Aaf kende Avicii niet, dacht ze, tot ze een documentaire over de dj keek en postuum sympathie voor hem kreeg

Ik wist al dat ik oud was, maar ik besefte weer eens goed hoe oud toen ik niet wist wie Avicii was. Zijn dood was kennelijk een grote gebeurtenis, met overal nieuwsberichten en napraten bij Pauw met dj’s en Joop van den Ende. Ik had geen idee wie hij was.

Dus bekeek ik op Netflix de documentaire die de BBC over hem maakte, en toen bleek ik hem toch te kennen. Althans, ik kende zijn nummers. Ik wist gewoon niet dat ze van Avicii waren. Ik kende ze via de vakantieafspeellijsten van mijn stiefkinderen, van de achtergrondmuziek in de H&M en in cafés. Dus ik was toch niet oud. Niet zo heel oud.

Hoe meer sterren er op hun 27ste, of in Avicii’s geval op hun 28ste, doodgaan, en hoe meer oude idolen van mij overlijden aan pijnstillers, hoe meer ik ervan overtuigd raak dat er maar weinig mensen gemaakt zijn voor de roem. Eigenlijk is niemand gemaakt voor de roem, met een paar uitzonderingen van mensen die er echt van kunnen genieten. 1. Patty Brard. 2. Madonna. 3. Ome Willem. Ik denk tenminste dat zij er goed mee kunnen omgaan, want ze lachen best vaak en vooral: ze leven nog.

Het is natuurlijk triest om pas na iemands dood fan van iemand te worden, en ik ben ook niet zo dol op de muziek van Avicii, al is het van die muziek waarop je automatisch mee gaat stampen en zingen, maar ik kreeg wel heel veel sympathie voor hem tijdens die documentaire.

Jongens die dj worden zijn vaak introverte nerds. Het zijn ict’ers, maar dan met muzikaal gevoel. Die moeten ineens voor stadions vol gillende fans gaan staan en met één hand aan knopjes draaien terwijl ze met hun andere hand ritmisch zwaaien – althans, dat is wat een dj-optreden volgens mij behelst, ik heb nooit begrepen wat er verder aan te pas komt. En dat 385 keer per jaar.

Terwijl ze veel liever op hun tienerslaapkamer zouden zitten, pielend achter hun laptop, met een bord spaghetti pesto naast zich dat staat koud te worden: deze staat van zijn was de lievelingsstaat van zijn van de puber Avicii, vlak voor hij wereldberoemd werd.

En net als bij die anderen – Amy Winehouse, Prince, Michael Jackson, Whitney Houston en Gaga, die nog wel leeft – nemen daarna de managers het over en slepen je van stadion naar stadion tot je er dood bij neervalt.

‘Waar is zijn moeder nou?’, zei ik de hele documentaire lang klaaglijk. Die kreeg hij heel even aan de telefoon, richting het eind, maar toen de cameraman dat wilde filmen werd hij weggewuifd.

Avicii betekent trouwens het laagste niveau in de boeddhistische hel.

Misschien is de boeddhistische hel beter dan al die andere hellen, maar ik hoop toch dat hij beter is terechtgekomen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.