ColumnAaf Brandt Corstius

Allerlei emoties bekropen mij uit die tijd dat ik zelf een tienling had, of in ieder geval twee baby’s

null Beeld

Vlak voordat ik zaterdagavond naar de bioscoop ging, overviel me een oud maar bekend gevoel: ik had eigenlijk geen zin om mijn huis te verlaten. Met dat gevoel maakte ik onmiddellijk korte metten. Wie had er al anderhalf jaar zin om haar huis te verlaten? En naar de bioscoop te gaan? Nou? Nou?

Dus op de fiets en naar een documentaire over een varken. Slutty summer was aan!

‘Lengte: 1 uur en 33 minuten’, stond er in de omschrijving van de film Gunda. ‘Taal: geknor en geloei.’

De regisseur was een Rus die Viktor Kossakovsky heet, de hoofdpersoon een zeug genaamd Gunda. De twee mannen op de rij achter me waren ook een beetje ongerust over wat ze uit de Filmladder hadden geplukt. ‘Hij is ook nog zwart-wit,’ las de een op zijn telefoon. ‘Jezus...’, zei de ander.

Vervolgens keken we 1 uur en 33 minuten naar Gunda. Gunda in haar hok, met haar tien biggetjes. Overal in dat hok waren camera’s opgehangen, ik snapte ook niet hoe Viktor Kossakovsky dat had gedaan, want het waren niet van die korrelige camera’s die Natuurmonumenten bij uilennesten ophangt, maar de scherpste camera’s van de wereld, die vastlegden hoe de invallende zon door het doorschijnende oortje van een biggetje scheen.

De biggetjes werden geboren, ze wroetten, ze dronken, Gunda lag op haar zij en liet het allemaal maar gebeuren. Al greep ze soms hardpotig in – ik ga niet zeggen hoe, want ook over een varkensdocumentaire kun je ernstige spoilers weggeven.

De varkentjes werden groter, ze liepen met Gunda over het erf en ze wilden nog steeds uit haar vele tepels drinken. Daar had ze niet altijd evenveel zin in, dus dan schopte ze ze weg, maar in het volgende shot lag Gunda dan toch maar weer op haar imposante zij, met haar tienling aan haar nog veel imposantere uiers. Goeiige Gunda.

‘Meditatief’, heet zo’n film dan, maar ik vond hem nogal herkenbaar. Allerlei emoties bekropen mij uit die tijd dat ik zelf een tienling had, of in ieder geval twee baby’s, en me regelmatig een Gunda voelde die, omgekieperd en al, de hele dag werd belaagd door haar kinderen.

Soms was ik ook echt een Gunda – in die babyjaren ging ik op het strand altijd als een menselijke dijk in de branding liggen, zodat mijn kinderen veilig in het water konden spelen.

Ik ben Gunda, we zijn allemaal Gunda, we ploeteren en snuffelen maar wat rond, en soms vinden we een ander, of een paar anderen, aan wie we op onhandige manier onze liefde kunnen tonen door onze snuiten tegen elkaar aan te drukken.

Het eind vertel ik niet: spoilers.

Toch maar weer vegetariër proberen te worden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden