Column Rob van Essen

Alles bleek anders toen ik daadwerkelijk voor De Nachtwacht stond

Ik ging naar het Rijksmuseum om De Nachtwacht te zien. Ik had gelezen dat het schilderij werd gerestaureerd, gewoon in de zaal waar hij altijd hangt, van het publiek afgeschermd door een grote glazen doos.

Nog voor ik de deur uit was, stelde ik me voor hoe dat zou zijn, en daar ging het ­meteen al mis. Ik zag in witte jassen gehulde ­restauratoren voor me, gewapend met vergrootglazen, verfdoosjes, wattenstaafjes en wat restaurateurs zoal bij zich hebben wanneer ze naar hun werk gaan.

Ik vroeg me af hoe het moest zijn om dag in dag uit in een glazen doos te werken, onder het toeziend oog van een steeds wisselend publiek. Werd je daar nerveus van? Ging het ten koste van je vaste hand? Je kon nooit eens uitgebreid geeuwen, even lekker in je neus peuteren kon je ook wel vergeten.

Maar misschien was het ook wel een prettige afleiding, al die toeschouwers. Zouden de restauratoren elkaar op de hoogte houden van vreemde exemplaren? ‘Kijk nou, die man daar links, is dat een kapsel of brandschade?’ En op een dag zou een van de restauratoren opkijken en aan de andere kant van de glaswand de vrouw van zijn leven zien staan.

Terwijl ze zijn blik vasthield schreef ze cijfers op het glas, hij wist dat het haar telefoonnummer moest zijn maar kon het niet lezen omdat hij aan zijn kant van het glas spiegelschrift verwachtte, maar zij had dat ingecalculeerd en schreef zélf in spiegelschrift – en omdat men zijn verwarring zag, begonnen alle bezoekers de cijfers luidkeels te herhalen, één voor één, in alle talen van de wereld, en de restaurator toetste ze in op zijn telefoon en kreeg haar inderdaad aan de lijn en ze spraken nog lang en gelukkig.

Maar dit waren gedachten vooraf, toen ik de straat nog op moest. Alles bleek anders toen ik daadwerkelijk voor De Nachtwacht stond. ­Nergens was een restaurator te bekennen. De glazen doos was leeg, op een gigantisch, in hoogte verstelbaar apparaat na dat vlak voor het schilderij op rails stond. Met een heen en weer schuivend venster scande het een klein deel van het doek, streepje voor streepje, met een onmenselijke, werkelijk gékmakende traagheid en ­precisie.

Het was een ontnuchterend gezicht. In de glazen doos speelde zich geen romantische komedie af, ik was beland in een sciencefictionfilm. Ik zag voor me hoe het apparaat zichzelf op een stille nacht via een wormgat hiernaartoe had ­getransporteerd en meteen aan de slag was ­gegaan. Met elke beweging van het scannende oog ontstond op een verre planeet een identieke versie van De Nachtwacht, streepje voor streepje, met een traagheid en precisie waarmee ze daar geen enkele moeite hadden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden