Column Chris Oostdam

‘Veel levert een 18 jaar oude auto niet meer op, maar de emotionele waarde is des te hoger’

Mijn trouwe, blauwe Lupootje is weg. Verkocht. Al een paar weken terug opgehaald door onze garage, die hem voor mij in de verkoop zou nemen. Het was op dat moment volstrekt onduidelijk of en wanneer ik ooit weer zou gaan werken en al is het geen dure auto, voor elke auto geldt dat die van stilstaan niet beter wordt.

Toen ze ermee wegreden, keek ik hem ietwat weemoedig na. Precies tien jaar daarvoor, in mei 2008, had ik hem bij dezelfde garage gekocht. Toen wij ons huis kochten, ontkwamen we niet aan een tweede auto: geen behoorlijk openbaar vervoer, te ver om te fietsen.

Mijn auto had bepaald een reputatie. Dat komt zo. De kortste weg van ons huis naar mijn werk (28 km, 5 rotondes, 1 stoplicht, 25 minuten) is eerst een stuk van een kilometer of drie over een onverharde weg door het bos naar de provinciale weg. Die weg door het bos wordt ongeveer eens in de twee jaar geëgaliseerd en wordt dan langzamerhand weer steeds slechter, met steeds meer en steeds diepere kuilen en, na regen, grote plassen waarvan de diepte zich niet goed laat inschatten. Maar als je die weg elke dag rijdt, weet je precies waar je welke kuil moet omzeilen. Dus ik liet me er niet zo gauw door afschrikken. Pas als de weg echt heel erg slecht was en je er alleen nog maar stapvoets overheen kon, vond ik het de moeite lonen om om te rijden.

Maar je auto wordt er wel vies van, heel vies. Na een tip van een collega zorgde ik ervoor dat mijn nummerbord leesbaar bleef; als dat niet zo is, kun je een fikse boete krijgen. Maar verder werd er weinig gewassen en gepoetst. ‘Je mag je auto weleens wassen’, werd er dan gezegd. ‘Waarom?’, was mijn reactie, ‘morgen ga ik weer door het bos en wordt-ie weer vies.’

De garage heeft er dus wel even werk aan om hem verkoopklaar te maken, schoon en technisch weer helemaal in orde. Als ik het bedrag hoor waarvoor mijn auto is verkocht ben ik verrast. Toch nog zo veel? Dat had ik niet verwacht. Aanzienlijk minder blij ben ik als ik de bijbehorende garagerekening onder ogen krijg; 80 procent van de verkoopprijs kan ik meteen doorstorten. En dan blijft er toch wel heel weinig over.

Ja, de economische waarde van een 18 jaar oude auto met bijna 200 duizend kilometer op de teller is niet zoveel. Dat snap ik heus wel. Het alternatief was de sloop, en dat had nog minder opgeleverd. Maar de emotionele waarde van nu juist deze auto is voor mij zoveel meer. Tien jaar lang heeft hij me dag in, dag uit van en naar het werk vervoerd. In die tien jaar heeft hij me slechts twee keer in de steek gelaten. Eén keer met een lekke band en één keer toen de ruitenwissers er midden in een hoosbui tijdens de drukke avondspits op de ring van Groningen mee ophielden. Ik zal hem missen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.