Opinie Klimaatverandering

'Grote en meeslepende projecten krijgen de voorkeur boven kleine en effectievere'

Minister Sigrid Kaag voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelings­samenwerking kreeg veel lof voor haar beleidsnota Investeren in perspectief die ze afgelopen vrijdag presenteerde. Toch zitten er forse lacunes in, vindt Daniëlle Hirsch. Hirsch, directeur van Both Ends dat zich inzet voor duurzaamheid in ontwikkelingslanden, schreef in het ontwikkelingsblad Vice Versa dat Kaag in haar nota met een grote boog om de belangrijkste kwestie heen loopt: ‘minder fossiel’.

Minister Sigrid Kaag in een detentiecentrum in Libië. Foto Ministerie van Buitenlandse Zaken

U ziet ook positieve punten, die maar even eerst.

‘De verdieping van vrouwenrechten, een beleid dat onder de vorige minister was ingezet. Kaag verspreidt het nu over haar hele portefeuille. Dat is heel belangrijk, want de positie van vrouwen wordt aangetast door de manier waarop we handel drijven of als we landrechten niet serieus nemen. Ze haalt ook de politieke positie van vrouwen naar voren, hun rol in besluitvorming. Dat is heel fijn. Verder legt ze bij handel en hulp de nadruk op duurzaamheid en mensenrechten en komt ze ook met concrete maatregelen.’

Daniëlle Hirsch van Both Ends Foto Stefan Hennis

Maar dan: u viel een aantal ‘stiltes’ op in de beleidsnota. Zoals?

‘Minister Kaag zegt wel dat klimaatverandering een groot probleem is, maar gaat, geheel in lijn met het kabinet, continu voorbij aan het probleem dat Nederland zelf een van de grote veroorzakers is van de uitstoot van CO2. Er gaan heel veel fondsen naar fossiele industrieën, terwijl je de prikkels juist bij hen moet weghalen, in ieder geval aan de publieke kant. Zo krijgen bedrijven die betrokken zijn bij een project voor de winning van Liquid Natural Gas in Mozambique steun, financieel en politiek. Net als bedrijven die meedoen aan het geschikt maken van Braziliaanse havens om de olie die off shore is gewonnen het land uit te krijgen. Die investeringen bestendigen nog minstens dertig jaar fossiele brandstofwinning- en gebruik.

‘Wij stoten te veel CO2 uit, in binnen- en buitenland. De Nederlandse uitstoot gaat omhoog. Wij maken met onze uitstoot ontzettend veel kapot dat we dan met ontwikkelingsgeld proberen te repareren.’

Wilt u uitleggen hoe Nederlandse vervuiling burgers in ontwikkelingslanden treft?

‘Kort door de bocht: uitstoot veroorzaakt klimaatverandering, waardoor de zeespiegel stijgt, en dan gaan wij Jakarta met baggeraars en bouwbedrijven helpen iets te doen tegen de gevolgen. Natuurlijk is het belangrijk mensen te helpen iets te doen tegen overstromingen, dat moeten we ook blijven doen. Maar de kortste weg is om de prikkels hier weg te nemen voor de fossiele industrie. Uit de Monitor Brede Welvaart bleek onlangs dat onze economie als een trein gaat, maar dat we op gebied van klimaat en milieu echt slecht presteren.

‘Nederland is bijvoorbeeld heel sterk in de grootschalige landbouw in de wereld, die sterk bijdraagt aan klimaatverandering en milieu­degradatie, zoals soja in Brazilië of palmolie in Azië. Daar investeren we in en daar verdienen we veel aan. De gevolgen daarvan worden niet ter discussie gesteld; we verdienen aan de verkeerde dingen. Terwijl we, juist omdat we sterk zijn in de landbouw, ook veel zouden kunnen veranderen. De nota zegt: we gaan anderen helpen het beter te doen. Maar niet hoe we het zelf beter gaan doen.

‘Van de 2,5 miljard die de regering uittrekt voor transitie naar duurzame economie, is ook nog eenderde voor projecten in het buitenland – maar ook daar is fossiele energie niet uitgesloten en spelen mensenrechten geen rol.’

U uit in uw artikel kritiek dat de ‘Nederlandse concurrentiepositie’ voorop staat in de nota ‘Geen woord over de gevolgen van onze manier van handeldrijven op armoede en ongelijkheid, klimaat of ecosystemen’. In een interview met de Volkskrant zei minister Kaag: ‘Waar vragen regeringen ons om? Toegang tot Nederlandse markten, kansen op werk. Daar speelt de private sector een grote rol.’

‘Mijn interesse is de handel waar andere actoren in die landen om vragen. Veel regeringen zijn autoritaire machtsstructuren. Maatschappelijke groepen vragen andere dingen, die wil Kaag ook steunen, maar dat botst. Zo zijn er hevige protesten van Indiase vrouwengroepen tegen de regering, zoals tegen de uitbreiding van de mijnbouw. Er is overal spanning tussen de bevolking en regeringen. De vraag is: waar ziet Kaag ruimte om met die regeringen toch veranderingen te creëren? En wat doe je als regeringen zich niet aan afspraken houden? Zoals de Filipijnen, waar president Duterte zich niets aantrekt van mensenrechten, maar onder die voorwaarde wel voorrang krijgt voor de afzet van zijn producten in de EU? Dan zou je de markt moeten sluiten of naleving afdwingen.’

Bent u blij met het nieuwe klimaatfonds (40 miljoen euro per jaar) van Kaag?

‘We stoppen al veel in het internationale Klimaatfonds en ik zie een mooie kans om geld te gebruiken voor innovatie en steun voor lokale initiatieven van burgers om zich te weren tegen de gevolgen van klimaatverandering. Maar ik ben bang dat het gros gaat naar de grote spelers in Nederland en elders, zoals al gebeurt bij bestaande fondsen en programma’s. Ik vrees dat grote en meeslepende projecten de voorkeur krijgen boven kleine en effectievere.’