Opinie

'De kosten van vergrijzing worden overdreven'

De oudere van straks is niet de oudere van nu. Hij blijft langer gezond en werkt tot z'n 70ste levensjaar. Met die ontwikkeling wordt onvoldoende rekening gehouden, schrijft Joop de Beer.

Ouderen wachten op vervoer na de dagbesteding in verzorgingshuis Meulenvelden. Beeld anp

Het aantal ouderen neemt de komende decennia sterk toe. Op dit moment is 17 procent van de bevolking 65 jaar of ouder. In 2050 is dat 26 procent, anderhalf keer zoveel. Betekent dit dat de premies voor AOW en zorg anderhalf keer zo hoog zullen moeten worden? Waarschijnlijk valt dit wel mee. De ouderen van de toekomst zijn namelijk niet de ouderen van nu.

Economische prognoses zijn onzeker, zelfs voor de korte termijn. Laat staan dat economen iets zinnigs kunnen zeggen over de economische groei op de langere termijn. Maar één prognose voor de lange termijn is wel heel zeker, namelijk dat de bevolking vergrijst. Demografen hebben dat al lang geleden voorspeld. Dit geeft vaak aanleiding tot sombere vooruitzichten over de stijging van de kosten van pensioenen en zorg die tot spanningen tussen generaties zouden leiden.

Tegenover elke 65-plusser staan nu bijna vier mensen van 20 tot 65 jaar die de kosten van de AOW moeten dragen. In 2050 zijn dat er twee. Zijn de jongere generaties in de toekomst bereid en in staat om die kosten te dragen?

Langer fit
Mensen worden niet alleen ouder, maar ouderen blijven ook langer fit. Op 11 juli berichtte Trouw op de voorpagina dat 90-plussers in Denemarken steeds kraniger worden: 'De negentigers van nu zijn de tachtigers van vroeger'. En op 18 juli meldde de Volkskrant dat onder ouderen in Engeland en Wales het percentage dementerenden sterk is teruggelopen. Uit Nederlandse cijfers van het CBS blijkt dat het aantal jaren dat mannen van 65 jaar of ouder zichzelf als gezond beschouwen, de laatste tien jaar met twee maanden per jaar is toegenomen. Er is alle reden om aan te nemen dat deze ontwikkelingen zich in de toekomst voortzetten.

De levensverwachting van vijftigers neemt tot 2050 met ongeveer vijf jaar toe. Als we ervan uitgaan dat niet alleen de overlijdensleeftijd vijf jaar opschuift, maar ook de leeftijd waarop ouderen gezondheidsklachten krijgen, vallen de kosten van de vergrijzing aanzienlijk mee. Een betere gezondheid is een tweesnijdend zwaard.

Aan de ene kant kunnen ouderen langer actief blijven en aan de andere kant neemt de vraag naar zorg minder toe. Bij actieve ouderen moeten we niet alleen denken aan een verhoging van de pensioenleeftijd. Ook na pensionering zijn veel ouderen nog actief, bijvoorbeeld als vrijwilliger of mantelzorger, en dit helpt om de kosten van de zorg te beperken.

2050
Als de pensioenleeftijd in 2050 vijf jaar hoger ligt dan nu, dan neemt de verhouding tussen het aantal ouderen en het aantal actieven veel minder sterk toe. Op dit moment bedraagt het aantal 65-plussers 28 procent van het aantal 20- tot 65-jarigen. In 2050 is dat 50 procent. Maar als de pensioenleeftijd wordt verhoogd tot 70 jaar, moeten we het aantal 70-plussers vergelijken met het aantal 20- tot 70-jarigen, en dat komt in 2050 uit op 36 procent. Dus een stijging met 8 procent in plaats van met 22 procent. Dat scheelt nogal wat.

Voor de kosten van de zorg geldt hetzelfde. Deze kosten nemen sterk toe met de leeftijd. Op dit moment komt het aantal 80-plussers overeen met 7 procent van het aantal 20- tot 65-jarigen. Dat is in 2050 21 procent. Als de gezondheid van ouderen niet verbetert, moeten we dus met drie keer zo hoge kosten rekening houden. Maar als de gezondheid van de 85-jarigen van de toekomst vergelijkbaar is met die van de 80-jarigen van nu (en dat is een voorzichtige schatting), dan blijkt dat het percentage 85-plussers ten opzichte van het aantal 20- tot 70-jarigen in 2050 uitkomt op 12 procent. Wel een stijging dus, maar zeker niet dramatisch.

Betekent dit nu dat de overheid achterover kan leunen en niets hoeft te doen? Nee, want het gaat niet allemaal vanzelf. Ook al willen ouderen langer werken, dan lukt dat lang niet altijd. Als ouderen hun baan verliezen, is de kans dat ze opnieuw aan de slag kunnen klein. Veel werkgevers geven de voorkeur aan jongeren. Er zijn dus maatregelen nodig om het voor werkgevers aantrekkelijker te maken oudere werknemers in dienst te houden of aan te nemen.

Medische vooruitgang
Ook het beperken van de kosten van de zorg gaat niet vanzelf. Paradoxaal genoeg neemt dankzij de medische vooruitgang het aantal mensen met chronische ziekten toe. Steeds meer ziekten worden chronisch in plaats van dodelijk. Het aantal mensen dat aan een hartaanval overlijdt, is bijvoorbeeld sterk gedaald, maar hierdoor zijn er wel meer mensen met een hartziekte. Ook is een aantal vormen van kanker minder dodelijk geworden. Zonder maatregelen leidt de medische vooruitgang tot een toename van de kosten. Het zojuist afgesloten zorgakkoord moet dus niet het laatste zijn.

Tot slot moet de overheid zoeken naar effectieve maatregelen om gezond gedrag te stimuleren. Het aantal vijftigers met ernstig overgewicht is sinds de jaren tachtig verdubbeld. Als deze stijging zich voortzet, leidt dat tot een toename van het aantal ouderen met chronische klachten. Gezonder eten en meer beweging zijn noodzakelijk om de toekomstige kosten van de zorg te beperken. Ook hier geldt: voorkomen is beter dan genezen. Als de overheid niet met de armen over elkaar zit, maar pro-actief optreedt, kunnen de kosten van de vergrijzing zeker binnen de perken worden gehouden.

Joop de Beer is verbonden aan het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut.

 
Als de overheid niet met de armen over elkaar zit, maar pro-actief optreedt, kunnen de kosten van de vergrijzing zeker binnen de perken worden gehouden
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.