Opinie The Big Picture

Alleen de Afghanen mogen zeggen dat hun verkiezingen nergens toe leiden

Verslag doen van de presidentsverkiezingen in Afghanistan – vandaag vinden ze weer eens plaats – is een merkwaardige ervaring. Ik was erbij in 2009 en in 2014, en beide keren ­leken er twee werkelijkheden te bestaan.

De eerste werkelijkheid was die van het aanstekelijke enthousiasme van de gewone Afghanen, vooral in de grote steden, voor hun prille democratie. Uren stonden ze in de rij, meestal in de hitte, soms in de regen, om hun stem te kunnen uitbrengen. In die omstandigheden zou in Nederland het opkomstpercentage vermoedelijk tot onder de 10 procent zijn gezakt. In Afghanistan was het bijna 60 procent.

‘Dit is ons recht’, zei de 48-jarige Hedat Mardanzai, die samen met zijn kleinzoontje Ali zijn stem uitbracht in de Zarghona High School in Kabul. ‘Ik ben oud geworden in 35 jaar burgeroorlog. Het is mooi geweest.’

‘Ik was echt opgewonden’, zei de 25-jarige lerares Engels Maryam Afsal. ‘Als jong lid van de samenleving voel ik me verantwoordelijk. Ik hoop dat onze nieuwe president veel zal doen aan vrouwenrechten, onderwijs en het uitbannen van huiselijk geweld.’

Verkiezingen als feest van de democratie.

De tweede werkelijkheid was die van de adembenemende fraude. Uit het hele land kwamen de meest absurde meldingen van gesjoemel. In 2009 had de provincie Nuristan 443 duizend personen in het kiesregister staan – op een bevolking van 130 duizend. Een leraar in Pul-i-Charkhi trof, toen hij ’s ochtends vroeg als voorzitter het stembureau kwam openen, alle twaalf stembussen al gevuld aan. Toen hij bezwaar maakte, werd hij een dagje opgesloten door mannetjes van een lokale warlord, aanhanger van de in 2009 herkozen president Hamid Karzai.

Vijf jaar later was het niet veel beter. Thijs Berman, hoofd van de Europese waarnemers, zei na de tweede ronde dat door de onwaarschijnlijk grote fraude ‘nooit duidelijk zal worden wie de winnaar was’. Presidentskandidaat Ashraf Ghani had het toen onder druk van de VS al op een akkoordje ­gegooid met zijn tegenstander, Abdullah Abdullah. De eerste werd president, de ander chief executive, een soort premier.

Verkiezingen als uitvaartplechtigheid van de ­democratie.

En dat alles in een omgeving die, laten we zeggen, niet bevorderlijk was voor het democratisch proces. Afghanistan was een straatarm, door jaren van oorlog vernield land. Corruptie tierde welig. De Taliban maakten veel provincies onveilig. De aanwezigheid van buitenlandse troepen leek meer kwaad dan goed te doen.

Op vrijdag worden de stembussen alvast uitgeladen in de ­Afghaanse stad Kandahar. Beeld Muhammad Sadiq / EPA

Is dat, anno 2019, allemaal beter geworden? Nee, eerder slechter.

Corruptie en armoede zijn als vanouds. Driekwart van de overheidsuitgaven wordt betaald door ­donoren. Intussen werpen de Amerikanen meer bommen af dan voorheen en is het aantal burgerdoden fors gestegen. Dit zonder dat het de vijand lijkt te benadelen. De Taliban zijn sterker dan ooit. De laatste weken plegen ze voortdurend zelfmoordaanslagen, ook op verkiezingsbijeenkomsten.

Ook politiek gezien is er weinig veranderd. Opnieuw is er de keus tussen Ghani en Abdullah, twee mannen die elkaar vijf jaar lang, in hun zogenaamde regering van nationale eenheid, de tent hebben uitgevochten.

Ook zullen ze – en dan vooral Ghani – weer volop frauderen. De vrees groeit, schrijft The Guardian vanuit Kabul, dat deze verkiezingen ‘de ergste ooit’ worden, ook wat betreft het geweld. De Taliban hebben weer gedreigd wijsvingers af te hakken die op het stembureau in de inkt zijn gedoopt.

Maar misschien is juist daarom het enthousiasme van de kiezers – dat door verslaggevers ter plekke ongetwijfeld weer zal worden opgetekend – zo ­aanstekelijk. Het is makkelijk om vanuit het veilige Nederland te zeggen dat het allemaal nergens toe leidt. Ook in bovenstaande alinea’s wordt die indruk gewekt. Het zijn echter alleen de Afghanen zelf die tot die conclusie mogen komen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden