lezersbrieven 1 april 2019

Alkmaarse kaasjongens, het Holocaust Namenmonument en de raadsels rondom Patiënt P

De ingezonden lezersbrieven van maandag 1 april.

De politie zoekt samen met vrijwilligers naar Anne Faber. Beeld ANP

 Brief van de dag: De Raadsels rondom Patiënt P.

Gedetineerde Michael P. werd vanwege een gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van de geestvermogens naar een psychiatrisch ziekenhuis overgebracht, conform de Penitentiaire beginselenwet. Zoiets gebeurt behandeltechnisch gezien op vrijwillige basis.

Vrijwillig is echter niet vrijblijvend. Er moet een voor het recidivegevaar relevante behandeling zijn of komen. Voor die behandeling geldt de Wet op de geneeskundige behandelovereenkomst (WGBO). De Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst stelt dat de patiënt de hulpverlener naar beste weten de inlichtingen en de medewerking geeft die deze redelijkerwijs voor het uitvoeren van de overeenkomst behoeft.

Patiënt P. gaf te kennen dat hij deze plicht niet wilde nakomen voor zijn zedendelict. Het is een raadsel waarom de behandelaar en andere partijen geen breekpunt hebben gemaakt van die houding.

Daarnaast zijn dit geen details die je voor de opvolgend behandelaar geheim kunt houden door te spreken van een modelpatiënt. Waarom zou je dat als behandelaar, maar ook als collega willen doen?

Valentijn Holländer, psychiater, Amsterdam

Alkmaarse kaasjongens

Soms word ik moe van domheid. Zoals het interview met Melanie Goudsblom van Alkmaar Marketing (Ten eerste, 30 maart) bij de eerste Kaasmarkt in Alkmaar van het seizoen: ‘We waren in eerste instantie alleen op zoek naar kaasmeisjes, maar vorig jaar solliciteerden er ook ineens jongens. We dachten: mannen vinden het leuk om met de kaasmeisjes op de foto te gaan, dan vinden vrouwen het vast ook leuk om naast een kaasjongen te staan.’

Goudsblom vergeet dat kaasmeisjes en kaasjongens met iedereen op de foto mogen en willen, man en vrouw, en vanaf deze Kaasmarkt anno 2019 is er zelfs voor elk wat wils omdat de eerste kaasjongen Bowi Jong is, en hij notabene opkomt voor lhbt+zichtbaarheid in voetbal. Bowi, doe me even een lol en stap bij de komende markt naar Goudsblom toe. Zichtbaarheid ligt dichter bij huis ditmaal. In Alkmaar. Op de Kaasmarkt.

Bamber Delver, Alkmaar

Holocaust Namenmonument

Woensdag organiseren De Balie en ITA, Internationaal Theater Amsterdam, een gesprek met Daniel Libeskind, ontwerper van het Holocaust Namenmonument. Vooruitlopend daarop deze bijdrage, want de gemeente Amsterdam en het Auschwitz Comité hebben iedere discussie over de keuze van ontwerper en plaats weten te ontlopen. Het is een raadsel waarom het Jonas Daniel Meijerplein en het Mr. Visserplein, daar waar ook het Joods Historisch Museum is, niet serieus als locatie zijn beoordeeld. De nu beoogde situering van het Nationaal Holocaust Namenmonument op een smalle strook met constant druk autoverkeer op de Weesperstraat maakt waardig herdenken onmogelijk. Dat geldt evenzeer de megalomanie van het ontwerp van Libeskind.

Recentelijk werd in Londen een prijsvraag georganiseerd voor een monument ter nagedachtenis van Joodse en andere slachtoffers van de nazi-vervolging.

Een jury beoordeelde 92 ontwerpen, koos 10 finalisten en de winnaar. Zo hoort het ook als hoofdzakelijk de overheid de middelen verschaft. Vanwaar in Amsterdam na 74 jaar die haast? Waarom de discussie en de deskundigen mijden? Breed overleg en bezinning is nodig om tot een weloverwogen ontwerp en uitvoering te komen. Het is de bedoeling, dat het monument heel lang, heel zichtbaar is. Het moet de generaties na ons vertellen over de ramp die mensen elkaar aandeden. Laten we de moed hebben er met elkaar over te praten, het kan het resultaat alleen maar ten goede komen.

Lex Kater, Amsterdam, oud-zakelijk directeur Joods Historisch Museum

Klant in onderwijs

Verschillende schrijvers (bijvoorbeeld in Brieven, 29 maart) noemen studenten de klanten van het hoger onderwijs. Een klant is iemand die een product afneemt en ervoor betaalt. Het hoger onderwijs wordt voor het overgrote deel betaald door de samenleving. Diezelfde samenleving neemt ook de kennis van de afgestudeerden af wanneer die aan het werk gaan. Ergo, de samenleving is de belangrijkste klant van het hoger onderwijs.

Thomas de Boer, Groningen

Dag Nederlands

Bert Wagendorp geeft in de Volkskrant van 30 maart goede argumenten om het Engels als eerste taal aan te bieden op de Nederlandse universiteiten. Maar hij geeft geen antwoord op de keerzijde daarvan: de bedreiging van het Nederlands.

Zijn eigen voorbeeld van de middeleeuwse humanist Rudolf Agrigola, is wat dit betreft illustratief. In de late middeleeuwen sprak heel de provincie Groningen (oud)Fries. Dus ook Agrigola. Dat hij Latijn kon leren is te danken aan de beginnende migratie van het Nederduits in voornamelijk de stad Groningen, een geschreven taal met een ontwikkelde grammatica, die het Latijn toegankelijk maakte.

De opmars van het Nederduits (Saksisch Nederlands) via officiële stukken, handel en immigratie werd bekrachtig met de komst van de Nederduitse Groningse universiteit. Aan het eind van de 17de eeuw was het Fries in de provincie Groningen bijna volledig verdreven door het (Saksisch)Nederlands. Met het huidige Nederlands zal het zo’n vaart niet lopen, maar in de binnensteden wordt de afgelopen decennia aantoonbaar meer Engels gesproken dan voorheen.

Of we ons daar zorgen over moeten maken is een tweede.

Frank van der Heul, Den Haag

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden