column Sarah Sluimer

Afscheid moet met veel herrie en gebrul, niet dat gedweep met vervlogen tijden

Mijn zoon, 3 jaar oud en geboren in de Jordaan, nam afscheid van zijn crèche omdat hij met ons mee naar Haarlem moest verhuizen. Toen we binnenkwamen, barstten de andere kinderen direct los in een rommelig gecoördineerd afscheidslied. Daarna begon het feest. Er was diksap, hij kreeg een handgemaakte ketting om en een meisje gaf hem triomfantelijk de door de groep gefabriceerde abstracte aquarel. Zijn hartsvriend Daan zat ondertussen met een grote pet op nors voor zich uit te staren. De door ons meegebrachte rozijnen werden uitgedeeld.

Daarna was het stil. Kinderen vragen niet aan elkaar of het nieuwe huis mooi is, wat heerlijk zoveel ruimte, vast even wennen zonder kroeg om de hoek. We wilden al aanstalten maken om te vertrekken, toen mijn zoon opeens hard en kort brulde en de anderen als vanzelfsprekend zijn schreeuw beantwoordden. Heen en weer ging het, de welp die de troep verliet, de achterblijvers die hem met pijn lieten gaan. En opeens stonden de kinderen op en pakten opgeruimd hun jassen en trommels voor het volgende deel van het ritueel. In een stoet gingen we naar buiten. Zij bleven op de straathoek staan en trommelden alsof hun leven ervan afhing. Wij liepen langzaam van hen weg. ‘Dag!’ riep mijn zoon. ‘Dag!’ riepen zij. ‘Dag!’ riep hij. ‘Dag!’ riepen zij. Zo ging het minuten door, tot mijn zoon opeens met smart ‘Dag Daan!’ uitschreeuwde en ik Daan zo hard zag zwaaien dat hij om leek te vallen.

In de speeltuin om de hoek begon ik schokschouderend te snikken, terwijl mijn zoon schijnbaar onaangedaan op een trampoline hupste. Ik keek naar de scheve huizen, de oude brug op de hoek van de straat, de pizzeria waar we vaak na crechètijd iets gingen eten. In al die weken had ik stoïcijns dozen ingepakt en slechts vaag gevoeld dat er allerlei laatste keren aan me voorbijtrokken: iets drinken bij het stamcafé, de markt op zaterdag, een spekkie halen bij Max de sigarenboer. Ik had geen larmoyant laatste drankfestijn in ons huis gegeven, niet op de schouders van vrienden gehangen terwijl we de afgelopen zestien jaar opdregden. Ik zou schoon vertrekken. En nu kon ik dan toch niet meer stoppen met huilen, lelijk en overvloedig. Maar na tien minuten ebde het verdriet weg. Ik keek nog een keertje om me heen. Toen stonden we op en stapten in onze nieuwe, keurige stationcar.

En terwijl we langzaam de stad uitgleden en de ruimte tussen de huizen steeds groter werd, bedacht ik: ik wil voortaan vertrekken onder begeleiding van trommels. Niet dat gedweep met vervlogen tijden, nee. Alle geliefden op een straathoek, herrie maken. Dat is wat we zouden moeten doen, een leven lang. En vooral: brullen als een leeuw om alles wat je niet kunt zeggen als je weggaat van je oude leven. 

Sarah Sluimer vervangt in juli Aaf Brandt Corstius.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden