Opinie

'Populisten monopoliseren stem van het volk'

Jan-Werner Müller over ware aard van het populisme

Wie Bernie Sanders, Jeremy Corbyn, Syriza en Podemos in de zelfde categorie plaatst als Trump, Farage, Wilders en Le Pen, heeft volgens politiek filosoof Jan-Werner Müller geen oog voor de ware aard van het populisme.

Jan-Werner Müller: 'Cameron faalde compleet bij het Brexit-referendum.' Foto Marlena Waldthausen

Jan-Werner Müller, hoogleraar politieke theorie aan Princton University in de Verenigde Staten mengt zich met zijn essay Wat is populisme in het debat over de vraag of populisten een vloek of een zegen zijn voor de democratie.

Zijn standpunt is duidelijk: populisten vormen een gevaar voor de democratie, omdat ze menen een monopolie te hebben op het vertegenwoordigen van het volk.

Eenmaal aan de macht zullen populisten politieke tegenstanders uitschakelen met het argument dat zij volksverraders zijn. Maar ook in de oppositie brengen populisten schade toe aan de instellingen van de parlementaire democratie.

Past het een wetenschapper wel actie te voeren tegen populisme?

'Het is zeker te rechtvaardigen dat wetenschappers de democratie verdedigen. Bovendien is mijn boek Wat is populisme? een essay, geen wetenschappelijke verhandeling'.

Waarom is populisme een bedreiging voor de democratie?

'Populisme is altijd antipluralistisch, welke inhoud het ook heeft. En je kunt geen democratie hebben zonder pluralisme.

Zelfs als populisten in de oppositie blijven, zeggen ze dat ze niet winnen omdat er een probleem is met de instituties. Trump zei van tevoren al: als Clinton wint, moet de verkiezing wel vervalst zijn. In Oostenrijk zei Hofer van de FPÖ: 'Die Menschen kunnen niet verliezen, want zij vormen de meerderheid'.

Zo zaaien populisten ook in de oppositie wantrouwen in de instellingen van de democratie. Je kunt kritiek hebben op het stelsel, maar niet met het argument dat je per definitie had moeten winnen omdat je 'het volk' vertegenwoordigt.'

'Een ander gevolg van hun antipluralisme is dat ze altijd haat zaaien ten opzichte van minderheden. Die beschouwen ze als tweederangsburgers, ook al zijn ze staatsburgers, die eigenlijk niet mee zouden mogen doen in het politieke bedrijf.'

Geert Wilders tijdens een ontmoeting met andere nationalistische politici in Koblenz, Duitsland. Foto AP

Occupy zegt 'wij zijn de 99 procent'. Zijn zij geen linkse populisten?

'Om je te kwalificeren als populist, moet je zeggen: 'wij zijn de 100 procent'. Die ene procent maakt het verschil. De Orbans, de Erdogans en de Trumps matigen zich een moreel monopolie op het vertegenwoordigen van het volk aan.'

Is links populisme überhaupt denkbaar?

'Het was in Venezuela van Chavez op een gegeven moment niet meer mogelijk om oppositie te voeren. Dan was je en verrader, een vijand van het volk. Maar het is onjuist om een symmetrie te zien tussen op rechts Trump, Marine Le Pen en Wilders en op links Podemos en Syriza. Mensen die doen dit om linkse oppositie buiten de wet te plaatsen. Podemos en Syriza zijn niet anti-Europees, zoals Wilders en Le Pen.'

Syriza zegt: 'De EU is een samenzwering van kapitalisten. Ze beelden Angela Merkel af als een nazi. Het zijn geen gezellige sociaaldemocraten, maar ex-communisten.

'Het is niet verboden om communist geweest te zijn. Er is een verschil tussen mensen die zeggen dat ze een andere Europese Unie willen, en mensen die de EU willen opblazen. Ik wil ze niet idealiseren, Syriza zei in 2015 dat 'wanneer je geen ja zou stemmen bij het referendum, je je status als patriot zou verliezen'. Op dat moment zaten ze wel dicht bij mijn definitie van populisten.'

Is het ondemocratisch om voor referenda te zijn?

'Populisten beginnen met een mythische constructie van het volk. Vandaar het beredeneren ze wat het juiste antwoord moet zijn bij een referendum. Het is niet hun bedoeling een open debat te voeren, zij weten altijd het juiste antwoord. Kijk naar het referendum van de Hongaarse premier Orban in oktober 2016 over migranten. Hij had onvoldoende mensen die gingen stemmen. Maar wat zei hij: de mensen die thuisbleven zijn de zwijgende meerderheid, die bleven thuis omdat ze het met ons eens waren. Ik denk dus niet dat populisten de ware verdedigers van de directe democratie zijn.'

Wat vond u van het Brexit-referendum?

'Een enorm falen van staatsmanschap door premier Cameron. Het was heel vreemd dat de Conservatieve partij iedereen vrij liet om voor of tegen de Brexit te zijn. Cameron had moeten zeggen: mijn kabinet is voor blijven in de EU. Als je het er niet mee eens bent, moet je ontslag nemen als minister. Nu konden Boris Johnson en Michael Gove hun opportunistische gang gaan. Partijen die zichzelf serieus nemen, maken duidelijk waar ze staan. Dat verwijt van vrijblijvendheid geldt natuurlijk ook voor Labour-leider Corbyn.'

Hoe verklaart u de opkomst van het hedendaagse populisme?

'Je moet elk land apart bekijken: er zijn hele verschillende oorzaken. De opkomst van Marine Le Pen kan je niet vergelijken met de opkomst van Trump. In het algemeen kan je wel zeggen dat er een kloof is tussen mensen die voor meer openheid zijn en mensen die bescherming zoeken. Dan komen de populisten aan boord met hun antwoord: wij doen aan identiteitspolitiek. Wij vertellen je wie er wel bij hoort en wie niet. Het is veel te simplistisch om alleen maar naar de globalisering te wijzen.'

Wat is uw strategie tegen het populisme?

Politici moeten nooit de retoriek van de populisten overnemen. Dat geldt met name voor conservatieve politici. Ik ben tegen een cordon sanitaire in de zin dat je niet met ze in debat zou moeten gaan. Want dan geef je voeding aan hun standaardverhaal dat ze worden buitengesloten.'

De Duits-Amerikaanse politiek filosoof Jan-Werner Müller (1970) was gisteren in Nederland als gast van de Mr. Hans van Mierlo Stichting, het wetenschappelijk instituut van D66. Müller maakte naam met zijn essay Was ist Populismus, dat vandaag in een Nederlandse editie verschijnt. Hij windt er geen doekjes om: hij wil het populisme, dat hij omschrijft als 'gedegenereerde democratie' niet alleen omschrijven, maar ook bestrijden. Cruciaal in zijn definitie van populisme is de pretentie van populisten dat zij het 'hele', het 'echte' volk vertegenwoordigen. Die pretentie, schrijft Müller, is vals en antidemocratisch. Voor Müller staat populisme gelijk aan illiberaal, antidemocratisch rechts-populisme. In zijn categorisering is alleen voor Hugo Chavez, de president die Venezuela naar de rand van de afgrond leidde, nog een plaatsje vrij als linkse populist. Müller polemiseert in zijn essay met politicologen die wel democratische potentie zien in populisme, zowel van rechts als van links. In zijn definitie is zelfs geen plaats voor de Amerikaanse aartsvaders van het populisme uit de jaren 1890: de People's Party.

Jan-Werner Müller, Wat is populisme? Nieuw Amsterdam; 143 pagina's; euro 14,99.