Aaf stond op het balkon van het Paleis op de Dam en dacht; met zó'n balkon wil toch niemand Koning zijn?

Het paleis op de Dam is maar een paar dagen per dag open, dus toen het deze week open was, sleepte ik mijn kinderen erheen. In de rij bij de garderobe vroeg mijn zoon wat er gebeurde als iemand geen koning wilde worden. ‘Dan wordt zijn broer of zus het.’ En als die het niet wilden? ‘Zijn neef of nicht.’ En als die het niet wilden? ‘Zijn achterneef of achternicht.’ En als die het niet wilden? ‘Er is altijd iemand die het wil’, zei ik stellig.

Zoals iedere ouder die haar kinderen meesleept naar iets museumachtigs, ging ik in de overdrive van hoe leuk het allemaal wel niet was, en hoorde ik mezelf, hardcore antimonarchist, steeds dingen roepen als: ‘KIJK! EN WIE ZIJN DAT OP DIE FOTO? WILLEM-ALEXANDER EN MAXIMA! MOOIE JURK!’ en ‘Het nieuwe koninklijke servies, wat mooi, wat interessant!’ en ‘Wát een statige gang!’

Ja, het woord statig viel veel.

De gangen zíjn ook statig, maar de kamers vallen tegen. Klein, bedompt. Je ziet er aan af dat het vroeger een stadhuis was. Dat je in de rekenkamer slaapt. En dat als koning. Dat kan eigenlijk niet.

Het boeiendst vond ik het balkonnetje. Het balkonnetje waarvanaf Beatrix, Willem-Alexander en al die arme zielen voor ze stonden te zwaaien als ze gekroond waren. Je kon er als bezoeker niet op staan, maar je kon door het raam achter het balkonnetje naar buiten kijken. Hier, bij dat raam, hadden vele Oranjes kettingrokend klaargestaan vlak voor hun moment met het zwaaiende volk, stelde ik me voor.

Ik keek naar buiten. Naar het uitzicht. Ineens zag ik wat er mis is met de Dam, en dat is kort gezegd alles. Dat weet iedereen die ooit op de Dam is geweest, maar vanaf het balkonnetje zie je het ineens heel duidelijk. Te duidelijk. Het is een plein zonder vorm. Er lopen drie tramlijnen doorheen. Om het plein staan van links naar rechts de H&M, de Bijenkorf in de steigers, het Krasnapolskyhotel, Madame Tussaud’s en Peek & Cloppenburg, en alhoewel ik snap dat dat de culturele hoogtepunten zijn waarvoor miljoenen dagjesmensen naar Amsterdam komen, oogt het troosteloos. Dit alles wordt afgewisseld met hier een hotdogkraam, daar een levend standbeeld en daar weer een tros assertieve duiven, die aan de voeten van een levend standbeeld de resten van een hotdog verorberen.

Het ergste aan het balkonnetje, dat besef je pas als je er vanaf het raam erachter naar beneden kijkt, is dat het heel laag gelegen is. Op de eerste verdieping. Veel te dichtbij de hotdogs en de H&M. Veel te dicht bij de mensen. Eerbiedwaardig en met gepaste afstand wuiven kan niet, want er is geen afstand.

Ik vroeg me ineens af of er echt altijd iemand zou zijn die het wilde: koning zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden