Vader van koningin Máxima overleden: was Jorge Zorreguieta een schurk of een vakman?

Postuum Jorge Zorreguieta

Jorge Zorreguieta, de vader van koningin Máxima, is gisteren op 89-jarige leeftijd in Buenos Aires overleden. Dit heeft de Rijksvoorlichtingsdienst bevestigd. Was zijn rol in het regime van Jorge Videla die van bekwaam vakman of schurk? Als zijn oudste dochter Máxima niet tegen Willem-Alexander was aangelopen, dan hadden minder mensen deze vraag gesteld.

Les één van Jorge Zorreguieta aan het land waarvan zijn dochter koningin werd: mensen die in een dictatuur een hoge functie bekleden, kun je niet generaliseren. In dictaturen zijn schurken actief, maar ook vakmannen die gewoon hun werk proberen te doen naar eer en geweten. Er zit verschil tussen de enquêteur van de staatsveiligheidsdienst die stroom zet op de geslachtsdelen van een politieke gevangene, en de hartchirurg die tijdens een dictatuur doorgaat met opereren: naar bypass-operaties is na een staatsgreep evenveel vraag als ervoor.

Een kanttekening bij deze les is dat het verschil tussen de directeur van de staatstelevisie en de minister van landbouw al een stuk minder helder is. Wie van deze twee is de schurk en wie de vakman? Zonder een groot repressief apparaat kunnen dictaturen niet bestaan. Toch lijkt het na hun ineenstorting vaak of slechts een handjevol mensen de repressie uitoefende. Dat komt doordat ex-functionarissen zich dan gaan uitgeven voor vakmannen die simpelweg hun werk deden en verder van niets wisten.

In Nederland was Jorge Zorreguieta niet zomaar één van die oud-functionarissen van de Argentijnse junta

Was Jorge Zorreguieta, de dinsdag op 89-jarige leeftijd gestorven schoonvader van de koning van Nederland, een bekwaam specialist of een besmeurd functionaris? Als de oudste dochter uit zijn tweede huwelijk niet tegen de kroonprins van Nederland was aangelopen, hadden minder mensen zich die vraag gesteld. In Argentinië lopen tot op de dag van vandaag legio mannen rond wier curriculum uit de tijd van de militaire dictatuur vragen oproept.

Zonder de partnerkeuze van zijn dochter was Zorreguieta één van die mannen gebleven die in de 20ste eeuw een repressief regime dienden, zich later beriepen op nobele motieven en een rustige oude dag beleefden zonder zich ooit te hebben hoeven verantwoorden. Omdat zijn dochter introuwde in de Nederlandse koninklijke familie, werd hij ver weg in Europa door zijn verleden ingehaald. Zoals advocate Liesbeth Zegveld - die in 2011 én 2013 namens nabestaanden van slachtoffers aangifte deed tegen Zorreguieta - het eufemistisch stelde: in Nederland was Jorge Zorreguieta niet zomaar één van die oud-functionarissen van de Argentijnse junta.

De schoonvader van Willem-Alexander, in 1928 als Jorge Horacio Zorreguieta Stefanini nabij Buenos Aires geboren in een geslacht van Baskisch-Italiaanse grootgrondbezitters, was er de man niet naar om publiekelijk uiting te geven aan ergernis of woede hierover. Maar het behoeft geen twijfel dat deze Argentijnse heer-van-stand in zijn laatste vijftien levensjaren gekrenkt is geweest door alle negatieve aandacht uit een klein land onder de zeespiegel aan de Noordzee. Wat wisten die bleke mensenrechtenadvocaten die aangifte tegen hem deden nou van de Argentijnse geschiedenis en de gevaren waartegen hij streed?

Jorge Zorreguieta was een ambitieuze en een eerzuchtige man - een bevoorrechte, succesvolle en veelgeprezen man ook, bijna een heel leven lang. Zijn politieke ideaal moet het Argentinië uit de vroege 20ste eeuw zijn geweest, de tijd van de onbelemmerde vrijhandel. Dat oude Argentinië was een van de rijkste landen ter wereld, slank en efficiënt bestuurd, een soort nachtwakersstaat. Helaas, toen Zorreguieta in het midden van de twintigste eeuw de volwassen leeftijd bereikte, was dat gouden tijdperk voorbij.

Zowel het Argentijnse leger als de Zorreguieta-familie vond Perón verwerpelijk

Economisch en politiek ging het al decennia bergafwaarts. En onder de o zo charismatische Juan Perón was de staat medio 1950 bezig als een inktvis zijn tentakels uit te slaan, het ene na het andere bedrijf werd genationaliseerd, grootgrondbezitters werden de duimschroeven aangedraaid, gigantische vakbonden maakten het allemaal nog erger dan het al was.

Perón werd een linkse Mussolini genoemd, een nationalistische socialist en een populist met een voorkeur voor een vette overheid. Zowel het Argentijnse leger als de Zorreguieta-familie vond hem verwerpelijk. Na een militaire coup in 1955 moest Perón vluchten. Maar van zijn erfenis kwam Argentinië niet meer af. De twintig jaar na zijn vlucht zagen vergaande instabiliteit. De ene na de andere zwakke regering beet zijn tanden stuk op machtige staatsbedrijven en vakbonden. Het was 'peronisme zonder Perón'. Telkens weer intervenieerde het leger.

Zorreguieta behartigde in die tijd de belangen van gealarmeerde grootgrondbezitters in de Sociedad Rural Argentina (SRA). In de vroege jaren zeventig zagen deze heren-van-stand hoe het met Argentinië van kwaad tot erger ging. Toen Perón in 1973 een terugkeer wist te forceren, waren in de steden zowel linkse guerrilla's als rechtse doodseskaders actief. Perón overleed in juli 1974 en werd opgevolgd door zijn derde vrouw Isabel. Onder haar leiding werd de chaos in Argentinië zo groot dat het onbestuurbaar werd, althans: dat oordeelde de nieuwe, in 1975 aangetreden legerleider, Jorge Videla.

Toen de militairen in maart 1976 opnieuw ingrepen om orde op zaken te stellen, besloten ze de zaken minder halfslachtig aan te pakken dan bij eerdere interventies: het land kwam nu onder direct militair bestuur. Een Nationaal Reorganisatie Proces werd afgekondigd om cellen van onruststokers, staatsgevaarlijke en destabiliserende elementen met wortel en tak uit te roeien.

Die loyaliteit was je gewoon verschuldigd

Jorge Zorreguieta

Zorreguieta's grootgrondbezitters waren, stelde oud-correspondent en ooggetuige Roel Janssen, 'de ideologische wegbereiders van het militaire regime en de belangrijkste steunpilaar in de jaren erna'. Toen Zorreguieta begin 1976 een telefoontje kreeg of hij wilde helpen bij de 'nationale reorganisatie', hoefde hij daar niet lang over na te denken. 'Die loyaliteit was je gewoon verschuldigd', zei hij daar later over.

De toen 48-jarige conservatieve heer trad aan als onderminister van landbouw. Vanaf dat moment diende hij een regime dat qua repressie en slachtofferaantallen in de Argentijnse geschiedenis zijn gelijke niet kende. Dat de militairen het begrip 'onruststoker' breed interpreteerden, bleek in 1976 meteen toen een reeks werknemers van het ministerie van Landbouw van de ene op de andere dag niet meer op hun werk verscheen. Lege bureaus van verdwenen mensen: toen Michiel Baud in 2001 op verzoek van het kabinet-Kok onderzoek deed naar de rol van Zorreguieta, concludeerde hij dat het 'ondenkbaar was dat hij niets van de praktijk van de repressie en de mensenrechtensituatie geweten zou hebben'.

In 2012 bleek uit gesprekken van oorlogsjournalist Arnold Karskens met oud-werknemers van het ministerie van Landbouw dat de leidinggevenden niet alleen maar lijdzaam hadden toegekeken. Golven van repressie werden met het ministerie gecoördineerd. Voerde de junta een werknemer af, dan kreeg zo iemand daarna een officiële ontslagbrief.

In 1979 werd Zorreguieta benoemd tot de minister en werd hij de eerste man op het ministerie. Het belangrijkste wapenfeit uit zijn politieke carrière volgde een jaar later. De Sovjet-Unie was toen Afghanistan binnengevallen en de Verenigde Staten hadden als protest daartegen een graanboycot afgekondigd. Die boycot had het sterk van Amerikaans graan afhankelijke Brezjnev-regime in het hart kunnen treffen als de nieuwe Argentijnse minister van Landbouw niet naar Moskou was afgereisd voor geheime onderhandelingen. De latere schoonvader van de Nederlandse koning, was in 1980 de architect van het Sovjet-Argentijnse graanakkoord. Het stelde de Sovjet-Unie in staat de oorlog in Afghanistan voort te zetten en leverde de Argentijnse militaire dictatuur naar schatting een miljard dollar op.

Zorreguieta ontkende officieel van repressie en verdwijningen te hebben geweten, en zou dat blijven doen

Dat Zorreguieta bekwaam was in onderhandelen in schemerzones, had hij in de zomer van 1978 al bewezen tijdens het WK voetbal, noteerde Roel Janssen. Thuisland Argentinië moest toen om de finale te bereiken met minimaal 4-0 van Peru winnen. Het won met 6-0, een zege die vrijwel zeker was bewerkstelligd met graanleveranties van Buenos Aires aan Lima. De verantwoordelijke staatssecretaris was Jorge Zorreguieta.

De Argentijnse junta hield het uit tot eind 1983. Zorreguieta was toen al uit het centrum van de politiek verdwenen en in de luwte actief als voorzitter van een adviesorgaan voor suikerproducenten. Schattingen van het aantal slachtoffers van de periode 1976-1983 beginnen bij 9000 en lopen op tot 30.000. In strafzaken van de Argentijnse justitie tegen kopstukken van de junta na 1983 kwam Zorreguieta echter nooit in beeld.

Toen in 1999 commotie ontstond in het land waaruit de nieuwe vriend van zijn dochter afkomstig bleek, reageerde Zorreguieta aanvankelijk zowel verbaasd als verontwaardigd. Hij ontkende officieel van repressie en verdwijningen te hebben geweten, en zou dat blijven doen. Dat zijn aanstaande schoonzoon hem in 2001 te hulp schoot door op een persconferentie te verwijzen naar een in de Argentijnse krant La Nación gepubliceerde brief van de hand van Videla, ondermijnde zijn geloofwaardigheid alleen maar verder. Het incident droeg paradoxaal genoeg wel bij aan de populariteit van zijn dochter, die haar verloofde redde door haar fameuze woorden 'een beetje dom' uit te spreken.

De eerste aanklacht tegen Jorge Zorreguieta werd in 2001 in Nederland namens slachtoffers van de junta ingediend door oud-diplomaat Maarten Mourik. Het Nederlandse Openbaar Ministerie achtte zich in dat jaar niet bevoegd Zorreguieta te vervolgen. Was die aanklacht voor de trotse Argentijnse oud-minister al vernederend, dat premier Kok op grond van het Baud-rapport concludeerde dat zijn aanwezigheid bij het huwelijk van Willem Alexander en Máxima hoogst ongewenst was, moet een regelrechte krenking zijn geweest.

In de jaren na het huwelijk werd het rustiger rondom zijn persoon. Zorreguieta leek zich ermee te hebben verzoend dat sommige mensen in Nederland nu eenmaal kwaad over hem spraken. En Nederlanders leken zich te hebben verzoend met feit dat deze man nu eenmaal de vader was van Máxima.

Dat deze rust bedrieglijk was, bleek toen Nederland in december 2010 het Internationale Verdrag inzake de bescherming van personen tegen verdwijning had ondertekend. In 2011 diende advocaat Liesbeth Zegveld namens de slachtoffers van de junta een nieuwe aanklacht in tegen Zorreguieta. Conform de nieuwe wetgeving, stelde Zegveld, was verdwijning een misdrijf geworden dat niet verjaart zolang de verantwoordelijken blijven ontkennen dat verdwijningen hebben plaats gevonden of weigeren informatie te verstrekken. Het Openbaar Ministerie verklaarde de aanklacht ongegrond wegens gebrek aan bewijs. Na het onderzoek van Arnold Karskens in 2012 diende Zegveld in januari 2013 een volgende aanklacht in. Het OM weigerde wederom tot vervolging over te gaan.

De dood heeft Zorreguieta voorgoed voor justitie behoed, althans de aardse. De twee aanklachten van Zegveld kostten hem wel vrijwel zeker het toegangsticket tot de inhuldiging van zijn schoonzoon.

Lees ook

Maarten Mourik voerde de strijd aan tegen Jorge Zorreguieta. In 2014 spraken we met zijn zoon Matte, die het stokje van hem overnam. 'Ik doe 's avonds ook liever iets anders dan procederen tegen de vader van onze koningin.'

Ministers van landbouw krijgen doorgaans geen grote necrologieën, maar het huwelijk van zijn dochter maakt alles anders. Argentijnse kranten benadrukken in necrologieën vooral Zorreguieta's band met Nederland.