Column

Allochtoon en niet-EU-burger hetzelfde?

Het tabel verbergt net zoveel als dat zij laat zien.Beeld .

Geen geknoei met cijfers, maar wel onzorgvuldig gehussel met verschillende definities. De ombudsvrouw behandelt vragen, klachten en opmerkingen over de inhoud van redactionele pagina's en journalistieke aanpak.

Een cliché misschien, maar zowel een lezer als een onderzoeker refereerde deze week aan de uitdrukking: 'Er zijn drie soorten leugens: leugens, grove leugens, en statistieken.' Aanleiding was de opening krant van afgelopen zaterdag: 'Allochtonen moeten zich invechten, vindt Mark Rutte. Op de arbeidsmarkt scoren ze in Nederland slechter dan waar dan ook (op Zweden na). Hoe kan dat?'

De stelling was gebaseerd op een eigen analyse van bestaande statistieken, zo bleek uit een nieuwsartikel op pagina 2. 'Van de autochtone beroepsbevolking heeft 77,1 procent betaald werk, terwijl van de allochtonen nog niet de helft (49,5 procent) werk heeft. Dit verschil van 27,6 procentpunt is het op een na hoogste van Europa', aldus het stuk. In de bijgevoegde tabel kon de lezer de cijfers zelf nagaan. De linkerkolom toonde de 'arbeidsparticipatie onder niet-EU-burgers', de rechterkolom het verschil met autochtonen.

Wacht eens even, reageerde een lezer, hier worden verschillende definities door elkaar gehusseld. De cijfers in de tabel zijn afkomstig van Eurostat, de Europese equivalent van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Daarin wordt gerept van 'niet-EU-burgers', een selectie op basis van nationaliteit.

Dat is wat anders dan 'allochtonen', waarbij wordt geselecteerd op afkomst: ten minste één ouder is in het buitenland geboren. En hoewel het pas verderop in het artikel wordt benoemd, gaat het hier eigenlijk over de disproportioneel hoge werkloosheid onder 'niet-westerse allochtonen' (lees: Nederlanders van bijvoorbeeld Marokkaanse, Turkse, Surinaamse of Antilliaanse afkomst).

'Volkskrant knoeit met cijfers van allochtonen en buitenlanders', concludeerde een blogger, die vaker migratiecijfers onder de loep neemt. Dat is te hard gesteld, zeggen drie wetenschappers die ik heb geraadpleegd. De tabel van Eurostat staat als een huis, met de cijfers is niet geknoeid. Wel is er onzorgvuldig met definities omgesprongen.

Er bestaat enige overlap tussen de begrippen niet-EU-burgers en niet-westerse allochtonen (vooral de eerste generatie migranten), maar er zit ook licht tussen. Zo vallen Marokkaanse Nederlanders van de tweede generatie wel onder de Nederlandse definitie van niet-westerse allochtoon, maar niet onder die van niet-EU-burger. In de tabel van Eurostat lost de tweede generatie Marokkaanse Nederlanders op in de groep autochtonen.

Volgt u het nog?

Dat er definitieverwarring optreedt, is op zich niet vreemd. Het begrip 'allochtoon' kwam in zwang nadat de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) dit in 1989 in een rapport had geïntroduceerd. Allochtoon was bedoeld als neutrale vervanger van het woord minderheid, dat een hele groep negatief zou wegzetten. Intussen is de term allochtoon net zo beladen en pleiten sommigen voor afschaffing. Niet alleen vanwege de negatieve connotaties, maar ook vanwege de meetmethode die te weinig specifiek zou zijn. Je bent al snel een allochtoon. Zo zijn onze prinsesjes bijvoorbeeld ook niet-westerse allochtonen, omdat moeder in Argentinië is geboren.

Daar komt bij dat deze unieke definitie zich internationaal lastig laat vergelijken. In veel Europese landen ontbreekt informatie over de maatschappelijke participatie van migranten en wordt er niet op herkomst geregistreerd - dat ligt in Frankrijk en Duitsland bijvoorbeeld politiek gevoelig. Feitelijk is er geen Europees onderzoek beschikbaar waarmee de werkloosheid van niet-westerse allochtonen kan worden vergeleken, aldus de experts.

De verslaggever van de Volkskrant was zich hiervan terdege bewust, hij is niet over een nacht ijs gegaan. De gegevens van Eurostat over arbeidsparticipatie van niet-EU-burgers waren volgens hem het 'best beschikbare vergelijkingsmateriaal tussen landen'. Bovendien werd deze informatie ondersteund door cijfers van de OESO, zij het eveneens met een iets andere definitie.

Hij vindt het gebruik van de verschillende begrippen verantwoord, omdat ze elkaar grotendeels overlappen. 'De grote verschillen kunnen immers niet verklaard worden door de westerse allochtonen, die qua arbeidsparticipatie en werkloosheidscijfers veel meer op autochtonen lijken dan op niet-westerse allochtonen.' Het beeld wordt ook gestaafd door OESO-cijfers over opleidingsniveau en arbeidsparticipatie.

Volgt u het nog?

Ingewikkeld of niet, bovenstaande alinea had eigenlijk in het stuk moeten staan. 'Het was schipperen tussen alles correct opschrijven en de leesbaarheid van het bericht', zegt de verslaggever. Natuurlijk, de krant is geen wetenschappelijke studie, er is geen plek voor voetnoten, maar bij ruimtegebrek had verwezen kunnen worden naar een verantwoording op internet.

Overigens had zo'n disclaimer niet alle omissies opgelost. De kop 'Nederland tweede op ranglijst werkloosheidskloof' suggereert dat de cijfers betrekking hebben op werkloosheid, terwijl ze over arbeidsparticipatie gaan. Dat is wezenlijk anders, mailt een lezer. 'De niet-arbeidsparticipanten worden gevormd door werklozen, maar ook door studenten, vroeggepensioneerden, renteniers, arbeidsongeschikten, maar vooral door huisvrouwen en -mannen.'

De foute kop had de verslaggever over het hoofd gezien. Hij wijst erop dat in het stuk de juiste cijfers en definities wel corresponderen. De lezer moet evenwel behoorlijk wat gedachtensprongen maken om de bedoelingen van de auteur te kunnen bijbenen - en de koppenmaker kennelijk ook.

Jammer, zeggen de specialisten, want de portee (niet-westerse allochtonen zijn erg slecht af op de Nederlandse arbeidsmarkt) klopt wel degelijk. Dat maakt de begeleidende reportage (van dezelfde auteur) in een Rotterdamse wijk goed inzichtelijk. De Eurostattabel laat daarentegen net zoveel zien als dat zij verbergt. In Europa bestaan grote verschillen in migratiegeschiedenis, de koloniale banden zijn van invloed alsook de arbeidsparticipatie van vrouwen uit die groepen. De cijfers zijn eerder het begin- dan het eindpunt van journalistiek onderzoek.

Een telefoontje vooraf met een deskundige had de verslaggever de weg kunnen wijzen en hem kunnen behoeden voor denkfouten. De wetenschapsredactie werkt met een protocol waarbij minimaal een onafhankelijke deskundige wordt geraadpleegd voordat wetenschapsnieuws de krant haalt. Het is wellicht wijs deze werkwijze ook toe te passen op eigen journalistieke producties als er statistieken in het spel zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden