Alles onder controle?

Het verlangen naar controle en het taboe op sleur

Aan overlijdensadvertenties valt veel af te lezen. Mensen die op hoge leeftijd zijn gestorven, worden beschreven als zorgzaam, zachtaardig, hardwerkend, toegewijd en tevreden met weinig. ‘Grootvader trad zelden op de voorgrond.’ Of: ‘Oma genoot als wij genoten.’ Er wordt de hoop uitgesproken dat de overledene in vrede mag rusten, en in het hiernamaals herenigd mag worden met de lieve echtgeno(o)t(e) die jaren eerder stierf, maar toch nog dagelijks werd gemist.

Degenen die sterven in de kracht van hun leven, krijgen originelere, persoonlijker advertenties. Manager Bernard (57) werd door de kinderen van de eerste leg Bernie genoemd, en Beertje door zijn tweede vrouw. Hij heette Beestemans bij zeilmaten en pokervrienden, en in zijn club voor sigaarrokende hobbyrappers was hij Def B, alias De Boeddha – vanwege zijn enorme grijns en zijn belangstelling voor Oosterse filosofieën. De dode was iemand die ‘peper in zijn reet’ had, conflicten beëindigde door luid Beethoven te draaien en alles wist van wodka. Zijn levensmotto: waar geen weg is, is een wil.

Vervolgens wordt zijn ziekte beschreven, zijn dappere verzet tegen chemokuren en bestralingen. Bernard stierf op Bonaire, tijdens een cursus diepzeeduiken. Wie weet welke schitterende vissen hij in die laatste seconden nog heeft gezien! Nabestaanden wensen hem een avontuurlijke trektocht door het paradijs toe, een everlasting orgasm, en het weerzien met zijn oude gabbers: de herdershonden Muts, Potatoe-pie en Dylan junior. Mooi contrast ook, eerst die gevoelige spreuk van Spinvis, daaronder een wreed citaat uit de film Pulp Fiction…

Natuurlijk is Bernard veel te vroeg van uit het leven weggerukt, maar hij heeft er wel iets van gemáákt – en hoe! Dat mag, nee, moet iedereen weten. (En iedereen die tussen de regels door kan lezen, ziet dat de dode nergens echt in uitblonk, maar dat is een ander verhaal.)
Intussen mag iedereen ook meeleven met al die vrouwen die zijn geboren in families waar borstkanker erfelijk is. Media besteden geregeld aandacht aan hun dilemma’s. Wel of geen genentest?

En bij een positieve uitslag: struisvogelpolitiek, of borsten en eierstokken preventief laten verwijderen, met alle langdurige pijn en verdriet van dien? Laat je eventuele embryootjes onderzoeken op aanwezigheid van het gen? Prachtig dat de medische wetenschap degenen met een hoge kans op de agressieve, vaak dodelijke ziekte daar tegenwoordig van kan vrijwaren, dat vrouwen niet meer de lijdensweg hoeven gaan van hun oma, moeder, tantes – maar door de nieuwe mogelijkheden komt hun leven alsnog volledig in het teken van borstkanker te staan. Wie besluit zich niet te laten opereren, bijvoorbeeld omdat ze zich niet zo lang uit het arbeidsproces wil terugtrekken, lijdt onder haar egoïsme. ‘Stel dat de kinderen al jong een moeder moeten missen, dan is dat mijn schuld. Ik had immers een keuze…’

Tunnelvisie
Dat de erfelijk belaste vrouwen ook voor hun vijftigste onder een vrachtwagen kunnen komen, door een hersentumor geveld kunnen worden, of getroffen kunnen worden door een progressieve spierziekte, lijkt noch bij henzelf, noch bij artsen en interviewers op te komen. Hun tunnelvisie maakt dat de vrouwen geloven dat hun leven pas kan beginnen als de angst voor borstkanker is verdwenen, als ze zeker weten dat ze honderd procent veilig zijn. En die garantie bestaat niet.

De gretige, kwikzilverachtige, uitbundige levensstijl van de (te?) vroeg gestorven Bernard, lijkt haaks te staan op die van de vrouw die jaren amper aan leven toekomt, omdat het voorkomen van borstkanker al haar aandacht opeist. Wie beter kijkt, ziet dat beiden het leven opvatten als kostbaar ‘ding’. Geef twee jongetjes een Zwitsers zakmes en je merkt: de één wil het meteen gebruiken en zoekt voorwerpen om in te snijden, om door te prikken, aan flarden te knippen, af te zagen en glad te vijlen – de ander bewaart het en poetst het nu en dan op, zodat het lang meegaat en niet al bot en roestig is als hij het een keer echt nodig heeft. Maar het leven is geen zakmes. Je hebt geen leven, maar je bent levend. Toch koesteren mensen de illusie heer en meester zijn over een bezit, en zelf kunnen bepalen of ze het enthousiast gebruiken tot het ‘op’ is, of er zuinig en veilig mee omspringen, waardoor ze het langer bij zich kunnen houden.

Zeer oud
In de overlijdensadvertenties van zeer oud geworden mensen wordt vrijwel nooit vermeld welke plannen ze met hun leven hadden en hoe ze die hebben verwezenlijkt. Ze leefden zus, of ze leefden zo – van een (over)bewuste omgang met een object, een gebruiksartikel was kennelijk geen sprake. Veiligheid of avontuur, controle of creativiteit; alsof dit voor hen geen vragen waren. ‘Je leefde gewoon, en daar was je blij om. Punt uit.‘ Saai, u zegt het. Armoedig ook.

Tegenwoordig zijn voorspelbaarheid en sleur zowel thuis als op de werkvloer streng verboden. Er moet wat te ontdekken, te beleven zijn. Ondernemende, sportieve, aantrekkelijke mensen die over grenzen heen kijken en ‘hun gevoel durven volgen’, worden ten voorbeeld gesteld aan al die ouderwetse, burgerlijke lieden die routine en goedkeuring door familie en buren verkiezen boven een rijk gevuld, aandachtig, afwisselend leven ‘in het NU’.

Al geruime tijd worden er cursussen, congressen en therapieën geboden die helpen bij de transformatie van kleurloze angsthaas tot bruisende, spontane levenskunstenaar. Bevrijd jezelf uit het keurslijf van wetten, normen, feiten en regeltjes – van (loopbaan)planning en controle! De vrijheidspredikers schetsen het beeld van een overheid die alles van haar burgers wil weten, en daartoe steeds vaker inbreuk pleegt in de persoonlijke levenssfeer. Wat te denken van het cameratoezicht dat hand over hand toeneemt? Onder het mom van misdaadpreventie worden ook buitenechtelijke escapades vastgelegd…

Databestanden
Wat gebeurt er als verzekeringsmaatschappijen, hypotheekverstrekkers en medische instellingen ooit hun databestanden aan elkaar koppelen? Is het gewenst dat een supermarkt middels een handige kortingskaart kan bijhouden welke producten iemand koopt? Wordt dergelijke informatie doorgesluisd? Naar wie? Met welke doeleinden? Welke druk leg je op jonge vrouwen, als je ze én stimuleert om carrière te maken, én van ze vraagt om ruim voor hun dertigste aan kinderen te beginnen, omdat de kans op complicaties dan nog gering is? Het probleemkind kan pas een ‘rugzakje’ krijgen als zijn aandoening een naam heeft, als hij is gelabeld – zijn unieke persoonlijkheid doet er niet toe, hij is voor onderwijskrachten en hulpverleners hooguit het zoveelste ADHD-geval. Voorbeelden te over van de ontmenselijking die door alle controle in de hand wordt gewerkt.

Rookverbod
Maar terwijl het rookverbod in de horeca als verregaande betutteling wordt bestempeld, en de uitgebreide voorzorgsmaatregelen die tegen de Mexicaanse griep zijn genomen inmiddels worden gehekeld als ‘bangmakerij’, krijgt dezelfde minister van Volksgezondheid, Ab Klink, te horen dat de overheid de reclame voor snoep en vette snacks moet verbieden en burgers actief moet sturen in de richting van gezonde voeding; steeds meer kinderen kampen met overgewicht. Het is ook nooit goed. Waar geen controle is, eisen burgers die onmiddellijk, en het verwijt van onverschilligheid ligt al op hun lippen bestorven; kijk naar de kredietcrisis – dat krijg je als bankiers vrij spel geeft…

Echter, waar de controle hen in hun vrijheden beperkt, worden beleidsmakers en bestuurders afgeschilderd als berekenende bureaucraten die burgers tot in hun intiemste verlangen willen begrijpen en beheersen. De mythe van Big Brother is nog steeds springlevend, maar de reus kan verslagen worden door eigenzinnige Klein Duimpjes die steeds weer nieuwe vermommingen en sluiproutes ontdekken waarmee ze de uiterst rechtlijnige, rationele vijand te slim af kunnen blijven.

Door creativiteit op te voeren als tegenhanger van controlezucht, en als heilzaam tegengif, wordt verdoezeld dat werkelijk creatieve mensen, in casu kunstenaars, vaak meer discipline aan de dag leggen dan de gemiddelde ‘loonslaaf’, die best wil overwerken als daar een extra beloning of promotiekansen tegenover staan, maar zich nog nooit in zijn leven ook maar één dag heeft ingespannen ‘om niet’ - of uitsluitend om iets wat misschien al goed was, tot in details te perfectioneren. Een kunstenaar werkt niet om te leven, maar leeft om te werken.

Monomaan
In de praktijk betekent dat hij niet eerst allerlei workshops volgt om zijn ‘authentieke zelf’ te ontdekken, of ‘ bij zijn oorspronkelijke gevoel’ te komen; hij wil meteen met zijn ideeën aan de slag. Een benauwende opvoeding, een slechte huisvesting, geldgebrek, relatieproblemen, een onverzorgd uiterlijk, geen tijd voor spectaculaire vakanties en uitjes, overgewicht, een belabberde conditie? Nou en! Het boek, het beeldhouwwerk, de symfonie komt eerst. Ook als iemand beseft dat zijn werk maar door een klein publiek genoten zal worden, raffelt hij niets af, evenmin doet hij concessies om de massa te bereiken. Wie werkelijk creatief is, neemt risico’s en brengt offers – al is het vrijwel altijd de buitenwereld die hem hierop moet attenderen.

De creativiteit die in vacatures wordt gevraagd, die op symposia door managementgoeroes wordt gepredikt, die wordt gestimuleerd door damesbladen, meubelzaken en modehuizen, die te leren valt uit zelfhulpboeken, die zo heilzaam zou zijn voor je seks- en liefdesleven en zo behulpzaam bij het omgaan met negatieve emoties, heeft niets te maken met de creativiteit van de kunstenaar – de populaire term ‘levenskunst’ ten spijt.

Invoelend
Een werknemer die mag bedenken dat er voortaan vergaderd gaat worden in de openlucht, op bont gekleurde kussens in het gras, liefst schoenen uit, (‘Origineel idee, Jaap! Wie weet tot welke baanbrekende invallen dit leidt!’) zal geloven dat zijn baas een uiterst invoelende man is, die zijn persoonsleden ziet als meer dan de uitvoerders van vaste taken; iemand die begrijpt dat er behoefte is aan af en toe iets onverwachts. In werkelijkheid heeft zijn baas op een dure training geleerd dat je je mensen soms de kans moet geven eigen initiatief te ontplooien, hoe belachelijk dit ook uitpakt: hun verantwoordelijkheidsgevoel groeit erdoor, ze voelen zich niet slechts gewaardeerd om wat ze doen, maar om wie ze zijn… En dit reduceert stress, vermindert de kans op burn outs en voorkomt uitval door langdurig ziekteverzuim. Inderdaad: een win-winsituatie.

Natuurlijk is het niet de bedoeling dat Jaap de notulen voortaan in rijmende verzen aanlevert, of zijn verbeelding gebruikt om zich voor te stellen hoe het bedrijf goedkope confectie kan blijven produceren zonder gebruikmaking van kinderarbeid elders. Creatief boekhouden is uit den boze, en geen medewerker moet het wagen om in de avonduren een roman te schrijven waarin hij de wanpraktijken in zijn bedrijf aan de kaak stelt; zelfs wanneer vorm en stijl van groot literair talent getuigen, is dit niet de creativiteit waar werkgevers op zitten wachten.

Voorspelbaarheid
Kortom, de creativiteit moet dienend zijn, functioneel, en tevoren moet vaststaan dat ze voordeel oplevert. Daarmee wordt creativiteit overgeheveld naar het rijk van overzicht, voorspelbaarheid en controle. Ze wordt ongevaarlijk en geleidelijk onvruchtbaar gemaakt en waar ze nog wel baart, brengt ze monsters ter wereld die werkelijk menen dat het ondersteboven ophangen van een uitvergrote, overbelichte vakantiefoto je al tot een fascinerende, onconventionele persoonlijkheid maakt – en die in hierin bevestigd worden elke keer als ze eenzelfde gedrocht aan de muur van een kennis of collega zien.

