180 graden Petra Stienen

‘Om me geworteld te voelen heb ik Limburg nodig’

Oud-diplomaat, schrijver en Eerste Kamerlid voor D66 Petra Stienen (53) veranderde van mening over Limburg.

Petra Stienen: ‘Limburg is niet zo naar binnengericht als ik dacht.’ Beeld Ivo van der Bent

Oude opvatting

‘Ik wilde altijd over grenzen heen kijken om nieuwe dingen te ontdekken. Het geluk vond ik in de wijde wereld, niet in Limburg, dat kende ik wel. Toen ik opgroeide in Roermond liep ik als meisje weg om naar de andere kant van de spoorlijn te kijken. Ik had het gevoel dat ik mijn vleugels niet kon uitslaan in Limburg, ik voelde me klein gehouden door de omgeving. ‘Dink dich maar nieks’, zeiden ze daar.

‘Ik was het ook eens met de vooroordelen en denkbeelden over mijn geboorteprovincie. Dat die gesloten was, naar binnen gericht en dat je er als buitenstaander nooit bij zou horen. Ik dacht: alles gebeurt in de randstad, in het buitenland, maar hier staat alles stil. Omdat ik zelf graag weg wilde, pasten die meningen mij goed.

‘Toen ik in 1984 vertrok uit Limburg en in Leiden Arabisch studeerde, bezocht ik mijn familie nog wel af en toe maar ik voelde weinig band meer met mijn geboortegrond. Ik vond het ook raar om nog Limburgs te spreken. Als ik een vriendje meenam naar Roermond vond ik het onbeleefd van mensen dat zij Limburgs met elkaar bleven spreken en hij dus niets kon verstaan. Als student was ik vastbesloten: ik laat Limburg voor altijd achter me.’

Het kantelpunt

‘Ik werd diplomaat en ging werken op de ambassade in Caïro en in Damascus tussen 1995 en 2004. De Arabische wereld werd een spiegel. Ik zag het belang van je eigen wortels. Zo ging ik de culturele waarde van de taal waarderen. Ik dacht: het is eigenlijk raar dat ik in Libanon, in Syrië, of in Egypte de taal spreek die de mensen in de winkel spreken. Maar in Roermond ontkende ik dat de taal van mijn hart Limburgs is.

‘Toen in 2008 mijn boek Dromen van een Arabische Lente uitkwam, kreeg ik de vraag: waar kom je zelf vandaan? Mensen waren verbaasd als ik zei dat ik uit Limburg kwam. Het zette me aan het denken. Kloppen mijn beelden van Limburg nog? Ik besloot mijzelf te toetsen en na dertig jaar terug te gaan naar de Roermondse wijk waar ik ben opgegroeid, de Donderberg, een nieuwbouwwijk uit de jaren zestig. Wat ik nooit had gedacht, gebeurde: mijn beeld kantelde. Juist die zoektocht liet me zien dat de wereld inmiddels in mijn wijk woonde. Op de boekpresentatie van Terug naar de Donderberg (2018) stond Chaib de zaalvoetbaltrainer naast Hein de leraar van de lagere school, Salada en haar dochter Amal. En zag ik dat die mix van mensen juist veel dynamiek heeft.’

‘Toen ik na dertig jaar terug kwam in de Roermondse wijk waar ik ben opgegroeid, zag ik dat de wereld inmiddels in mijn wijk woont.’ Beeld Ivo van der Bent

Nieuwe opvatting

‘De wereld dichtbij heeft net zoveel bijzonders als de wereld ver weg. De verrassing zit in het onbekende van het bekende. Het is zoals Paulo Coelho schrijft in De alchemist: ‘Soms moet je een verre reis maken om te ontdekken dat de schat naast je voordeur ligt.’ Ik koester mijn wortels en weet nu: een mens kan ergens thuis zijn en tegelijkertijd ook verbindingen voelen met ergens anders. Dichtbij en ver weg zijn geïntegreerd. Morgen ga ik naar Limburg, volgende maand naar Libanon. Het hoeft geen keuze te zijn. Ik heb Limburg nodig om me geworteld te voelen in de wereld.

‘Limburg is helemaal niet zo naar binnengericht als ik dacht. De vernieuwing komt van de rand. Als je in het centrum van de macht zit – zoals Amsterdam op cultureel gebied, en Den Haag op politiek gebied – bestaat het risico dat je de regio uit het oog verliest. Ik vertel nu vol trots over de rijke historie van mijn geboorteplaats Roermond. Pierre Cuypers, de architect van het Rijksmuseum en het Centraal Station in Amsterdam, is bijvoorbeeld een Roermondenaar. De stad heeft drie premiers voortgebracht. En als ik in Maastricht rondloop voel ik me in het hart van Europa. En geniet ik er weer van om Limburgs te spreken.’

Het effect

‘Dertig jaar geleden had ik niet kunnen verzinnen dat ik er plezier in zou hebben ambassadeur voor Limburg te zijn. Tegenwoordig ben ik minimaal één week per maand in Limburg. Dat ik voorzitter zou worden van de raad van toezicht van het Bonnefantenmuseum, met dat markante gebouw van de Italiaanse architect Aldo Rossi in Maastricht, had ik nooit kunnen bedenken. Mijn ouders wisten niet echt wat een museum was en al helemaal niet wat moderne kunst is. Nu komen mijn werelden steeds vaker samen. In mei krijgt de Libanese kunstenaar Marwan Rechmaoui de Bonnefanten Award for Contemporary Art. Ik verheug me nu al dat ik de gasten kan toespreken in het Limburgs én het Libanees bij de opening van de tentoonstelling van zijn werk.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.