Opinie

'Slachthuismanagers, stel diervriendelijke medewerkers aan'

Laat dierenwelzijn sturend zijn binnen het slachthuiswezen

Het dierenwelzijn in slachthuizen verbeter je door diervriendelijke medewerkers aan te stellen.

Protest 'Animal Rights' bij slachthuis in het Belgische Tielt. Beeld BELGA

Zodra er missstanden in slachthuizen aan het licht komen, zie je korte tijd heftige reacties in de media, zoals Roos Vonk (Opinie & Debat, 27 maart). Consumenten zijn geschokt. Frederieke Schouten van Varkens in Nood roept klokkenluiders op misstanden te melden (Economie, 28 maart). En camera's zouden in alle Nederlandse slachthuizen moeten worden opgehangen, citeert de Volkskrant op 29 maart staatssecretaris Martijn van Dam. Zullen klokkenluiders en camera's en geschokte consumenten ertoe leiden dat er geen dieren meer slecht behandeld worden in slachthuizen? Ik denk het niet: de aandacht voor dierenwelzijn is vluchtig.

Ik ben dierenarts en was tot 2016 toezichthouder in Nederlandse slachthuizen, de laatste 10 jaar als senior-inspecteur dierenwelzijn bij de Nederlandse Voedsel- en Waren Autoriteit (NVWA). Een toezichthouder is ambtenaar en wettelijk gehouden aan vertrouwelijkheid. Dat is dus niet hetzelfde als 'rapporten in de doofpot stoppen', zoals Frederieke Schouten van Varkens in Nood stelt. Bij het aantreffen van wetsovertredingen volgen als het goed is strafrechtelijke of bestuursrechtelijke maatregelen.

In Europa gelden strenge regels voor dierenwelzijn in alle slachthuizen. Dieren mogen níet geslagen worden, niet aan hun oren of staart voortgetrokken worden. Dieren die niet kunnen lopen, moeten ter plekke worden gedood. Voor het doden moeten dieren worden bedwelmd en hun moet elk vermijdbaar lijden worden bespaard. De NVWA ziet toe op de naleving. Europese inspecteurs controleren elke paar jaar in alle Europese landen de stand van zaken van dit toezicht op dierenwelzijn. Nederland krijgt in de regel een voldoende van de EU-inspecteurs. De NVWA doet het dus niet slecht, zeker niet vergeleken met veel andere landen. Maar ook staan in elk rapport op- en aanmerkingen en aanwijzingen voor verbetering.

Stress

Een goed dierenwelzijn is nastrevenswaardig. Lukt dat wel in de grote slachthuizen? Nee, dat lukt onvoldoende, het vervoer en verblijf in slachthuizen zijn beide zeer stressvol voor varkens. En varkens bedwelmen met CO2 betekent een stressvol stervensproces. Er wordt te weinig geïnvesteerd in innovatie voor betere bedwelmingsapparatuur. En ook in de stallen, waar verbeteringen makkelijker zijn door te voeren, krijgt dierenwelzijn onvoldoende prioriteit. Alleen met grote inspanning van alle betrokkenen wordt de stress bij de varkens zo klein mogelijk. En vaak wordt díe inspanning in grote slachthuizen niet geleverd.

In een slachthuis waar dieren goed behandeld worden, is het rustig (geen krijsende varkens) en er vallen geen dieren. Je ziet weinig varkens met vechtwonden (als groepen varkens die elkaar niet kennen gemengd worden, ontstaan rangordegevechten). Om dat te bereiken moeten alle betrokkenen hetzelfde beeld van dierenwelzijn hebben, plus de waarde van dierenwelzijn zó belangrijk vinden dat ze ernaar handelen én er moeten geen andere waarden zijn die dit overrulen. Op al deze drie onderdelen kan het fout gaan. Ik durf te stellen dat als een slachthuismanager dierenwelzijn écht belangrijk vindt de kans dat dieren in zijn slachthuis slecht behandeld worden heel klein wordt.

Economie

De waarde dierenwelzijn delft echter vaak het onderspit ten opzichte van de waarde 'economie': een slachthuis wordt niet zo ingericht dat het voor de dieren optimaal is, dat kost immers veel geld. En personeel op de werkvloer doet vuil, zwaar en matig betaald werk, maakt lange dagen onder moeilijke omstandigheden en moet presteren, immers elk uur moeten zoveel dieren geslacht worden. Het personeel heeft een laag opleidingsniveau en wordt níet geselecteerd op diervriendelijkheid. Door de aard van het werk raakt men bedrijfsblind en afgestompt.

Daarnaast gaan veel mensen die in de vee-industrie werken, van hoog tot laag, vooral om met gelijkgestemden. Ze zijn niet kritisch ten opzichte van de wijze waarop dieren gebruikt worden in de maatschappij, staan dus loodrecht tegenover publicisten als Roos Vonk, die de vee-industrie een 'grote blinde vlek in ons land - een schandvlek' noemt. Ze gaan weinig in gesprek met dierenbeschermers en worden zo maar mondjesmaat gestimuleerd om hun ideeën en hun gedrag aan te passen.

Grote slachthuizen zijn gesloten bolwerken, slechte ervaringen met dierenactivisten hebben dat nog versterkt. Nederland is een handelsnatie en vlees is een groot exportproduct. Er is een voortdurende neerwaartse druk op de kosten, zo kunnen we blijven meetellen op de internationale markt. Goed dierenwelzijn betekent een kostenpost waar, zo lijkt het ten onrechte, weinig 'winst' mee te behalen is.

De consument ten slotte gedraagt zich niet zoals hij zich als burger opstelt. Hoeveel consumenten vragen aan hun slager waar het vlees dat ze kopen geslacht wordt en stellen vragen over hoe diervriendelijk daar gewerkt wordt, laat staan dat ze zelf het slachthuis bellen en vragen of ze mogen komen kijken hoe er geslacht wordt? Gelukkig groeit de groep die bewust biologisch vlees eet en minder vlees eet snel. De grootste groep consumenten gaat echter nog steeds voor de kiloknallers. En de supermarkten weigeren om dat beleid te veranderen (in België mag stunten met vleesprijzen niet).

Zero-tolerance

Cameratoezicht alleen zal niet tot verbetering leiden. In Engeland traden misstanden aan het licht in een slachthuis mét cameratoezicht. Wie gaat alle beelden van de slachthuizen bekijken? Wat gebeurt er buiten beeld?

Maar ik kan zo een paar zaken opsommen die mogelijk wel helpen: slachthuismanagers, stel diervriendelijke medewerkers aan in jullie bedrijf en betaal ze goed. Stel een zero- tolerancebeleid in. Op diermishandeling volgt ontslag op staande voet. Beloon degenen die het dierenwelzijn verbeteren. Ga zelf regelmatig in je bedrijf de werkvloer op en nodig vooral consumenten en dierenbeschermers uit op de werkvloer, dus open je bolwerk. Moedig kritische vragen aan en doe er echt wat mee.

Kitty de Vries is dierenarts, ze was 20 jaar werkzaam in Nederlandse slachthuizen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.