‘Ha, ha! Mij eerst uitlachen, maar nu ze durven ze opeens zelf ook! Lekker moedig en onafhankelijk, zeg!’
Vervolgens geven ze toe dat ze lang en intensief ‘aan zichzelf’ hebben moeten werken om tot deze moed te komen; ooit lieten ook zij zich dicteren door wat ‘men’ goed, mooi en belangrijk vond, heel zielig eigenlijk. Maar sinds ze inzien dat je zelf de auteur bent van je eigen, authentieke, enerverende biografie, dat elke dag een nieuwe bladzijde is van de gevoelige en afwisselende roman die je wilt achterlaten…

Zielloos
Het grappige is dat deze bekeerlingen nog steeds anderen napraten, in zielloos, modieus jargon, en niet zien dat de meelijwekkendste meelopers nu te vinden zijn onder de mensen die aan het ‘kijk mij eens lekker NIET meelopen!’ een dagtaak lijken te hebben.
Door het blij uitventen van het gebod ‘Gij zult uw dynamische, creatieve zelf zijn’ bestempelen ze al diegenen die hieraan niet kunnen of willen voldoen tot losers, die hun talenten laten verkommeren en zich niet laten verrassen. Maar hoe gaan ze zelf met de verrassingen van het leven om?

Lees de o, zo originele overlijdensadvertenties die ze voor hun geliefde, jongste broer of vrienden opstellen en de tranen springen je in de ogen: verbijstering, wanhoop, woede, gemis en verdriet worden met zo veel mogelijk toeters en bellen overschreeuwd, de dode wordt aangesproken alsof hij het feestelijke middelpunt zal zijn op zijn eigen condoleanceborrel, en je vreest dat de dierbaren zich, mocht de rouw niet binnen het daartoe wetenschappelijk vastgestelde half jaar over zijn, zullen aanmelden bij een (kunstzinnig) therapeut die hen helpt de boel zo snel mogelijk te verwerken. Want je moet natuurlijk wel weer zonder ballast dóór kunnen, je hebt nog zo veel woeste plannen met je leven…

Al het gejubel over verandering, vernieuwing en creativiteit ten spijt: na mislukkingen, tegenslag, verdriet en pijn, moeten mensen tegenwoordig zo snel mogelijk weer ‘de oude’ worden.
Ze mogen alles met hun leven doen – maar het leven, de liefde en dood mogen niets met hen doen. En niemand hoort de tegenspraak. Geen wonder: daarvoor is het veel te druk. Alles onder controle.

De moderne ‘plicht’ tot zelfontplooiing is het het thema van de dertigste bijeenkomst van de VeerStichting, komende week in Leiden. Op verzoek van de stichting schreef Désanne van Brederode een essay over creativiteit, het verlangen naar controle, en het taboe op voorspelbaarheid en sleur.

De VeerStichting is in 1979 opgericht door Leidse studenten en wil ‘de gedachtewisseling tussen studenten en de vormgevers van de maatschappij bevorderen’. De stichting is genoemd naar het studentenhuis ’t Veertje in Leiden, waar de oprichters destijds woonden. Sinds 1980 wordt jaarlijks een symposium gehouden, ditmaal op 8 en 9 oktober in de Pieterskerk in Leiden onder de titel Alles onder Controle? ‘Iedereen heeft in een steeds opener en complexer wordende wereld de vrijheid, maar ook de plicht zich te ontwikkelen en te ontplooien. Laten wij het verantwoordelijkheidsgevoel voor onszelf en de maatschappij te gemakkelijk overmeesteren door het verlangen naar controle en (schijn)zekerheid?’
Sprekers zijn onder anderen minister Donner van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de Zambiaanse schrijfster Dambisa Moyo, de Singaporese filosoof Kishore Mahbubani, dirigent Ed Spanjaard, raad van bestuurslid van Akzo Nobel Tex Gunning, ex-verslaafde Keith Bakker en Petra Prescher die op haar 22ste vanuit Oost-Duitsland naar Nederland vluchtte. Voorzitter van het symposium is Jeroen Smit, de auteur van het boek De Prooi over de ondergang van de bank ABN Amro. Zie ook: veerstichting.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden