Opinie

'Steun ondernemers die voor iedereen winst willen creëren'

Wat is het grootste probleem van ons land en hoe gaan we dat oplossen? Die vragen stellen de Volkskrant en De Balie aan bijzondere denkers en doeners. Vandaag deel 5: Willemijn Verloop. Ze steunt social enterprises die ondernemen om de wereld rechtvaardiger en duurzamer te maken.

Plastic wordt gebruikt voor het opwekken van energie in Hong Kong door Ecotech Recycling Social Enterprise, foto van augustus vorig jaar. Beeld Reuters

Toen ik 17 jaar geleden mijn ideeën voor War Child ontwikkelde, werd ik vaak meewarig aangekeken. Het is waar - ik wist niet goed waaraan ik begon, maar ik had een grote droom. Een droom van vredesopbouw en psychosociale hulp aan oorlogskinderen. De aanpak was behoorlijk onconventioneel en we kregen geen overheidssubsidie, maar wel hulp van bedrijven en particulieren. En het werkte: War Child ondersteunt nu jaarlijks een miljoen kinderen in 13 landen. We bewezen het ongelijk van de sceptici.

De motivatie die ik toen had om te vechten voor oorlogskinderen wil ik nu gebruiken om mij in te zetten voor een samenleving waar rechtvaardigheid, duurzaamheid en verbondenheid vanzelfsprekend zijn. De kloof tussen zij die niets hebben en zij die in welvaart leven wordt groter. In Nederland leven meer dan 700 duizend mensen onder de armoedegrens. We vechten om schaarser wordende grondstoffen, en verkwisten ze net zo makkelijk. Zo putten we elkaar en de aarde in rap tempo uit.

Overheden en grote bedrijven blijken onvoldoende in staat oplossingen te vinden. We moeten op zoek naar ondernemers die onconventionele oplossingen voor conventionele problemen bedenken. Want ondernemers zijn bij uitstek geschikt nieuwe wegen in te slaan en tegen de stroom in te zwemmen. Ik geloof in ondernemerschap als bron van innovatie. En dan niet gewoon ondernemerschap, maar sociaal ondernemerschap: social enterprise.

Social enterprises ondernemen om de wereld te verbeteren. Het zijn ondernemingen die een dienst of product leveren waarmee mens en milieu worden gediend. Financiële doelstellingen staan bij de social enterprise in dienst van de maatschappelijke missie. Zonder een financieel gezond bedrijf kan het sociale doel immers niet gerealiseerd worden. Social enterprises bewijzen dat maatschappelijke winst hand in hand kan gaan met financiële winst.

Nederland heeft naar schatting maar zo'n drieduizend sociale ondernemingen. Die doen geweldig werk, maar ze blijven vaak klein en worden niet erkend. Vijf barrières remmen een snelle groei van social enterprises in Nederland af: hun onbekendheid, hun ongewone businessmodel, hun gebrek aan zakelijk talent, hun gebrekkige toegang tot kapitaal en het overheidsbeleid.

- Onbekend maakt onbemind. Ondernemers die de wereld willen verbeteren met een sociale missie worden in Nederland vaak niet serieus genomen. Wij denken dat een ondernemer alleen maar uit kan zijn op financiële winst.

- Het moeilijke businessmodel. Het ontwikkelen van modellen met zowel een sociale als financiële doelstelling is niet eenvoudig. Het is nu eenmaal moeilijk om een zo eerlijk, gezond en duurzaam mogelijk product te ontwikkelen. Ruim 40 procent van de social enterprises maakt de eerste drie jaar geen winst. Het model dat recht doet aan mens, milieu én markt heeft veel tijd en doorzettingsvermogen nodig.

- Gebrek aan zakelijk talent. Veel sociale ondernemers hebben een overdosis aan creativiteit en een gebrek aan ondernemerservaring. Er is sterke behoefte aan meer ervaren ondernemers die hun talenten inzetten om sociale ondernemingen te helpen doorgroeien. Ook zijn goede social-businessopleidingen nodig voor de aanwas van jong talent. Wereldwijd bieden topuniversiteiten programma's voor social enterprise, waaronder Yale, Harvard, Oxford en Insead. In Nederland is er bijna niks.

- Onvoldoende geduldig groeikapitaal. Bij banken hoef je tegenwoordig niet meer om een lening te vragen. Maar ook private investeerders zijn niet happig op social enterprises. Zij moeten geprikkeld worden om investeringen in deze bedrijven anders te benaderen, op lange termijn te denken en zich niet alleen te richten op financiële maar ook op sociale winst.

- Overheidsbeleid en wetgeving. De Nederlandse overheid schept nu geen stimulerend klimaat voor social enterprises. Zij kan zich op verschillende manieren inzetten voor steun aan eerlijke, schone, kleine ondernemers. Om te beginnen door de sector te erkennen, research en het delen van kennis te stimuleren, en door partijen die bijdragen aan sociale innovatie met elkaar te verbinden. De overheid zou de toegang tot kapitaal kunnen vergemakkelijken door particuliere investeringen te stimuleren, bijvoorbeeld via fiscale voordelen, maar ook door specifieke overheidsfondsen te creëren. Zo kan de bestaande technostarter-regeling ook voor sociale innovatie ingezet worden.

Verder kan de overheid een speciale juridische entiteit creëren, tussen bv en stichting in, die de sociale basis van de onderneming beschermt en fiscale voordelen creëert waarmee onder andere de concurrentie eerlijker wordt gemaakt. In veel landen gebeurt dat al. En de overheid kan met andere aanbestedingsregels voorrang geven aan sociale ondernemingen.

Zo werd in Engeland vorig jaar de Wet op Publieke Diensten van kracht. Die dwingt overheden en publieke organisaties om bij aanbestedingsprocedures niet alleen naar het financiële aspect te kijken, maar ook naar maatschappelijke criteria. Voor die wet er was ging het in Engeland net zoals nu bij ons: de goedkoopste kreeg het contract, niet degene die de beste oplossing biedt voor het algemeen belang.

Inmiddels heeft het Verenigd Koninrijk zo'n 65 duizend sociale ondernemingen, met een gezamenlijke omzet van 32 miljard pond. Op het Europese vasteland zette commissievoorzitter Barroso sociale innovatie vorig jaar op de agenda en riep op tot actie om social enterprises in de EU te helpen, omdat 'social enterprises niet alleen meer mensen eerlijker willen laten delen in winst, maar ook meer mensen aan werk helpen. Het zijn ondernemingen gestoeld op verantwoordelijkheid die voor de lange termijn opbrengsten willen delen.'

Hij voegde de daad bij het woord en presenteerde direct maatregelen die de Europese sociaal ondernemer moeten helpen. Prachtig initiatief. En wie probeerde het tegen te houden? Nederland! Als een van de weinige lidstaten stemde Nederland tegen een speciaal fonds voor social enterprises. Dat is onbegrijpelijk.

Het wordt hoog tijd dat Nederland meegaat in de internationaal sterk groeiende social-enterprisebeweging en koploper gaat worden.

Daarom hebben wij de organisatie Social Enterprise NL opgericht. Dat is het nationale platform dat de groeiende social-enterprisesector in Nederland verenigt en stimuleert. We maken de sector zichtbaar en helpen kapitaal, partners en netwerken te vinden, en met het aansporen van de overheid om goed consistent beleid te ontwikkelen. Wij steunen ondernemers die kansen zien waar anderen blijven piekeren.

Zo iemand is Sjoerd van der Maaden. De zoon van Sjoerd heeft een vorm van autisme, en daarmee heeft hij weinig kansen op de arbeidsmarkt. Zijn zoon is niet de enige. In Nederland zijn er 190 duizend autisten. De helft hiervan - 95 duizend - kan werken. Eenderde van die 95 duizend is hoogopgeleid. Dat wist Sjoerd. Maar wat blijkt? Slechts vijfduizend van deze hoogopgeleide autisten die kunnen en willen werken, hebben een baan. De rest zit thuis.

Sjoerd zag de geweldige potentie van hoogbegaafde autisten en begon in 2009 zijn bedrijf. Specialisterren heet het en ze werken met mensen met autisme voor het testen van computer- software. Veel hoogbegaafde autisten zijn daar extreem goed in. Specialisterren scoort 30 tot 100 procent beter dan reguliere ict-testbedrijven. Als met een ondernemende aanpak als deze die 25 duizend hoogbegaafde autisten die nog thuiszitten aan het werk konden, zou de Nederlandse overheid zo'n 780 miljoen euro per jaar besparen. Nog veel belangrijker is het positieve effect dat Specialisterren heeft op de levens van deze mensen en van hun familie.

Zo zijn er vele voorbeelden. De restaurants Fifteen, Ctaste en Freud zijn social-enterprisemodellen waar Wajongers, blinden en mensen met een psychiatrisch verleden verrukkelijk koken. Een onderneming als Tony Chocolonely introduceerde de eerste slaafvrije chocola ter wereld. En er zijn veel nieuwe initiatieven waar buren, wijken en steden hun eigen duurzame zelfredzame energievoorziening organiseren.

In Nederland kiezen elk jaar meer mensen voor eerlijke handel en eerlijke producten. Tussen 2007 en 2009 is de vraag naar fairtradeproducten met maar liefst 16 procent is gestegen. Bijna de helft van de Nederlandse huishoudens koopt eerlijk geproduceerde en verhandelde chocola, koffie en rijst. De mensen die dat niet doen, zijn niet tegen eerlijke handel, maar vinden fair-tradeprodukten te duur. Hier kan de overheid helpen. Ongezond en oneerlijk in het hoge btw-tarief. Gezond en eerlijk in het lage.

We kunnen de dingen pas veranderen als we onze gewoonten kritisch bekijken. Zet een stap terug en stel jezelf de vraag: waarom doe ik wat ik doe? Waarom willen we vasthouden aan het oude economische model. Een model waarin een gifspuitende boer goedkoper kan werken dan een biologische boer. Waarin een hamburger goedkoper is dan een glas vers sinaasappelsap. Wat is de werkelijke waarde van wat wij doen? En welke werkelijke waarde kunnen we creëren door het eens anders te doen?

Uit onderzoek blijkt dat het aantal social enterprises in Nederland de komende tien jaar drie tot vier keer zo groot wordt. Elke keer als de overheid ergens het licht uit doet, zien sociale ondernemers een kans. Ze nemen de taken over van de staat die zich op steeds meer fronten terugtrekt. Social entrepreneurs wijzen ons de weg naar oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken. Ruim 60 procent van de innovaties komt van de kleine ondernemer.

De Nederlandse politiek moet voorwaarden creëren om meer sociale innovatie mogelijk te maken. Het is een onderwerp dat absoluut niet mag ontbreken in het nieuwe regeerakkoord. En wij kunnen allemaal bijdragen aan een samenleving waar rechtvaardigheid, duurzaamheid en verbondenheid vanzelfsprekend zijn. We kunnen de ontwikkeling van social enterprises steunen. Dat kan, als ondernemer, als docent, als investeerder, en vooral als klant.

Willemijn Verloop steunt social enterprises die ondernemen om de wereld rechtvaardiger en duurzamer te maken. 'Het bedrijf Specialisterren boekt groot succes met het inzetten van hoogbegaafde autisten voor het testen van computer-software.'

Willemijn Verloop

Dit stuk is aflevering vijf van een reeks artikelen over 'mijn idee voor Nederland', van de Volkskrant en De Balie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.