Opinie Provinciale verkiezingen

Afgeblazen Zuiderzeelijn verdient een nieuwe kans

Demonstranten uit de drie noordelijke provincies betogen in 2006 op het Plein in Den Haag voor aanleg van de Zuiderzeelijn. Beeld Martijn Beekman

In de ‘cirkellijn’ van staatssecretaris Van Veldhoven komt Groningen niet voor. Slecht voor het Noorden, vinden Tjeerd van Dekken en Jan-Willem van de Kolk. 

Goede bereikbaarheid van het Noorden is een voorwaarde om mee te blijven doen. Onze steden en dorpen kunnen niet zonder snelle, toegankelijke en duurzame vervoersmogelijkheden. De mobiliteitsbehoefte neemt sterk toe. Daarom wil de Partij van de Arbeid dat de Zuiderzeelijn weer op de politieke agenda komt. Met deze lijn wordt de reisduur tussen Groningen en Amsterdam aanmerkelijk teruggebracht. Beide steden bevinden zich dan op forenzenafstand van elkaar.

Staatssecretaris Stientje van Veldhoven zet in het Toekomstbeeld Openbaar Vervoer 2040 in op versterking van het spoorwegennet in Midden-Nederland. In Panorama Nederland spreekt ze over de ‘cirkellijn’. Het meest noordelijke puntje van die cirkel is Zwolle. Haar langetermijnvisie heeft grote gevolgen voor de bereikbaarheid en economische ontwikkelingen in Noord-Nederland. Van Veldhoven passeert met deze keus de provincies Drenthe en Groningen, letterlijk en figuurlijk.

Merkwaardig genoeg schijnen de noordelijke provinciebestuurders zich al te hebben neergelegd bij de strategische keuzen van dit kabinet. Zo vinden de Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen een versnelling van het traject tussen Groningen en Zwolle voldoende. Om een tijdwinst van een kwartier te halen, moeten enkele treinstations worden overgeslagen. Zo zal de intercity enkele keren per dag Assen overslaan. Een oplossing waar Drenthe begrijpelijkerwijs niet van gediend is.

De provinciebesturen nemen een afwachtende houding aan. Wellicht vindt dat zijn oorzaak in het eerdere afblazen van de Zuiderzeelijn. Het rijk waagde zich destijds niet aan de aanleg. De oorzaken waren de financieel-economische crisis die in alle hevigheid was losgebarsten en het fiasco rond de aanleg van de hogesnelheidslijn van Amsterdam naar Brussel. Het Noorden ontving ter compensatie een miljardenpakket. Tot op de dag van vandaag worden met dit geld omvangrijke infrastructurele projecten uitgevoerd. Het afblazen van de Zuiderzeelijn ligt echter alweer twaalf jaren achter ons. De recessie is gekanteld. De economie staat aan de vooravond van belangrijke veranderingen. We kunnen dus niet stilzitten en afwachten.

Drukte in de Randstad

Het lijkt wel of de naam Zuiderzeelijn niet meer hardop uitgesproken mag worden. Er zijn echter meerdere redenen om de plannen voor de snelle treinverbinding weer van stal te halen. De drukte in de Randstad neemt alleen maar toe. De bevolkingsgroei blijft stevig. De wegen raken overvol. Bovendien is de flessenhals Zwolle-Meppel veel te kwetsbaar. Om de druk op dit traject te verlichten, is het belangrijk om het Noorden via verschillende spoorlijnen te ontsluiten.

Natuurlijk speelt ook de grote klimaatopgave een rol. De CO2-emissie moet drastisch teruggebracht worden. Dat roept om forse investeringen in duurzaam openbaar vervoer. Met name gebieden met een afnemende bevolkingsdichtheid moeten kunnen blijven delen in de welvaart. We kunnen het ons simpelweg niet veroorloven dat er achterblijvende regio’s ontstaan. Daarvoor is Nederland veel te klein. De stad Groningen is een levensader naar regio’s als de Veenkoloniën, Eemsdelta, Oldambt en Het Hogeland. De aanleg van de Zuiderzeelijn is nodig om deze hele regio kansen te kunnen blijven bieden. Stad en Ommeland versterken elkaar, en dus moet de stad snel en goed bereikbaar zijn.

Een andere belangrijke reden om te investeren in een snelle treinverbinding is de gewenste versterking van de verbinding tussen Amsterdam, Groningen, Bremen, Hamburg en Scandinavië. Dat argument heeft haar geldingskracht behouden. Het investeren in een internationale, noordelijke as zou pas echt van een goede langetermijnvisie getuigen.

Het mag in Panorama Nederland niet bij de cirkellijn blijven. Andere accenten zijn nodig om tot een evenwichtiger vervoersbeleid te komen. Door de keuze voor een snelle treinverbinding naar Noord-Nederland worden de lusten en lasten in ons land beter verdeeld. Door een goede spreiding van het vervoersnet en een optimale bereikbaarheid kan iedereen eerlijk delen in de welvaart, ook in de toekomst.

Dat geldt niet alleen voor de stadjers, maar voor alle Drenten en Groningers.

Tjeerd van Dekken en Jan-Willem van de Kolk zijn lijsttrekker en kandidaat van de Partij van de Arbeid bij de komende provinciale statenverkiezingen in Groningen.

Aanvullingen & verbeteringen

In een eerdere versie van dit artikel werd het plan Toekomstbeeld Openbaar Vervoer 2040 toegeschreven aan minister Cora van Nieuwenhuizen. Het plan is echter van de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, Stientje van Veldhoven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden