Column Aleid Truijens

‘Gij zult zo min mogelijk verbieden’ zou het uitgangspunt van een vrije samenleving moeten zijn

Langzaam sluit zich het net om de roker. Zelfs een sigaretje paffen in de buitenlucht is er niet overal meer bij. Rotterdam krijgt mogelijk twee rookvrije straten, in de buurt van het ziekenhuis Erasmus MC, het Erasmiaans Gymnasium en de Hogeschool Rotterdam. Patiënten, scholieren en studenten moeten dan een flink eind lopen om hun verslaving te bevredigen. Veel gemeentes zijn van plan om roken op schoolpleinen, sportclubs, kinderboerderijen en in bushokjes te verbieden. In zwembaden, op stranden zelfs.

Is dat een goed idee? Als het effect heeft misschien wel. Maar waar eindigt het verbieden?

Natuurlijk is het schrijnend om als je een ziekenhuis inloopt door een haag van rokers te moeten, sommigen geketend aan hun infuuspaal. Binnen liggen patiënten met akelige ziektes die het gevolg zijn van roken. Om moedeloos van te worden.

Roken is een smerige, ongezonde en geldverslindende gewoonte. Je gaat ervan stinken, krijgt vieze tanden, slechte vaten en gaat eerder dood. Ik vind het vreselijk dat scholieren voor scholen staan te roken. Soms ook leraren en ouders: slecht voorbeeld.

Ik heb het jarenlang gedaan – begonnen op het schoolplein – en ik vond het heerlijk. Met moeite ben ik ervan af gekomen. Natuurlijk heb ik spijt van al die levensjaren die ik heb weggeblazen. Was ik maar eerder gestopt! Maar ik denk met weemoed terug aan het eenzame, genotvolle, mijmerende roken op het balkon.

Begin er nooit aan, dan ken je ook dat genot niet. Maar verbieden? De vrijheid van het individu houdt op waar het anderen kwaad berokkent. Gezondheid is je eigen verantwoordelijkheid. Net zo stom als roken is het om je klem te zuipen, je de versuffing in te blowen of je vol te proppen met slecht voedsel. Weg dus met alle verderfelijke, ongezonde zooi in de supermarkten, coffeeshops en cafés? Opdat we zullen leren?

De initiatiefnemers in Rotterdam rekenen op het ‘morele besef’ van de mensen. Ik vind dat een vreemde formulering. Is het een morele plicht om gezond te zijn en anderen daartoe te dwingen? Schop de mensen gezond? Rokers zijn stomkoppen, maar geen misdadigers.

Als het om moraal gaat zou ik zelf veel willen verbieden. Kinderen afsnauwen, slaan of verwaarlozen. Mensen discrimineren en vernederen. Dieren treiteren of slecht behandelen. Oude mensen aan hun lot overlaten. Ontrouw, leugenachtigheid, narcisme, verraad. Zou allemaal streng verboden en zwaar bestraft moeten worden, als het aan mij ligt. Gelukkig ligt het niet aan mij. ‘Gij zult zo min mogelijk verbieden’ zou het uitgangspunt van een vrije samenleving moeten zijn.

Het ideaal van een volkomen correcte, gezonde en kreukvrije gemeenschap is een illusie. Iedereen gezond, blij, oppassend, zonder ontsnapping in één slechte gewoonte, dat lukt niet. Misschien worden we stokoud, maar we zouden elkaar van verveling en chagrijn de hersens inslaan.

Zie maar eens vrijwilligers te vinden na zo’n rookverbod. De harde kern bij veel sportclubs en buurtactiviteiten zijn ouderen die er graag eentje opsteken. Op de kinderboerderij waar ik tegenwoordig vaak kom, verzorgt een oude man de dieren, steevast een peuk in de mondhoek. Hij vertelt de kinderen mooie verhalen en maakt grappen. Ze zijn dol op deze ‘opa’. Vaak zie ik er een kettingrokende vader met zijn peutertweeling. Doe dat nou niet, denk ik, je wilt ze toch zien opgroeien? Ik hoop dat hij ze thuis niet in de walm zet. Met eindeloos geduld voert hij ze langs de geiten, kippen en konijnen. Waren er maar meer van zulke vaders en opa’s, desnoods rokend. Liefde, aandacht en toewijding, dat zijn morele plichten. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.