opinie beledigende borden

Allah’s afbakbar is geen satire. Zwarte Cross staat bol van pijnlijke teksten

Leuk bedoeld, al die naambordjes op het Achterhoekse festival Zwarte Cross, maar verre van onschuldig, betoogt Jill Mathon.

Jolijt op festival Zwarte Crosss, vorige week. Beeld Hollandse Hoogte / Eric Brinkhorst

Afgelopen weekend had ik zin om eens even helemaal uit mijn bubbel te stappen op de Zwarte Cross. Ik ben geboren in Brabant, getogen in een kroeg en mis het in Amsterdam soms om pretentieloos te zuipen en te hossen. Toen mijn vrienden mij verrasten met het idee om naar Lichtenvoorde te rijden, zei ik meteen ja. Ik heb veel festivals gezien, voor veel festivals gewerkt, maar de Zwarte Cross miste nog altijd op mijn lijst. Al jaren bewonder ik vanaf de zijlijn de manier waarop ze van Tante Rikie een superheld maken, met kratten een ‘Krattendraal’ bouwen en een naked run-organiseren op de crossbaan.

Afgelopen weekend heb ik me er, samen met mijn vrienden, op heel wat homofobe en seksistische acties en opmerkingen na, uitstekend vermaakt. Dat sommige bezoekers dat gedrag kennelijk doodnormaal vinden is tot daaraan toe. Ik schrok vooral van de hoeveelheid bordjes met pijnlijke teksten. Het was er niet eentje die per ongeluk mis was, het waren er een heleboel. De discussie wordt nu vooral gevoerd rondom dat ene Allah’s afbakbarbordje.

Maar er prijkte op de poort van Exoticana, een podium voor niet-westerse muziek, ook: ‘Say yes to apartigheid’. Inmiddels begrijp ik dat apartigheid ‘een paradijsvogel zijn’ betekent. Toch vraag ik me nog steeds af waarom de makers van dit festival in het denkgebied willen ­komen van apartheid − just don’t go there. Op hetzelfde dansveldje hing overigens, boven een met waxprint bekleed hek, een bord met ‘Mede mogelijk gemaakt door de VOC-mentaliteit’ en ‘Oeloe boeloe’. Iets verderop ‘Medicijnman’ – inclusief inheemse karikatuur, ‘Nog even en dit bord mag ook al niet meer’, ‘Zwarte Cross 80 procent halal’, ‘Foi, wat een apartigheid’, ‘Zwarte Cross ook veur blanken’ en ‘Aanpassen aan onze cultuur s.v.p.’. Iedereen met een gezond boerenverstand snapt dat stereotyperende en naar het slavernijverleden riekende teksten niet oké zijn. Het maakt hierbij niks uit of je uit de Randstad of de Achterhoek komt.

Activisten

Even terug naar het Allah’s afbakbarbordje. In zijn Volkskrant-commentaar stelt Peter Giesen dat het al jaren werd gebruikt, maar pas nu werd ontdekt door moslim-activisten, die er op sociale media meteen een kwestie van maakten. Is dat een legitieme reden om te stellen dat het niet problematisch is? Volgens mij weten we nu meer dan tien jaar geleden.

De activisten worden ervan beschuldigd ‘er meteen een kwestie van te maken’, maar tegelijkertijd erkent het commentaar dat er sprake is van de discriminatie van minderheden. En dat dit ‘krachtig bestreden’ moet worden. Waarom wordt dan niet de organisatie van het festival op de vingers getikt, in plaats van de activisten? Op een festijn van voornamelijk witte bezoekers klopt zo’n bord gewoon niet.

Nog een argument dat geen hout snijdt: namelijk dat over katholisme en protestantisme wel grappen gemaakt kunnen worden. Dat mag zo zijn, maar katholieken en protestanten vormen geen minderheid in ons land. In Nederland word je geen baan geweigerd omdat je een naam hebt die verklapt dat je wellicht christen bent en haalt de douane op Schiphol je niet vaker uit de rij omdat je een kruisje om je nekt draagt.

Hier gebeurt iets anders: namelijk dat als een groep moslimactivisten − of willekeurig welke andere gemarginaliseerde groep − hun kop boven het maaiveld uitsteekt, ze bewust of niet meteen weer in een minderwaardige positie worden geduwd. Want stel je voor dat ze beter worden dan wij, witte Nederlanders.

Betrokken

Het allergekste van dit hele verhaal vind ik misschien nog wel dat de Zwarte Cross zich profileert als maatschappelijk betrokken. Een plek waar, zoals ze dat zelf omschrijven, ‘pertinent geen plek is voor racisme, discriminatie en respectloos gedrag’. Een festival voor iedereen dus.

Als je met zo’n grote verantwoordelijkheid toch besluit beledigende borden op te hangen en dat af te doen als ‘dit is gewoon humor’, dan snap je niet waar je voor staat. Laten we hopen dat na de huidige identiteitscrisis van de organisatie van het festival de eerste stap wordt gezet naar oprechte verandering.

Jill Mathon is copywriter bij een reclame­bureau.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden