Een ijsgrot onder de Morteratsch-gletsjer in Zwitserland
Een ijsgrot onder de Morteratsch-gletsjer in Zwitserland © EPA

Zo willen wetenschappers het smelten van gletsjers tegengaan

Het ijs met dekens bedekken moet uitkomst bieden

Als skipistes onvoldoende besneeuwd zijn, bieden sneeuwkanonnen tijdelijk uitkomst. Nu hopen wetenschappers van de Universiteit Utrecht met een soortgelijke methode complete gletsjers in de Alpen te redden - voor de lange termijn.

Wie 's zomers de Zwitserse gemeente Pontresina bezoekt, hoog in de Alpen, komt een vreemd tafereel tegen: een gletsjer die volledig is bedekt met witte dekens. En dat is niet om de gletsjer knuffelbaar te maken. De omwonenden proberen zo te voorkomen dat deze voor de wintersport essentiële gletsjer, de Diavolezza, de komende decennia volledig wegsmelt door klimaatverandering. Dankzij de isolerende werking van de dekens smelt de sneeuw eronder minder snel. Een goed idee, blijkt, want de krimp van deze relatief kleine gletsjer lijkt gestuit.

De bewoners van Pontresina zijn niet de enigen die hun gletsjers zien wegsmelten. Het probleem speelt wereldwijd en al decennia. Zo werden gletsjers in de Zwitserse Alpen tussen 2000 en 2010 elk jaar 40 tot 140 centimeter dunner, schrijven Zwitserse onderzoekers in een studie uit 2013 in het Journal of Glaciology. 'Zeker de kleine gletsjers in de Alpen zijn over een jaar of dertig wel verdwenen', zegt Walter Immerzeel, fysisch-geograaf aan de Universiteit Utrecht.

Dat is een probleem, want gletsjers houden water vast dat ze in de zomer geleidelijk vrijgeven. Hierdoor hebben rivieren als de Rijn een constante basis, legt Immerzeel uit. Valt die weg, dan wordt elektriciteitsopwekking uit stromend water, belangrijk in landen als Zwitserland, minder betrouwbaar. In de Himalaya is het smeltwater van gletsjers daarnaast een belangrijke bron voor irrigatie en drinkwater.

Smelten vertragen

Terug naar de Zwitserse gemeente Pontresina. Daar speelt nog een ander probleem door smeltende gletsjers: de bevolking verliest inkomsten wanneer skigebieden worden aangetast en toeristen wegblijven. In deze gemeente ligt namelijk ook de grotere Morteratsch-gletsjer, een toeristische trekpleister die sinds 1850 bijna 3 kilometer korter is geworden, tot ongeveer 6 kilometer nu. Die gletsjer is te groot en ruw om te bedekken met dekens. Bovendien vloeit hij, waardoor de bedekking kapot zou gaan. Is er dan geen andere manier om het smelten te vertragen?

Aan Hans Oerlemans, hoogleraar meteorologie aan de Universiteit Utrecht, en Felix Keller, glacioloog aan de Zwitserse Academia Engiadina, de taak het uit te zoeken. Na uitvoerig reken- en modelleerwerk concludeerde Oerlemans dat een sneeuwdeken het smelten van gletsjers voldoende afremt. Zo'n witte sneeuwlaag weerkaatst meer zonlicht dan de met stof en gruis bevuilde oppervlakten van de gletsjer, waardoor het ijs eronder minder smelt, is het idee. Door een vierkante kilometer aan de onderkant van de Morteratsch-gletsjer in de zomer te bedekken, zal hij na vijftien jaar 800 meter langer zijn dan zonder die bedekking, aldus Oerlemans. Of dat genoeg is om de krimp van de gletsjer helemaal tegen te gaan, is nog onzeker: dat hangt af van de snelheid waarmee het klimaat opwarmt.

Ligt het gletsjertje er aan het eind van de zomer nog, dan is de test geslaagd

Sinds april testen hij en Keller het idee met een onderzoeksteam in de Zwitserse Alpen. De groep spoot een kunstmatige gletsjer op van ongeveer 20 bij 20 meter. Op koele dagen gebruikt het team sneeuwkanonnen om de 'babygletsjer' te bedekken. Na een dag of twee begint de sneeuw te smelten, maar Oerlemans zegt sneller sneeuw te produceren dan dat die verdwijnt, waardoor het ijs de hele zomer bedekt is. Ligt het gletsjertje er aan het eind van de zomer nog, dan is de test geslaagd.

En dan? Dan kan er eventueel worden opgeschaald naar de smeltende onderkant van echte gletsjers. Dat zal echter alleen gebeuren bij gletsjers die van commercieel belang zijn, vermoedt Oerlemans. Want hoe het ook uitpakt, het is een dure oplossing. Sneeuw maken en verspreiden met traditionele sneeuwkanonnen zou te veel energie vragen. Sneeuwlansen, een soort buisvormige sneeuwverstuivers, zijn energiezuiniger, maar daarvan zouden een onrealistische twee- tot drieduizend stuks nodig zijn. Volgens Oerlemans is daarom een nieuwe technologie nodig, bijvoorbeeld een kabelbaansysteem dat een sneeuwspuiter heen en weer beweegt over de gletsjer. Als de huidige test succesvol blijkt, gaat hij onderzoeken of bedrijven en technische hogescholen een dergelijke machine willen ontwikkelen.

Voor er een werkende machine ligt, zijn we op zijn minst een jaar of vijf verder, denkt hij. Hoe duur het bedekken van gletsjers uiteindelijk wordt en of het ontwikkelen van een nieuwe machine rendabel is, valt allemaal nog niet te zeggen. 'We zitten echt nog in de aftastende fase. Voor mij is het leerproces in dit stadium het belangrijkst.'

'Sneeuw op een gletsjer leggen om te voorkomen dat hij smelt, is waarschijnlijk het beste wat je kunt proberen', zegt Daniel Farinotti, hoogleraar glaciologie aan het Zwitserse onderzoeksinstituut WSL. Zowel hij als Walter Immerzeel van de Universiteit Utrecht, beiden niet betrokken bij dit onderzoek, denkt dat het plan van Oerlemans in principe werkt. Wel zet Farinotti vraagtekens bij de bron van het benodigde water. Als er geen grote waterbron in de buurt is, bijvoorbeeld een meer, ontstaat mogelijk een sneeuw-tekort. Immerzeel ziet daarnaast een gebrek aan koude zomerdagen, die nodig zijn om sneeuw te spuiten, als een mogelijk obstakel. Uiteindelijk zijn de grootste problemen niet zozeer technisch, maar financieel, denken beide onderzoekers. Immerzeel: 'Maar ik kan me voorstellen dat deze oplossing voor een skiresort, waarin enorm veel geld omgaat, kan helpen.'