CommentaarRobert Giebels

Als een tweede golf niet wordt voorkomen, verandert incidentele krimp in structurele neergang

Hoofdeconoom van het CBS, Peter Hein van Mulligen, kwam vrijdag woorden tekort om de economische krimp te duiden. Beeld ANP

De economie draaide nooit slechter dan in april, mei, juni. Blijft het daarbij?

Inktzwart, catastrofaal, dramatisch; de brenger van het nieuws dat de ­Nederlandse economie in het tweede kwartaal van dit jaar met 8,5 procent is gekrompen, kwam woorden tekort om de betekenis van dat cijfer te duiden. Zelfs in de jaren dertig van de ­vorige eeuw was de klap niet zo groot als het coronavirus nu toebrengt aan de economie, stelde hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

In april, mei en juni is de economische groei van de ruim vijf jaar daarvoor tenietgedaan. Voor de arbeidsmarkt geldt dat de groei van de afgelopen twee jaar is weggevaagd. Het wekt de indruk van de economie als een kaartenhuis, waarbij dat van Nederland vergeleken met de rest van Europa nog het minst wankel is.

Dat de schade in Nederland relatief kleiner is, is een strohalm: als economisch herstel inzet, profiteert ­Nederland eerder dan de rest. Een van de verklaringen voor de geringer dan gemiddelde Europese krimp is dat Nederland ruimhartiger dan andere landen miljarden aan inkomenssteun heeft verstrekt. Dat geld stutte de economie, redde banen en beperkte het verlies van vertrouwen van producenten en consumenten.

De economie is nu aan het opkrabbelen. Dat zou het voorbije, historische tweede kwartaal markeren als het absolute dieptepunt. Wie de arbeidsmarkt met kille, onpersoonlijke blik bekijkt, constateert dat daar de schade nog meevalt. Het recordaantal banen dat daar verdwenen is, betreft voor het overgrote deel flexibele banen, waarvan te verwachten is dat die als eerste terugkeren als de economie herstelt.

Maar dat herstel is voorwaardelijk. Wanneer de ­stijging van het aantal coronabesmettingen dusdanig doorzet dat alom gesproken wordt van een ‘tweede golf’, maken economische actoren terugtrekkende ­bewegingen. Dan verdwijnen naast de flexibele banen ook de vaste. En voordat werkgevers die laten terugkeren, zijn jaren van vertrouwenwekkend herstel ­nodig. Jaren waarbij er vermoedelijk geen overheid meer is die ten koste van een oplopende staatsschuld met miljarden kan strooien.

Als niet voorkomen wordt dat het aantal ziekenhuisopnamen weer snel toeneemt, de ic’s opnieuw vollopen en een tweede lockdown nodig is, verandert de historische, maar incidentele krimp in een structurele economische neergang. Dat tij is nu nog te keren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden