Opinie

Apple maakt de adblocker mainstream, en dat is een groot probleem

Adblockers zijn al jaren in opkomst, maar nog nooit barstte de discussie zo los als in de afgelopen weken. Morgen zorgt Apple voor de genadeklap.

De Apple-winkel in Florence. Beeld getty

Vorige week kwamen er 120 jongeren langs op ons kantoor. 'Wil iedereen die een adblocker geïnstalleerd heeft z'n hand opsteken', vroeg ik. Op drie vingers na gingen alle handen de lucht in.

Toegegeven, ik had geen gemiddelde groep jongeren voor me. Allemaal zijn ze bovengemiddeld veel bezig met technologie. Maar toch, dit zijn de mensen die hun vrienden vertellen over die 'handige plugin die elke site vier keer zo snel maakt', waardoor je niet meer op die 'irritante reclame voor YouTube-video's hoeft te wachten', waardoor je direct dingen kunt lezen 'zonder allerlei advertenties weg te klikken'.

Als je eenmaal geproefd hebt van een advertentievrij internet, wil je nooit meer terug. Er zijn weinig stukjes software die zo snel viraal zijn gegaan als de adblocker. Het gaat nu om 10 tot 40 procent van de internetgebruikers, en dat aantal stijgt overal razendsnel.

Hoeveel geld lopen bedrijven mis door al die geblokte advertenties? Zo'n 22 miljard dollar dit jaar, zo werd recent becijferd.
En dat is nog maar het begin. Want dit bedrag gaat over desktopcomputers: op mobiele telefoons is het zo goed als onmogelijk om adblockers te installeren. Nog heel even.

Creepy

Morgen wordt de nieuwe versie van iOS, het besturingssysteem van iPhones en iPads, gelanceerd. Daarin mogen voor het eerst adblockers worden gedownload uit de App Store. Waarschijnlijk wordt het daarna in hoog tempo onmogelijk om nog langer via advertenties geld te verdienen aan iPhone- en iPad-gebruikers op het web. Apple maakt de adblocker mainstream.

Dat het zo ver gekomen is is niet zo gek: online advertenties zijn totaal ontspoord. Ze zijn niet alleen afleidend, en maken sites niet alleen moeilijk leesbaar. Ze zorgen ervoor dat de gemiddelde nieuwssite, vooral op mobiel, veel langzamer laadt: soms tot 6 keer langzamer, zoals deze test duidelijk maakt.

Ten slotte zijn advertenties creepy. Advertentiebedrijven zijn in de laatste jaren omgevormd tot surveillanceapparaten. Ze zijn zo alomvertegenwoordigd op het web dat ze je overal kunnen volgen, over meerdere websites. Je moet er maar naar raden hoeveel die bedrijven inmiddels kunnen opmaken uit je klikgedrag.

Kat-en-muisspel

De adblocker lost het allemaal op: een vriendelijker, schoner, sneller internet: met een klik op de knop zet je het aan. En dus is het onvermijdelijk dat steeds meer mensen er een installeren. Een gigantisch probleem voor uitgevers. Die het vaak al niet makkelijk hebben met dalende abonnee inkomsten.

Uitgevers verdienen online geld op een aantal manieren. Naast banners verdienen ze vooral geld met abonnementen (The New York Times heeft meer dan een miljoen betalende gebruikers), soms native advertising (advertenties in redactionele context), webwinkels en events. Maar in tijden van adblockers zijn er meer inkomstenbronnen nodig.

Ons bedrijf Blendle werkt eraan om microbetalingen gemeengoed te maken. Dat gaat goed: het aantal verkochte artikelen en gebruikers stijgt nog steeds. En ons experiment breidt zich deze week uit naar Duitsland: daar gaan we microbetalingen doen met meer dan honderd grote kranten en tijdschriften.

Maar of het genoeg is om de opdrogende advertentie-inkomsten te compenseren is de vraag. Uitgevers kunnen verder namelijk weinig doen tegen adblockers. Sommige proberen native advertising (advertorials), maar zelfs die worden steeds vaker geblokkeerd. Duitse tv-stations spanden een rechtszaak aan tegen de grootste adblocker, maar verloren die. Technische trucjes om adblockers om de tuin te leiden werken soms een paar dagen, maar uiteindelijk wint de adblocker dat kat-en-muisspel altijd. Tot nu toe is er maar één optie die echt werkt: ingaan op chantage van bedrijven als AdBlock Plus, dat aanbiedt advertenties door te laten in ruil voor 30 procent van de omzet. En daarmee zijn alternatieve verdienmodellen harder nodig dan ooit voor de toekomst van de journalistiek.

Alexander Klöpping is internetondernemer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.