Alles aan ons is fair play

We wisten niet wat we zagen. Kijkers in de cafe’s keken elkaar met open mond van het eerste tot aan het derde doelpunt.

Tussen die twee goals golfde het spel op en neer en domineerde Nederland Italië. Dit was voetbal zoals voetbal gespeeld moet worden. In dit elftal zag de Nederlander de droomversie van zichzelf terug.

Zelfverzekerd, transparant en gedisciplineerd.

De postmoderne variant van het totaalvoetbal van Cruijff waarin de ruimte van de spelers naar believen groot en dan weer klein werd gemaakt; de linies die op elkaar aansloten als scheermessen om de tegenstander mee te verwonden.

Transparant voetbal dat dit waterrijke land weerspiegelt en uiting is van het open Nederlandse karakter. We hebben niets te verbergen. Alles aan ons is fair play. U mag gerust naar binnen kijken. Deze openheid is onze kracht. Ook in het voetbal.

Er waren snelle uitbraken na een afgeslagen aanval die getuigden van kracht en inzicht. De breedtepas naar links bleek nu niet eens niet een uitvlucht maar een manier om op simpele wijze het spel open te leggen.

Het was niet makkelijk een uitblinker aan te wijzen. Hier was een team aan het werk. Ook een prettige Nederlandse gedachte: je doet alles samen, het individu kan alleen maar excelleren dankzij de groep.

Alle voetballers maakten dit na afloop tot vervelens toe duidelijk: het hele elftal had gescoord. Van Nistelrooy was eerlijk als een dominee: hij dacht ook dat zijn doelpunt buitenspel was geweest. Hij leek er bijna aan toe te willen voegen: 'Ik had hem eigenlijk niet willen scoren. Dat doe je niet, vind ik.'

Het was lang geleden dat Nederlanders met zo weinig verwachtingen aan een toernooi begonnen. Dit Oranje lag ons niet. Er leefde onzekerheid over de capaciteiten van deze spelersgroep die onder Marco van Basten nooit helemaal de harten van de supporters kon winnen omdat het zo on-Nederlanders speelde. Waar was de branie en het lef gebleven? Waarom moest het systeem met vleugspelers ingewisseld worden?

Een Nederlander wil trouw blijven aan zijn karakter want het is het enige dat hij heeft. Het Nederlands elftal is deel van zijn karakter, van zijn identiteit geworden. Er zijn geen grote monumenten, geen grote schrijvers en Nederland is geen grote speler in de Europese Unie of bij de VN. We moeten het hebben van handel, bescheidenheid en een gelukje.

Toch vinden we onszelf heel bijzonder. Juist omdat we zo klein zijn en toch zo succesvol. Net als het Nederlands elftal. Oranje is ons leger, diplomatieke post, schilderkunst, filosofie en tijdverdrijf ineen. Het moet alles compenseren waar het dit land aan ontbreekt.

Vandaar ook de totale fixatie die plaats vindt wanneer het elftal zich plaats voor een toernooi. Eindelijk worden we gezien door de wereld. De concentratie bereikt hysterische gradaties. Na een overwinning worden uitvoerig buitenlandse kranten geciteerd over wat zij van ons vonden. We hebben de ander nodig om ontroerd te raken.

De Duitsers zijn bang, de Engelsen onder de indruk, de Fransen jaloers: jongens pak je zakdoek, eindelijk aandacht! Hele straten kleuren oranje; huisvrouwen kopen in oranje kleding voedsel dat een oranje kleurtje draagt.

Een vreemd wezen, de Nederlandse supporter: hij eist een vijfgangen menu maar zal het broodje kaas dat hij al die tijd te eten heeft gekregen, niet afslaan, hopend op betere tijden.

Afgelopen maandag werden ze voor hun discipline beloond. Met hun trommels, obsessie met de kleur oranje en losse, relaxte omgang tonen ze hun loyaliteit. Ze zweten supportersplezier. Een belofte werd in Bern ingelost. Het was meer dan een vijfgangen diner; het was manna.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden