel en geschenken (soms ook mensen) werden vernietigd, zo is het buurtvuur een opgeheven vinger tegen de calculerende burger, en als je even flink doordramt, een laaiend protest tegen het neoliberalisme zelve.

Nu ben ik net de laatste Duindorper kwijtgeraakt die me nog geloofde.

Toch zijn er mijn herinneringen: 10 jaar oud, spannend, je mocht veel langer op blijven: je zag de stapel groeien en die ene avond stond alles in lichterlaaie. Het gewone buurtje werd gevangen in een betoverend licht en terwijl de volwassenen al weer naar huis wilden, bleven jij, je vrienden en vriendinnen rondhangen. En waar het weer donker werd en de lichamen niet goed meer te onderscheiden waren, werd er gekust en geflikflooid.

Mijn herinnering speelt zich af in Twente en het vreugdevuur was een Paasvuur, maar je hoeft geen Duindorper te zijn om de sensatie van de brandstapel te begrijpen.

Op 14 november zag ik beelden van de aankomst van Sinterklaas in Den Haag. Lieve help, wat waren die Pieten daar zwart, als enige grote stad in de Rand van Nederland. Ik verbaasde mij daarover, maar gelukkig beschik ik over een Surinaamse man, die veel van Nederland snapt waar ik geen chocola van maak. ‘Wisselgeld’, zei hij. ‘Want ze mogen toch waarschijnlijk ook de vreugdevuren niet meer hebben, na die bijna-ramp in Scheveningen. Dus moet Piet zeer zwart. Wisselgeld.’

Twee tradities in één keer weg, dat zou te veel van het goede zijn.

En zelfs die ene vreugdevuurtraditie wordt met man en jongen en ­molotovcocktail verdedigd, hebben we gezien en gehoord.

Ik citeer een Duindorper: ‘Scheveningen heeft het verpest, ook voor mijn kleinzoon.’

Want in Scheveningen was vorig jaar het vliegvuur, dat een wel heel reële bedreiging vormde voor de huizen in de buurt. De buurt, die in competitie is met het nabij gelegen Duindorp, op z’n middeleeuws en op z’n Italiaans: Nederlandse toeristen in Toscane vinden het altijd weer een ontdekking, maar in eigen land is het ineens onbegrijpelijk.

En dat ‘verpest voor mijn kleinzoon’ is meesterlijk gevonden. Tradities zijn er niet voor jezelf, maar ­bestaan om zo ongeschonden mogelijk doorgegeven te worden. De ­mythe wil dat het brandhout via de overgrootvader wordt doorgegeven aan de kleinzoon. Daarbij komt inmiddels ook de modernste machinerie kijken.

Is het verstandig dat de gemeente Den Haag dit jaar de vreugdevuren verbiedt? Zeer. Want tradities mogen bedelen om in ere te worden gehouden, de eer van een afgebrande woonwijk is betrekkelijk.

Hoe verstandig ook, de Duindorpers ervaren verlies. Citaat: ‘En nu hebben ze ook nog het vreugdevuur afgepakt.’ Net zoals ze dat deden met Zwarte Piet (niet, dus), net als de huurtoeslag, de gemeentelijke bijdrage voor de eigen scootmobiel?

Als er in de beleving van de Duindorpers één ding wordt gestapeld, is het verlies.

Ik kan me voorstellen dat de gemeente geen vergunningen wil afgeven, maar het idee dat de gemeente ingrijpt in zo’n buurtfeest is al een afgang in de ogen van de organisatoren. ‘Vrije jongens’ waren we, weer een illusie armer.

Het helpt niet dat de Duindorpse jeugd het ervaren verlies omzet in vernielingen in de buurt, alsof iedereen gedwongen wordt de reële puinhopen te zien van een imaginair feest dat nog moet plaatsvinden.

Het helpt ook niet dat weldenkende mensen, die alleen grote vuurkorven kennen in hun grote achtertuin, suggereren: gedoe om niks.

Er gaat iets verloren, ook nog eens voor de mensen hun ‘eigen bestwil’. Het is veel gevraagd dat de verliezers daar ook nog eens dankbaar voor moeten zijn.

Stephan Sanders is journalist en columnist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden